Home

Het statiegeldsysteem moet nu écht beter, wat gaan consumenten daarvan merken?

De Inspectie Leefomgeving en Transport wil met dwangsommen tot ruim 300 miljoen euro verpakkende bedrijven dwingen het statiegeldsysteem te verbeteren. Hoe gaan ze dat doen? En is het echt zo slecht gesteld met het statiegeld?

Het percentage ingeleverde flesjes en blikjes stijgt gestaag. Waarom vindt de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) het nodig om in te grijpen?

‘We hebben het gevoel dat ze meestribbelen.’ Rob van Alphen, teamleider Afval Circulaire Economie bij ILT, is niet te spreken over de houding van het verpakkende bedrijfsleven. Omdat de vervuiler betaalt zijn deze bedrijven, zoals frisdrankproducenten en supermarkten, wettelijk verplicht om het statiegeldsysteem te beheren. ‘Maar ze stellen zich telkens heel reactief op, niet proactief.’

Sinds 2021 zit er statiegeld op kleine plastic flesjes, tegen de zin van het verpakkende bedrijfsleven in. In 2023 volgden blikjes. Onder meer uit onderzoek waar het bedrijfsleven aan heeft meegewerkt, bleek jaren geleden al dat er duizenden extra inzamelpunten nodig zouden zijn, zegt Van Alphen. Anders zou het ongemak voor consumenten te groot zijn ende wettelijke inzamelnorm van 90 procent buiten bereik blijven.

Desondanks kwam Verpact, de stichting die het statiegeldsysteem namens het bedrijfsleven beheert, pas eind vorig jaar met een plan om die nieuwe inzamelpunten te regelen. Dat gebeurde na een uitbrander van het toenmalige demissionaire kabinet.

De afgelopen twee jaar werd de norm dan ook niet gehaald. In 2023 werd minder dan driekwart van de plastic flessen weer ingeleverd. Dat de inspectie zou ingrijpen, hing al maanden in de lucht: in maart kondigde ILT aan lasten onder dwangsom op te willen leggen.

Over de auteur Niels Waarlo is economieverslaggever van de Volkskrant. Hij schrijft onder meer over duurzaamheid, de circulaire economie en de hightechsector.

Wat merkt de consument?

Vanaf dit najaar moeten consumenten de dichtstbijzijnde inleverpunten online kunnen opzoeken. De komende jaren verrijzen er bovendien ruim vijfduizend nieuwe inleverpunten op tal van locaties, van dierentuinen tot treinstations.

Verpact was dit laatste al van plan, maar moet nu een dwangsom van maximaal 135 miljoen euro vrezen als er niet genoeg inleverpunten bijkomen. Ook moet de stichting uitzoeken hoe het beschadigde statiegeldflesjes, die nu niet in te leveren zijn, toch kan innemen.

De inspectie gaat echter minder ver dan het dit voorjaar dreigde te doen. Veel eisen die ILT toen op tafel legde, zijn in het definitieve besluit afgezwakt of verdwenen. Zo wordt het statiegeld op plastic flessen niet direct verhoogd tot 50 cent. Verpact moet zelf onderzoek laten doen naar het ideale statiegeldbedrag. Dat is nu 15 cent voor kleine en 25 cent voor grote flessen.

Mede na gesprekken met Verpact ziet de inspectie in dat het op stel en sprong verhogen van het statiegeldbedrag te driest zou zijn, zegt Van Alphen. Eerst moeten bijvoorbeeld de effecten op de consument beter worden afgewogen. Levert Verpact begin oktober geen ‘goed onderbouwd’ onderzoeksrapport op, dan moet het 100 miljoen euro betalen.

Is statiegeld wel effectief, gezien al deze perikelen?

Sinds de uitbreiding van het statiegeldsysteem zitten er in elk geval veel minder blikjes en flesjes met statiegeld tussen het zwerfafval. Zo vindt zwerfafval-activist Dirk Groot, wiens cijfers worden opgenomen in de statistieken van Rijkswaterstaat, 80 procent minder blikjes op straat.

Toch vindt Van Alphen dit geen reden om tevreden achterover te leunen. ‘In 2022, de eerste keer dat Verpact het inleverpercentage moest rapporteren, zijn meer dan 500 miljoen flessen en flesjes niet ingeleverd. Als je die naast elkaar zet, dan kun je bijna de aarde rond. Deze flessen zijn in veel gevallen verbrand of laagwaardig gerecycled.’

Intussen kampen met name grote steden met statiegeldjagers die vuilnisbakken openbreken en vuilniszakken openscheuren. Dit zag het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat niet aankomen, meldde de NOS deze maand op basis van documenten die waren opgevraagd via de Wet open overheid (Woo).

Gemeenten en reinigingsbedrijven verwachten dat het probleem zal afnemen als er meer inzamelpunten komen en er minder flesjes en blikjes in de prullenbak belanden.

Hoe reageert Verpact op de dreiging van dwangsommen?

De stichting kan bezwaar aantekenen via de rechter. Volgens Van Alphen van ILT is zo’n rechtsgang een gebruikelijke gang van zaken. Of het zover komt, is niet duidelijk: Verpact zegt de lasten onder dwangsom te bestuderen.

Verder benadrukt Verpact ‘volop bezig’ te zijn met het bijplaatsen van statiegeldmachines en het optuigen van publiekscampagnes. Op die manier denkt de stichting de wettelijke inzamelnorm in 2026 te halen. Eerder zou moeilijk zijn, omdat gedragsverandering van consumenten tijd kost.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next