Aly van der Mark en Tonny van Diemen zonden brieven in over hun ervaringen met overgangsklachten op hogere leeftijd, en hoe hun leed weinig serieus werd genomen. Volkskrant-lezers reageren.
Ik ben 73 jaar en heb al achttien jaar opvliegers. De overgang is hoog en breed voorbij, alleen deze klacht niet. De eerste negen jaar heb ik Femoston (hormonen) gekregen − dat was eigenlijk te lang, maar zonder kon ik niet werken. Tussendoor wel stoppogingen gedaan, maar die mislukten.
Toen ik met pensioen ging, ben ik definitief gestopt. Een gynaecoloog zei dat het dan nog vier maanden duurt voordat de opvliegers stoppen. Dat gebeurde niet. Na wat drogisterijmiddeltjes geprobeerd te hebben (wel duur, maar niet effectief), heb ik het nog negen jaar zonder iets volgehouden, met alle ellende van dien. De medische inzichten zijn nu zo gewijzigd dat ik weer terug mocht aan de Femoston. Het duurt een paar maanden voordat het goed werkt, maar dan heb je ook wat. De kwaliteit van leven is enorm verbeterd, overdag en ’s nachts. En ik slaap ik weer hele nachten (van een opvlieger word je altijd wakker, doorslapen gaat niet).
Laat u niks wijsmaken. De klachten zijn echt, ga naar een andere arts als u niet wordt geholpen, het is geen inbeelding.
Hermine Broggel, Bilthoven
Ook ik heb een volle bingokaart met overgangsklachten. Sinds chemo’s mijn opvliegers opstuwden tot Himalaya-achtige hoogte, heb ik geen normale nacht meer gehad (al leef ik door koud te douchen inmiddels in de Ardennen).
Voor mij is het gebruik van hormonen geen optie, omdat ik borstkanker heb gehad. Ik word met (anti-)hormoontherapie juist kunstmatig in de overgang gehouden. Dat geeft mij een dubbel gevoel bij de boodschap om hormonen te gebruiken om overgangsklachten te beteugelen.
Ja, onderzoek die klachten, want ze grijpen diep in op het functioneren van enorm veel vrouwen. Maar kijk ook uit! De terughoudendheid van artsen heeft een reden. Farmaceuten proberen voor hun bestaande (hormoon)medicatie een nieuwe doelgroep te vinden. Nieuwe kopers plus nieuw patent = veel geld. Het gebruik van een Mirena-spiraal tegen overgangsklachten bleek in combinatie met hormoonvervangingstherapie wel degelijk de kans op borstkanker te verhogen.
Het aantal borstkankergevallen is verdubbeld sinds 1990, en de vergrijzing kan die stijging niet volledig verklaren. Misschien wordt deze stijging wel verklaard door (hormoonverstorende) omgevingsfactoren. Misschien worden overgangsklachten zelfs wel versterkt door dezelfde hormoonverstorende mechanismen: we weten het niet.
Wat ik wel weet, is dat farmaceuten onder het mom van ‘empowerment’ veel geld kunnen verdienen aan de postmenopauzale vrouw. En ik weet, dat ik niemand borstkanker gun.
Tamara Woestenburg, Gouda
Aan Aly van der Mark, Tonny van Diemen en alle vrouwen op leeftijd die nog steeds overgangsklachten hebben, geef ik het advies een stevig gesprek te voeren met hun huisarts.
Eind 2023 is door het Europees Geneesmiddelenbureau in Amsterdam (EMA) definitief een medicijn (niet op hormonen gebaseerd) goedgekeurd en geregistreerd onder de naam Veoza. De resultaten zijn zeer positief, vraag er om bij uw huisarts! Het wordt (nog) niet vergoed door de verzekeraars. Wellicht opnieuw een teken dat het probleem door veel artsen en verzekeraars nog steeds wordt gezien als ‘een vrouwendingentje’?
Dirk van der Gouw, Velp
De ‘noodkreet’ van Aly van der Mark en Tonny van Diemen kan ik volledig onderschrijven. Ik ben 77 jaar en als ik mij niet aan mijn koolhydraatarme voedingspatroon houd, dan drijf ik ’s nachts mijn bed uit en lig ik met hartkloppingen in bed.
Sinds 2000 ben ik postmenopauzaal en vanaf dat moment nam mijn gewicht met kilo’s toe. Tijdens mijn bezoek aan familie in Amerika in datzelfde jaar las ik een boekje The Menopause Diet van Allen Spreen over voeding in de overgang.
Ik ben met de uitleg van Spreen en zijn gerichte voedingsaanpak aan de slag gegaan en de kilo’s vlogen eraf. Wat echter nog verrassender was, was dat ik ook een sterke vermindering van mijn opvliegers had. Met name de nachtelijke opvliegers kreeg ik onder controle. Ik werkte toen nog fulltime en een goede nachtrust was cruciaal voor mij.
Met deze ervaring heb ik contact gezocht met de Universiteit van Wageningen (WUR). In de daarop volgende jaren heeft de afdeling Humane voeding en Epidemiologie geprobeerd subsidie aan te vragen voor fundamenteel onderzoek. Uit vooronderzoek door de WUR was gebleken dat nergens ter wereld al onderzoek was gedaan naar de relatie tussen voeding en opvliegers.
Helaas werd geen van de ingediende onderzoeken gehonoreerd. In de daarop volgende jaren, en nu zelfs bijna 25 jaar later, blijf ik proberen aandacht te krijgen voor het verband tussen voeding en opvliegers. Het moet toch mogelijk zijn om de vrouwen die ‘levenslang’ hebben te voorzien van praktische informatie over koolhydraatarme voeding? Zodat zij zelf kunnen experimenteren met wat voor hen het beste werkt.
Weer grip krijgen op de opvliegers houd je mentaal op de been en het voedingspatroon kan het metaboolsyndroomvoorkomen. Mijn 24 jaar ervaring wil ik heel graag delen met lotgenoten.
Jakoba Gräper-Niemeijer, Borgercompagnie
Na alle verhalen over ‘de overgang’ , vertel ik graag mijn ervaring. Ik was 55 jaar toen het begon en woonde destijds in San Diego. Heftig transpireren, erg moe, ging ’s nachts naakt in de regen staan, brekende nagels en piekhaar. Ik ging naar de arts en vroeg om de hormonen progesteron en oestrogeen. Dat was geen probleem.
Terug in Rotterdam, en pas bij het consult bij een derde arts, kreeg ik de hormonen en slikte die tot mijn 74ste jaar. Een arts zei: ‘Onzin, u bent veramerikaanst!’
Ik heb veel gefietst tot mijn 90ste, geskied tot mijn 74ste en gedoken tot mijn 72ste (soms tot 80 meter diep). Nooit iets gebroken, veel energie en geen borstkanker.
Nu ik 90 jaar ben, krijg ik veel complimenten omdat ik er veel jonger uitzie.
Aan alle vrouwen zou ik willen zeggen: het is niet nodig om te lijden, en laat je niet door een arts met een kluitje in het riet sturen met vitaminen of neppillen.
Dini Wondergem, Rotterdam
Ook ik heb zoals vele vrouwen al jaren last van klachten die sprekend lijken op die van de overgang.
Inmiddels weet ik dat wat mij kwelt niet de overgang is, maar door een histamine-intolerantie komt. Door aanpassingen in voeding en leefstijl is veel verbetering mogelijk. Dus vrouwen, kijk verder dan de oorzaak ‘eeuwig durende overgang’.
Hankie Schaffers, Driebergen
Ik ben bijna 76 jaar en lijd al sinds de overgang aan opvliegers. Bij mij komen ze in een cyclus, dus zo ongeveer om de twee weken, met alle andere verschijnselen die erbij horen, te beginnen met de beroemde ‘bad hairday’ (wat niet zo erg is natuurlijk, maar dan denk ik ‘daar gaan we weer’), zere borsten, gevolgd door doodmoe zijn, depressiviteit met woedeaanvallen, ongenietbaar voor mezelf en anderen.
Dit duurt een paar dagen, de opvliegers en zweetaanvallen duren wat langer. Eigenlijk net als in mijn jonge jaren, toen ik leed onder het premenstrueel syndroom (PMS). Misschien is er een verband, misschien is het overgevoeligheid
(in mijn geval best herkenbaar). Misschien, misschien, het is en blijft een raadsel.
De huisarts wilde me geen hormoontherapie geven, bang voor een vergrote kans op borstkanker, de gynaecoloog zei: ‘Ik kan een bloedonderzoek doen en als daar niks uitkomt, kan ik verder niks voor je doen.’ Daar kwam niks uit. De neuroloog kon ook niks vinden. Uitgepraat.
Hoort het bij het vrouw zijn? Is de een er gevoeliger voor dan de ander? Of is er meer aan de hand? Ik ben nu zo’n zestig jaar bezig en prijs me gelukkig dat de klachten sinds een jaar wat milder zijn geworden. Maar het was elke keer a hell of a ride. Ik sluit me volledig aan bij de vorige briefschrijfster: doe onderzoek!
Wij zijn vast niet de enigen.
Evelyn Voortman, Amsterdam
De brief van Aly van der Mark, die zich boos maakt over het gebrek aan kennis bij zelfs dokters over opvliegers, is voor mij heel herkenbaar. Ik ben nu 72 jaar en heb ze dus nu al zo’n twintig jaar met bijbehorend negatief effect op mijn nachtrust. Je wordt er behoorlijk wanhopig van. Ik heb werkelijk alles geprobeerd, van ayurveda (een traditionele geneeswijze, red.) tot homeopathische middelen tot acupunctuur. Niks hielp.
Wat mij vooral stoort is het gebrek aan begrip bij mijn mede-vrouwen die er nogal eens badinerend over kunnen doen, terwijl er natuurlijk grote verschillen zijn per vrouw. Geldt overigens ook voor bevallingen. De een kan het kind nog net opvangen op het toilet, de ander moet urenlang persweeën doorstaan. Een beetje begrip tussen vrouwen onderling zou best fijn zijn.
Voor Aly: sinds kort gebruik ik Veoza. Een nieuw middel zonder hormonen. Ik slaap nu al een maand of drie heel goed, want geen opvliegers. Het hielp vanaf dag één! Ik ben heel blij, en tegelijkertijd als de dood dat de werking na verloop van tijd weer over gaat. Voorlopig tel ik mijn zegeningen. Het wordt helaas (nog) niet vergoed, wat best schandalig is als je bedenkt dat al die alternatieve behandelingen vaak wél vergoed worden.
Wil van Tilburg, Den Haag
Wilt u reageren? Stuur dan een opiniebijdrage (max 700 woorden) naar opinie@volkskrant.nl of een brief (maximaal 200 woorden) naar brieven@volkskrant.nl
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant