Home

Genitale verminking blijft verboden in Gambia

Vrouwelijke genitale verminking blijft in Gambia bij wet verboden. De leden van het Gambiaanse parlement verwierpen maandag een wetsvoorstel waarin staat dat dit verbod zou worden opgeheven. De uitkomst van de stemming wordt gezien als een grote overwinning voor mensenrechtenactivisten.

Het besluit van de parlementsleden is een flinke ommekeer ten opzichte van een eerder besluit in maart. Toen wilde een grote Kamermeerderheid nog dat het wetsvoorstel nader werd onderzocht, en wezen zij het voorstel niet af. Op dat besluit werd bezorgd gereageerd: mensenrechtenactivisten, artsen en diplomaten waren bang dat Gambia als eerste land ter wereld een verbod op genitale verminking zou terugdraaien.

Hoe de ingreep, die in het West-Afrikaanse land sinds 2015 verboden is, precies wordt uitgevoerd, verschilt per geval. Soms wordt de clitoris gedeeltelijk of volledig weggesneden, soms worden ook de binnenste en/of buitenste schaamlippen weggehaald. In de meest extreme gevallen wordt de vaginale opening afgesloten, door deze dicht te naaien. Volgens Unicef worden, ondanks het verbod, bijna nergens ter wereld zoveel meisjes besneden als in Gambia: bijna driekwart van de meisjes en vrouwen tussen 15 en 49 jaar zijn er besneden.

Over de auteur
Joost Bastmeijer is correspondent Afrika voor de Volkskrant. Hij woont in Dakar, Senegal.

Wereldwijd gaat het naar schatting om meer dan 200 miljoen vrouwen en meisjes, veelal in Afrikaanse landen en binnen diasporagemeenschappen. De besnijdenis wordt gezien als overgangsritueel: nadat meisjes besneden zijn, worden zij door de gemeenschap als volwassen vrouw beschouwd, en kunnen zij trouwen (of uitgehuwelijkt worden).

Psychische problemen en pijn

Slachtoffers van genitale verminking kunnen te maken krijgen met chronische pijn, terugkerende infecties en problemen met plassen, menstrueren en bevallen. Ook hebben verminkte vrouwen vaak psychische problemen en pijn tijdens geslachtsgemeenschap. Volgens de Wereldgezondheidsorganisatie van de Verenigde Naties levert de ingreep geen gezondheidsvoordelen op, en is het louter schadelijk.

Toen bekend werd dat Gambia het verbod zou blijven handhaven, klonk in het parlement een bescheiden gejoel en geklap. Buiten de zaal werd het besluit uitbundiger gevierd: daar werd gedanst en omhelsden vrouwen elkaar. ‘Ik ben zo ontzettend blij voor de toekomst van Gambiaanse meisjes’, zegt vrouwenrechtenactivist Jaha Dukureh aan de telefoon vanuit Banjul. ‘We staan aan de goede kant van de geschiedenis. Ik bijna geen woorden vinden, mijn hart is gevuld met blijdschap.’

Dukureh, zelf slachtoffer van genitale verminking, richtte in 2013 Safe Hands for Girls op. Met haar organisatie strijdt ze onder meer tegen meisjesbesnijdenissen. Dat de wet gehandhaafd blijft, betekent niet dat zij haar activiteiten zal staken. ‘We zijn nog niet klaar,’ zegt ze strijdbaar. ‘Op scholen in het hele land moet onderwezen worden waarom genitale verminking schadelijk is, zodat iedereen accepteert dat dit een Gambiaanse wet is.’

‘Westers complot’

Met die laatste opmerking refereert Dukureh aan de uitlatingen van conservatieve imams en parlementsleden. Zij vinden dat het verbod van tafel moet omdat dit onderdeel zou zijn van een ‘westers complot’, dat erop uit is om Gambia westerse normen op te leggen. Zo wil parlementslid Almameh Gibba dat Gambianen hun manier van denken ‘dekoloniseren’, zei hij eerder tegen deze krant. ‘Wij willen zelf beslissen over ons eigen leven en onze cultuur en religie.’

Volgens Gibba is het besnijden van meisjes geworteld is in de islam (de religie van ongeveer 96 procent van alle Gambianen), een uitspraak die veel imams en islamitische geleerden verwerpen. Twee parlementaire commissies (van Gezondheid en Genderzaken) rapporteerden op 8 juli in een aanbevelingsrapport dat besnijdenissen gezien moeten worden als een ‘vorm van marteling’ en ‘discriminatie tegen vrouwen’. Daarop reageerde Gibba boos, meldde persbureau Reuters: volgens hem schaden de bevindingen het vertrouwen van moslims en traditionele leiders.

Abdoulie Fatty, een conservatieve imam die samen met Gibba een campagne begon om het verbod op meisjesbesnijdenis ter discussie te stellen, reageerde onderkoeld op het besluit van het Gambiaanse parlement. Volgens Fatty zijn de parlementsleden ‘geen echte moslims’ en zullen ze bij de volgende verkiezingen voor hun oordeel worden afgestraft. ‘Vrouwelijke besnijdenis zal in Gambia doorgaan’, bezwoer hij tegenover de The Washington Post. ‘Wij zijn imams. Men luistert naar ons.’

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next