Engeland staat zondag in de EK-finale tegenover Spanje. Van voetbalgekte is evenwel nog weinig te merken in Stockport, een voorstad van Manchester. Wel zijn de zogeheten ‘Stopfordians’ apetrots op hun drie zonen in de selectie: ‘Stockport staat achter jullie.’
Al 44 jaar zet Steven Speight aan de vooravond van een voetbalkampioenschap 10 pond op een Engelse eindzege, zonder ooit een penny te hebben teruggezien. ‘Zondagavond komt er hopelijk een einde aan mijn bad luck’, zegt de 57-jarige voetballiefhebber uit Stockport, een voorstad van de ultieme voetbalstad Manchester. ‘Spanje heeft een erg goed team en is favoriet, maar wij lijken dit toernooi het geluk aan onze kant te hebben.’
Speight zit thee te drinken met Graham Woodfinden, de eigenaar van Scooter Crazy, een scooterspeciaalzaak in de straat waar de Engelse voetbal-ster Phil Foden opgroeide. ‘Phil reed hier twee weken geleden nog even voorbij in zijn Ferrari, de hele straat was uitgelopen’, zegt Woodfinden, die 11 was toen Engeland in 1966 voor het eerst, en voor het laatst, een voetbalfinale won. ‘Hij was even uit Duitsland overgekomen voor de geboorte van zijn zoon.’
Over de auteur Patrick van IJzendoorn is correspondent Groot-Brittannië en Ierland voor de Volkskrant. Hij woont in Londen.
Engeland zal alle vaardigheden van Foden, alias de Iniesta van Stockport, nodig hebben om de Spaanse Inquisitie te overleven. Waar de Spanjaarden zich op sprankelende wijze naar de finale hebben gevoetbald, zijn de Engelsen strompelend in Berlijn aangekomen. Tam voetbal in de groepsfase werd gevolgd door drie knockout-overwinningen, waarbij telkens een achterstand moest worden weggewerkt. Wat de Three Lions hadden laten zien, was meer een toonbeeld van karakter dan van klasse.
Niet dat het veel uitmaakt voor het Engelse enthousiasme. In Londen werd na de zege op Oranje feestgevierd. Zo ging het los in een dubbeldekker die naar Bellingham reed, de wijk die dezelfde naam draagt als spelbepaler Jude Bellingham. De pas aangetreden premier Keir Starmer staat onder druk om de natie bij een eindoverwinning een extra vrije dag te geven. Deze zogeheten bank holiday werd in The Sun meteen omgedoopt tot een Bank Ollie Day, met een knipoog naar invaller Ollie Watkins, die tegen Nederland in de slotseconde de 2-1 scoorde.
Her en der in het land zijn rotondes wit geverfd, met daarop het rode kruis van ’s lands beschermheilige Saint George. Nadat hij eerder in het toernooi werd bekritiseerd en met lege bierbekers werd bekogeld, is bondscoach Gareth Southgate inmiddels een volksheld. De crèmekleurige poloshirts die hij draagt vliegen de Marks & Spencer uit, net als de giletjes die hij aanhad tijdens het WK van 2018, toen Engeland in de halve finale strandde. De hofhouding van koning Charles maakt al plannen om de spelers te ontvangen op Buckingham Palace.
En toch is er op het eiland geen voetbalgekte zoals die zich in Nederland als oranjekoorts pleegt te manifesteren. Op de Engelse televisie is geen equivalent van Studio Fußball en de supermarkten blijven zondag tijdens de finale gewoon open. Het is te vergelijken met de ingetogen manier waarop de Engelsen Saint George’s Day vieren, of simpelweg niet vieren, zeker in vergelijking met Koningsdag in Nederland. De buren in Wales en Schotland hopen ondertussen op een Spaanse zege.
Als de Engelsen winnen, is dat desondanks reden voor trots in Stockport. De voorstad van Manchester is hofleverancier van het Engelse team. Niet alleen de 24-jarige Foden komt uit Stockport, maar ook middenvelder Kobbie Mainoo (19) en aanvaller Cole Palmer (22). Het is een effect van de nabijheid van de twee grote clubs van Manchester, met scouts die de voetbalvelden in de wijde omgeving afstruinen op zoek naar talent.
‘Stockport is muziek en voetbal’, zegt scootermonteur Woodfinden, die ooit Stone Roses-gitarist Andy Couzens in dienst had (en ontsloeg). ‘We hebben hier de Strawberry Studios, waar alle grote bands platen hebben opgenomen, en met Stockport County hebben we een historische voetbalclub, die na moeilijke tijden weer door de lagere divisies naar boven klimt.’ Twee decennia had Stockport een oneervolle vermelding in het boek Crap Town, maar inmiddels is het centrum van de stad dusdanig verhipt dat ‘New Berlin’ de bijnaam is.
Maar van de finale in het echte Berlijn is er vrijdag nog niet veel te merken. Hier en daar doet een Engelse vlag dienst als gordijn en in de overdekte markt zijn Engelse hoeden te koop – Stockport is immers de hoedenmakersstad. Bij de stal van Rob Newbury liggen Engeland-theedoeken voor 1 pond in de aanbieding. ‘Maar het loopt niet echt’, zegt Newbury, die niet gerust is op een goede afloop zondag. ‘Als Manchester City-fan ben ik gewend om te winnen, dat ligt anders met het Engelse team.’
Bij pubs als de Wellington, de Nelson Tavern en de Sir Robert Peel blijven de decoraties beperkt tot een Engelse vlag. De enige kroeg die werk heeft gemaakt van het EK is de Chestergate, gelegen tegenover de schuilkelders waar de bevolking in de oorlog dekking zocht voor de Duitse bommen. Het heeft de naam veranderd in ‘Southgate’. ‘We hebben zondag vanaf drie uur al karaoke,’ zegt bardame Steph Armstrong. ‘Iedereen zal al schor zijn voor het volkslied klinkt.’
Vanuit Stockport heeft het Engelse team een bericht ontvangen van de gemeenteraadvoorzitter. ‘We wensen onze drie jonge leeuwen en de rest van het team veel succes – Stockport staat achter jullie’, twitterde Mark Hunter.
Voor de scooterzaak van Woodfinden staat zijn zestig jaar oude scooter, waar de Union Jack, Saint George’s Flag en de vlag van het WK van 1966 op prijken. Hij verheugt zich al op de eerstvolgende reis met de scooterclub op het vasteland.
Als Engeland zondag wint, althans.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant