In een eerste van een serie rapporten erkent het leger te hebben gefaald bij de bescherming van de burgers op 7 oktober. Op kibboets Be’eri moesten zij urenlang zichzelf proberen te beschermen tegen de aanvallers van Hamas. De Israëlische premier staat onder druk om een groot onafhankelijk onderzoek te starten naar wat er misging.
Het nu gepubliceerde onderzoek gaat over het bloedbad in kibboets Be’eri, vlakbij de grens met Gaza. Onder de naar schatting duizend bewoners van het dorp vielen tijdens de Hamas-aanval 142 doden; 131 burgers en 31 mensen van leger en politie. Daarmee is het een van de zwaarst getroffen gemeenschappen in het grensgebied. Ook werden 30 bewoners ontvoerd. Van hen zouden er nu nog 11 in Gaza worden vastgehouden.
‘Dit maakt duidelijk hoe groot het falen was’, aldus Israëls hoogste militair, chefstaf Herzi Halevi over het legeronderzoek naar de Hamas-aanval op de kibboets. ‘De bewoners beschermden hun families urenlang en het leger was niet ter plekke om ze in bescherming te nemen.’
Over de auteur
Stieven Ramdharie is nieuwsverslaggever van de Volkskrant met defensie als belangrijkste specialisme.
Uit het onderzoek blijkt hoe onvoorbereid het leger was op een massale Palestijnse aanval op de grensregio. Voor het imago van het leger is dat een klap: de Israëlische strijdmacht behoort tot de sterkste van de wereld. De komende weken publiceert het leger onderzoeken naar de tientallen andere Palestijnse aanvallen op kibboetsen en stadjes in het grensgebied.
Bij de bestorming van Hamas en de Palestijnse Jihad op het zuiden van Israël waren zo’n drieduizend strijders betrokken. Het leger had nooit geoefend op zo’n ‘invasie’ omdat het het niet voor mogelijk hield dat zoiets ooit zou gebeuren. Militairen waren alleen getraind op kleinschalige infiltraties. In totaal vielen bij de aanval op 7 oktober bijna 1.200 doden.
Verder blijkt uit het onderzoek dat het leger urenlang geen duidelijk beeld had van de situatie in de kibboets. Ook waren er te weinig troepen aanwezig waardoor niet snel kon worden gereageerd. Toen militairen eindelijk ter plekke waren, werd er ongecoördineerd opgetreden. Zo besloten militairen buiten de kibboets te wachten tot hun commandant ter plekke was.
Bij de aanval van Hamas, die iets voor zeven uur ’s ochtends begon, waren gedurende de dag zo’n 340 strijders betrokken. Een groep van zo’n dertig Israëliërs, voornamelijk veiligheidspersoneel van de kibboets, moest urenlang zelf de bewoners zien te beschermen. Veel bewoners verstopten zich in hun woning om te ontkomen aan de strijders die moordend door Be’eri trokken. Hoewel het veiligheidspersoneel het leger urenlang informatie doorspeelde wat zich in de kibboets voltrok, had de militaire leiding pas in de middag een goed beeld van de situatie.
Commando’s van de Shaldag-eenheid gingen in de ochtend wel het gevecht aan met de Palestijnen, maar het overgrote deel trok zich terug omdat ze ver in de minderheid waren en verliezen hadden opgelopen. De onderzoekers bekritiseren dit besluit. Leden van een andere elite-eenheid, Sayeret Makal, probeerden tevergeefs de kibboets te bereiken.
Zij liepen vertraging op omdat ze op de weg buiten Be’eri op Hamasstrijders stuitten. Pas rond twee uur ’s middag konden de eerste bewoners worden geëvacueerd. De volgende dag zei het leger dat ze eindelijk de kibboets weer onder controle hadden. Van de circa 340 Palestijnse strijders die Be’eri waren binnengevallen, werden er uiteindelijk zo’n honderd gedood.
Premier Netanyahu verzet zich al sinds het bloedbad tegen een grootschalig onderzoek naar de steken die de regering en het leger hebben laten vallen. Hij vindt dat dit pas aan de orde is nadat de Gaza-oorlog is afgerond. Alleen zo’n staatscommissie heeft echter alle bevoegdheden om het falen van regering en leger te onderzoeken.
Minister van Defensie, Yoav Gallant, pleitte donderdag na het verschijnen van het onderzoek over Be’eri wel meteen voor de instelling van zo’n commissie die de rol van alle betrokkenen, ook hemzelf, moet onderzoeken. Dat onderzoek moet ver teruggaan, vindt hij: ‘Alle regeringen van de afgelopen tien jaar.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant