Home

Overadvisering nekt het praktijkonderwijs: ‘Wij worden onderuit gehaald’

Nu basisscholen verplicht zijn het schooladvies voor leerlingen naar boven toe bij te stellen, ziet het praktijkonderwijs het aantal aanmeldingen kelderen. Docenten en bestuurders vrezen chaos. ‘We zijn straks jarenlang het puin van een doorgeslagen experiment aan het ruimen.’

De 13-jarige Demir staat op het punt om met zijn klasgenoten ‘te gaan chillen’ aan de IJssel. Zijn veel te grote fiets wiebelt tussen zijn benen. Maar voordat hij het schoolplein verlaat, wil hij nog wat kwijt over Praktijkonderwijs Zutphen. ‘Het is echt leuk hier’, zegt hij. ‘Het is gezellig, er werken vrolijke mensen en er wordt niet gepest.’

Demir kreeg in groep 8 van de basisschool te horen dat hij het beste af zou zijn op het praktijkonderwijs. ‘Want ik ben beter met mijn handen dan met boeken.’ Op deze school leert hij koken van een professionele kok, op echte horecafornuizen. Hij trekt erop uit om plantsoenen te bewerken, mag op het pleintje achter school een heftruck besturen. En ja, hij leert zelfs hoe hij de strijkbout hanteert.

In het derde jaar moet Demir een richting kiezen. Hij weet al wat het wordt: ‘Techniek.’ In één ademteug: ‘Ik wil in de garage van mijn vader werken. Daarna wil ik architect worden, daar heb ik een zieke obsessie mee. En nu ga ik fietsen, dag mevrouw!’

Minder aanmeldingen

Nederland telt 177 scholen voor praktijkonderwijs met in totaal ongeveer 29 duizend leerlingen (3 procent van de leerlingenpopulatie). Het is een vorm van voortgezet onderwijs voor leerlingen voor wie vmbo-basis/kader net te moeilijk is. Alleen kinderen met een IQ tussen 55 en 80 die op minstens twee van de vier domeinen (begrijpend lezen, inzichtelijk rekenen, technisch lezen en spellen) een leerachterstand van drie jaar of meer hebben, worden toegelaten.

Jarenlang was er een stabiele instroom vanuit de basisscholen naar het praktijkonderwijs. Maar voor komend schooljaar zijn er gemiddeld zo’n 10 procent minder aanmeldingen, met uitschieters in Rotterdam (een afname van 24 procent), Almere (min 40 procent) en Zutphen (ongeveer min 40 procent).

Dit blijkt uit data van de Sectorraad Praktijkonderwijs, de VO-raad en de PO-Raad, belangenorganisaties in het onderwijs die enquêtes hebben uitgezet onder de scholen. De veroorzaker van de kelderende leerlingenaanmeldingen is de nieuwe doorstroomtoets in groep 8, die dit jaar in de plaats is gekomen van de aloude centrale eindtoets.

De toets laat zien hoe een leerling ervoor staat op het gebied van taal en rekenen. Een groot verschil ten opzichte van voorgaande jaren is dat scholen nu verplicht zijn om kansrijk te adviseren, oftewel: scholen moeten het advies van de leerkracht naar boven toe bijstellen als de resultaten van de doorstroomtoets hiertoe aanleiding geven. Als een leerling bijvoorbeeld als voorlopig advies vmbo-tl heeft en hij scoort bij de doorstroomtoets vmbo-tl/havo, dan moet de school dat als definitieve advies geven. Tenzij gemotiveerd kan worden waarom dit geen goed idee is.

Het ministerie hoopt hiermee de kansengelijkheid bij de overgang van het basis- naar het voortgezet onderwijs te bevorderen, nadat uit onderzoek van de Onderwijsinspectie was gebleken dat onder anderen kinderen met een migratieachtergrond of uit sociaal-zwakkere gezinnen structureel werden ondergeadviseerd. In het oude systeem was het oordeel van de leerkracht leidend, nu is dit het ‘objectievere’ toetsresultaat.

De nieuwe opzet werkt, merkte staatssecretaris van Onderwijs Mariëlle Paul dinsdag opgetogen op in een Kamerbrief over de resultaten van de doorstroomtoets. Maar liefst driekwart van de leerlingen heeft een bijgesteld advies gekregen. Komend schooljaar zullen er meer leerlingen naar het havo/vwo gaan en minder naar de beroepsgerichte leerweg van het vmbo en het praktijkonderwijs.

Het onderwijsveld is er echter niet gerust op. Daar leeft de vrees dat het effect van de doorstroomtoets de andere kant op doorslaat: die van overadvisering. Diverse docenten en schoolleiders deelden afgelopen weken hun zorgen met de Volkskrant over de aanzienlijke verschillen die zij soms zagen tussen het schooladvies (de inschatting van de leerkracht) en het toetsadvies. Zij zetten hun vraagtekens bij de betrouwbaarheid van de resultaten.

Verschuiving

Uit de doorstroomtoets rollen zogeheten ‘dakpanadviezen’: een advies bestaande uit twee niveaus. Ook leerlingen die met hun score uitkomen op het praktijkonderwijs (afgekort pro), krijgen zo’n meervoudig advies. In dit geval: pro/vmbo bbl (basisberoepsgerichte leerweg).

Het verwarrende is dat scholen in die specifieke gevallen niet kansrijk hoeven te adviseren. Het ministerie heeft hiervoor een uitzondering gemaakt.

Toch kreeg 14,6 procent van de leerlingen met een voorlopig schooladvies voor praktijkonderwijs alsnog een bijstelling naar boven, blijkt uit de brief van staatssecretaris Paul. ‘Ik krijg signalen dat scholen door ouders onder druk zouden zijn gezet om, ondanks de uitzonderingsregel, schooladviezen voor het praktijkonderwijs bij te stellen’, geeft ze als mogelijke verklaring.

Volgens Arjen Daelmans, voorzitter van Stichting Platforms vmbo, kan dit worden voorkomen door voor het praktijkonderwijs – net als voor het vwo – enkelvoudige adviezen af te geven. ‘Komend schooljaar krijgen vmbo-scholen nu dus te maken met leerlingen die voorheen naar het praktijkonderwijs zouden zijn gegaan.’

De vrees dat zij dit niveau niet aankunnen, geldt ook voor de leerlingen die naar de havo gaan en mogelijk later alsnog op het vmbo terechtkomen. Daelmans: ‘Er vindt een verschuiving in doelgroepen plaats. Dit heeft niet alleen gevolgen voor de motivatie van de leerlingen en de werkdruk voor leerkrachten, maar ook voor de organisatie van een school. Er moeten nieuwe medewerkers worden aangenomen, het rooster moet worden aangepast.’

Zij-instromers

Voor Freek Hubert, adjunct-directeur van Praktijkonderwijs Zutphen, is dit een bekend verhaal. De school heeft nu al te maken met een grote groep zij-instromers vanuit het vmbo. Het zijn er zelfs zoveel dat de school, ondanks het gekelderd aantal aanmeldingen (25 in plaats van de geraamde 42), licht groeit. Afgelopen schooljaar maakten tien vmbo-leerlingen de overstap en voor komend schooljaar staan er nu ook al tien op de lijst. ‘Dat is extreem’, zegt Hubert. ‘Ik werk al 28 jaar in het praktijkonderwijs en dit heb ik nog nooit meegemaakt.’

Vermoedelijk heeft dit te maken met een eerdere maatregel rondom kansrijk adviseren, midden in de coronatijd. De toenmalige minister van Onderwijs Arie Slob raadde scholen destijds aan om groep 8-leerlingen een ‘ruimhartig’ advies toe te kennen, om ze zo te compenseren voor de onderwijstijd die ze hadden gemist. Een paar jaar later lijkt het erop dat veel van deze leerlingen op een niveau terechtgekomen zijn dat ze niet aankunnen.

Uit cijfers van de Dienst Uitvoering Onderwijs (DUO) valt op te maken dat het aantal ‘afstromers’ zowel op de havo als het vmbo significant toenam. Van vmbo naar praktijkonderwijs steeg het aantal overstappers vorig jaar zelfs met een kwart ten opzichte van 2018.

Groepsdynamiek

Adjunct-directeur Hubert vreest dat de doorstroomtoets deze trend versterkt. Voor een relatief kleine school met ongeveer tweehonderd leerlingen, die gebaat zijn bij structuur en regelmaat, heeft de toestroom van zij-instromers grote consequenties. De klassen moeten zich telkens weer schikken naar de nieuwe groepsdynamiek. Het vervelendst is het echter voor de zij-instromers zelf, benadrukt Hubert. ‘Het gaat om leerlingen die op de basisschool al niet goed konden meekomen met rekenen en taal en die zich ‘minder’ voelden ten opzichte van hun klasgenoten. Nu vallen ze ook uit op het vmbo, waar ze worden weggerukt van hun vriendjes. Ze komen vaak boos, gefrustreerd en gedemotiveerd binnen.’

‘Het kost veel tijd om deze leerlingen weer in de leerstand te krijgen’, is ook de ervaring van Bertien Hoek, directeur van Praktijkonderwijs Almere, waar zich een vergelijkbare trend afspeelt als in Zutphen (minder aanmeldingen, meer zij-instromers). ‘Als leerlingen afstromen naar het praktijkonderwijs, dan doet dat wat met hun zelfvertrouwen. Ze hebben leer- en faalervaringen opgedaan en zijn teleurgesteld. Ook hun ouders zijn vaak teleurgesteld.’

Het doet pijn, vervolgt Hoek, om uit het kelderende aantal aanmeldingen op te maken dat het praktijkonderwijs nog altijd kampt met een imagoprobleem. Met de doorstroomtoets hebben ouders nu een middel in handen om een ‘hoger’ advies af te dwingen – wat nog altijd geldt als ‘beter’. ‘Ik baal hier verschrikkelijk van’, zegt ze. ‘Wij worden nu als onderwijsvorm onderuit gehaald en hebben hier geen enkele invloed op.’

Terwijl juist het praktijkonderwijs goed aansluit op de huidige behoeften in de maatschappij. De arbeidsmarkt staat te springen om geschoolde magazijnmedewerkers, hoveniers en kappers. De helft van de leerlingen van het praktijkonderwijs stroomt na school meteen door naar een betaalde baan. De andere helft gaat naar het mbo, om verder te leren.

Paniekaanvallen

Senna (16) wil later ‘iets met kinderen doen’, zegt ze. De leerling, een zij-instromer die sinds twee maanden op het praktijkonderwijs in Zutphen zit, is aangeschoven in de werkkamer van adjunct-directeur Hubert. Het groene schort dat ze net nog droeg tijdens het bakken van pannenkoeken ligt opgepropt op tafel.

Op haar vorige vmbo-school was ze ongelukkig, vertelt ze. ‘De lessen waren saai en de docenten waren streng.’ In het derde jaar dreigde Senna te blijven zitten. Voor meerdere vakken stond ze onvoldoende. Ze viel elke week wel een keer uit. ‘Dan kreeg ik in de ochtend paniekaanvallen en kon ik niet naar school.’

Sinds ze de overstap naar het praktijkonderwijs heeft gemaakt, zijn de paniekaanvallen verdwenen. Niet dat ze school opeens leuk vindt – ‘het blijft school hè, laat mij maar uitslapen’ – maar ze voelt zich hier beter thuis. Achteraf gezien was ze liever meteen vanuit de basisschool naar het praktijkonderwijs gegaan, zegt ze.

Datzelfde geldt voor Leroy (15), die net als Senna van het vmbo komt. Hij praat liever over auto’s (‘ik wil later gewoon een BMW’) dan over school. Schoorvoetend vertelt hij dat de theoretische vakken op het vmbo hem lastig afgingen, terwijl hij wel opbloeide in het automonteursbedrijf van zijn vader, waar hij inmiddels stage loopt. ‘Ik moest op het vmbo heel veel stilzitten en uit boeken leren’, zegt hij. ‘Dat is niets voor mij.’ Nu mag hij tenminste ‘praten tijdens de les’.

Tunnelvisie

Orthopedagoog Anneke Velthuis werkt sinds drie jaar op het Praktijkonderwijs Zutphen en ze heeft het drukker dan ooit. ‘Ze komen bij bosjes’, zegt ze, doelend op de vele zij-instromers. ‘Ik ben de hele dag met andere scholen aan het bellen om informatie op te halen en dossiers compleet te krijgen. Onze eigen leerlingen zie ik nauwelijks nog. Daar heb ik geen tijd voor.’

Om te voorkomen dat leerlingen op een niveau worden geplaatst dat ze niet aankunnen, is het volgens Velthuis van belang dat leerkrachten in groep 6 al het gesprek met ouders aangaan. ‘Helemaal als dan al duidelijk is dat er forse leerachterstanden zijn’, zegt ze. ‘Nu wordt daarmee vaak gewacht tot groep 8. Dat is veel te laat. Ouders hebben dan al bedacht naar welke school ze hun kind willen sturen, ze hebben een tunnelvisie.’ Omdat ze vaak niet bekend zijn met het praktijkonderwijs, stuit deze optie op verzet. ‘Onbekend maakt onbemind.’

Velthuis ziet op tegen de komende schooljaren. ‘Ik vrees dat we het puin moeten ruimen van een doorgeslagen experiment’, zegt ze, verwijzend naar de doorstroomtoets. Om de rust te bewaren, overweegt de school vaste instroommomenten te kiezen. ‘Maar ja, als een leerling er echt slecht aan toe is, dan ga je niet een paar maanden wachten.’

Mocht de nieuwe doorstroomtoets inderdaad leiden tot een toename van het aantal zij-instromers uit het vmbo, wordt er dan een leerlingenstop overwogen? ‘Nee’, zegt Hubert resoluut. ‘Wij zijn flexibel en moeten altijd openstaan voor een nieuw kind. Dat is ook de kracht van het praktijkonderwijs.’

Kijk, wijst hij naar het raam. Buiten springt zij-instromer Leroy bij een andere leerling op een fatbike. ‘Hij heeft al wat nieuwe vrienden gemaakt.’ Vertederd: ‘Dat is toch mooi om te zien.’

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next