Home

Misdaadnieuws als het sleutelgat waardoor we onszelf zien

Openingsshot: jonge vrouw in stampvolle metro. Airpods in de oren. Harde muziek die haar afsluit van het omgevingsgeluid. Ze verlaat de metro, stapt op een roltrap, en gaat traag omhoog, het daglicht in. Nu zoomt de camera uit. De vrouw wordt eerst een van vele krioelende hoofden, en daarna een druppel in een mensenzee, anoniem, onzichtbaar. Volgende scène: de vrouw staat in de dienstlift. Achter haar: twee collega’s, die giechelen en kletsen. Op de vijfde verdieping pingt de lift open. De vrouw duwt een schoonmaakkarretje over het dikke tapijt van wat onmogelijk iets anders dan een gang in een chic hotel kan zijn. Haar collega’s volgen treuzelend. De vrouw houdt halt voor de deur van de suite, klopt gedachteloos aan en houdt haar medewerkerskaart voor het digitale slot.

En dan de titel: De soep was nog warm.

Zo stel ik het me voor, de opening van de onvermijdelijke film over de meervoudige gifmoord die dinsdagavond werd ontdekt in een suite in het Grand Hyatt Erawan in Bangkok. Elke nieuwsbron ter wereld had er aandacht voor, en in al die berichten werd met veelzeggende details gestrooid: zes levenloze lichamen in de suite, sporen cyanide in kopjes en thermosflessen en zes onaangeroerde maaltijden op tafel (soep met garnalen, gebakken rijst en roergebakken groenten). Details als broodkruimels die je steeds verder het sprookjesbos van de waargebeurde misdaad in voeren. Het populairste podcastgenre (naast dat van zeverende BN’ers) is het uitpluizen van oude moorden. Een tiener kan geen avond zoek zijn, of Netflix serveert er een in zes gangen opgeknipt bingebacchanaal van. En journalistieke crimeboeken boemelen vanzelfsprekend de bestsellerlijsten binnen.

Over de auteur
Frank Heinen is schrijver en columnist voor de Volkskrant. Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.

Over die uitzonderlijke populariteit hebben zich de afgelopen jaren talloze schrijvers en onderzoekers het hoofd gebroken. Hoe kon true crime zo snel van de scharrige uithoeken van de cultuur naar de mainstream zijn gedreven? Als een van de mogelijke oorzaken werd vaak de meepuzzelpotentie genoemd: de mogelijkheid dat je als amateur vastgelopen onderzoeken vlot kunt trekken, dat je zelf Hercule Poirot of Lisbet Salander kunt zijn, als je maar doorzet. Voor wie wil weten hoe dat soort speurwerk met je op de loop kan gaan, raad ik de miniserie I’ll be gone in the dark aan. Voor interessante gedachten over het wezen van true crime, en de aantrekkingskracht ervan: Cassandra, van Niña Weijers.

De true crime uit het nieuws van afgelopen week bezat een hoog gehalte van de meer klassieke detective, een bedaagd, veilig, verouderd maar toch ook onverwoestbaar genre: de cyanidemoord in Thailand, de moord op een Londens stel door (lijkt het) een vakantievriend en het verhaal van een seriemoordenaar in Kenia, die in twee jaar tijd 42 vrouwen heeft omgebracht. Die laatste werd – weer zo’n detail – gearresteerd terwijl hij in een café naar de EK-finale zat te kijken. Er viel weinig mee te puzzelen, de vermoedelijke dader werd er steeds kant en klaar bij geleverd, inclusief bekentenis of mogelijk motief: zo zou de hotelgifmoord te maken hebben met een faliekant misgelopen miljoeneninvestering.

Georges Simenon zei dat de aantrekkingskracht van ieder (misdaad)verhaal – of het nou een detective is of true crime of een familieroman – is dat je door een sleutelgat kunt kijken om te controleren of andere mensen dezelfde gevoelens en instincten bezitten als jij. Je wilt weten wat de ander bezielt, omdat je wilt weten wat jou bezielt. Zou ik ook…? Werkelijk…? Nee toch…? En hoe dan…? Want het echte raadsel, het mysterie dat nooit volledig wordt opgehelderd, zijn we natuurlijk zelf.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next