Home

Hulpverleners in Gaza zitten vast en kunnen niet meer worden afgelost

Ruim duizend hulpverleners van de Palestijnse Rode Halvemaan kúnnen niet meer. Ze zijn opgebrand en moeten dringend afgelost worden, maar dat gaat niet. "Ze kunnen er simpelweg niet weg", zegt een woordvoerder tegen NU.nl.

Dat is de realiteit voor hulpverleners in de Gazastrook. "Er zijn allerlei beperkingen waardoor onze Palestijnse hulpverleners niet naar binnen kunnen. Ook niet vanaf de Westelijke Jordaanoever, al is dat maar twee uur rijden", zegt Bastiaan van Blokland, woordvoerder van het Rode Kruis, zusterorganisatie van de Rode Halvemaan.

"Het was altijd al moeilijk om je te verplaatsen in Gaza, zeker sinds de aanval op 7 oktober, maar het gebeurde weleens. Maar met de huidige context en de hoeveelheid mensen die er afgelost moeten worden is het niet meer te doen."

Oxfam en Save The Children zien dezelfde situatie. Technisch gezien zou humanitair personeel via de grensovergang naar binnen kunnen bij Kerem Shalom, maar in de praktijk is dat de afgelopen weken nauwelijks gelukt. "In theorie is de grensovergang dus open, maar praktisch gezien is het daar heel disfunctioneel, inconsistent en zeer risicovol", zegt Oxfam-woordvoerder Dirk Jan Jalvingh.

Het Palestijnse personeel, zo'n zeventig hulpverleners, van Save The Children zit vast en kan zich niet verplaatsen. Het internationale personeel kan dat nog wel, maar het blijft extreem gevaarlijk, laat een woordvoerder weten.

Ook Artsen zonder Grenzen (AzG) kampt met problemen rond de toegankelijkheid. Er staan rijen aan vrachtwagens voor Kerem Shalom, maar er gaat amper iets naar binnen. De woordvoerder van het Rode Kruis daarover: "De situatie in Gaza is dat er tekorten zijn aan alles. Ook aan personeel. De mensen die er zijn, zijn er. Maar dat is het."

"Gezien de enorme humanitaire nood in Gaza zou je nu juist moeten opschalen en méér personeel moeten inzetten. Maar dat is dus niet mogelijk", zegt Jalvingh. Oxfam heeft zo'n dertig mensen in Gaza. "Zij werken keihard en doen wat ze kunnen onder deze omstandigheden."

Waar ligt dan de grens voor hulpverlening? "Die is er eigenlijk niet in deze situatie", zegt Van Blokland. "Onze hulpverleners doen dit helemaal vrijwillig. Ze willen doorgaan, ondanks dat ze vaak zelf gevlucht zijn en dierbaren hebben verloren. Maar ook zij zien: als wij het niet doen, wie doet het dan?"

Dat ziet ook Jalvingh van Oxfam. "Dat ze überhaupt programma's draaiende kunnen houden is een wonder. Maar gezien de afgrijselijke situatie is de hulp volstrekt ontoereikend."

De hulpverleners die nog aanwezig zijn, moeten het doen met heel kleine beetjes. Er is te weinig eten en drinken. "Er is sprake van catastrofale honger", zei de Wereldgezondheidsorganisatie. Hoewel de Verenigde Naties nog niet spreken van een hongersnood dreigt die wel te ontstaan.

Er is ook een tekort aan medicijnen, hulpmiddelen en brandstof. AzG heeft sinds eind april geen medische hulpmiddelen meer Gaza in kunnen brengen. Save The Children doet dat nog wel, maar in minimale mate. "Er staan in totaal 1.600 vrachtwagens met goederen voor de grensovergang te wachten, maar die komen maar heel af en toe binnen", zegt woordvoerder Jos de Voogd.

Steeds meer voorzieningen moeten sluiten, waardoor ambulances verder moeten rijden. Dat is niet alleen risicovol, maar het kost ook aanzienlijk meer brandstof en die is schaars. "Op dit moment hebben we voor slechts vier dagen brandstof", zegt Van Blokland. Van de 75 ambulances die de Palestijnse Rode Halvemaan ter beschikking heeft, zijn er 25 verwoest. Achttien andere staan stil vanwege brandstoftekort.

Er zijn bijna twee miljoen mensen in Gaza op de vlucht. Het is nergens veilig en zieken en gewonden kunnen er niet weg. Dat geldt ook voor de hulpverleners, zegt het Rode Kruis. "We zouden hen graag aflossen, maar dat lukt niet."

Source: Nu.nl algemeen

Previous

Next