De regen bezorgt de organisatie van Wimbledon dit jaar nog meer werk en stress dan normaal. ‘Er kijken miljoenen mensen over onze schouders mee. Dat zorgt voor druk.’
Tussen alle klimop die tegen de buitenmuur van het Centre Court groeit, is een klein vierkant vlak zichtbaar met daarop een getal. Het overgrote deel van de bezoekers dat op het park van Wimbledon rondloopt, zal het niet eens opmerken of de relevantie ervan inzien.
Maar voor de 220 jongens en meisjes die op het grandslamtoernooi dagelijks verantwoordelijk zijn voor het afdekken van de achttien grasbanen als het gaat regenen, is het getal des te belangrijker. Het signaalsysteem - dat loopt van 0 tot en met 8 - vertelt hen precies wat ze moeten doen.
Over de auteur
Guus Peters schrijft voor de Volkskrant over voetbal en tennis.
Van stand-by staan (1) en het onmiddellijk afdekken van de baan (4) tot het weer speelklaar maken (7) en droogmaken van de baan (8). Via een supervisor wordt elk team - dat per baan bestaat uit zes ‘court coverers’, zoals zij worden genoemd - geïnformeerd. Op het uitgestrekte tennispark is het digitale cijfer niet vanaf elke baan goed te zien.
De jongens en meisjes die de banen moeten bedekken met een levensgroot zeil hebben het er deze editie van Wimbledon maar druk mee. Sinds de start van het grandslamtoernooi regende het bijna elke dag. Vorige week vrijdag viel er zelfs evenveel regen als normaal in een halve maand (26,6 millimeter). En dinsdag kon er tot 16.30 uur niet op de buitenbanen worden gespeeld vanwege de vele neerslag.
‘Het is een van de ergste edities die ik me kan herinneren’, zegt Neil Stubley, die al 29 jaar verantwoordelijk is voor de kwaliteit en onderhoud van de banen. Terwijl hij de zin dinsdagochtend uitspreekt, klettert boven hem de regen op het dichte dak van het Centre Court, dat samen met het andere stadion (Court 1) de enige overdekte baan is op de All England Club.
Alleen van vrijdag tot en met zondag werden al zo’n 70 partijen uitgesteld. Spelers moesten voortdurend van de baan en wachten tot het weer droog was of hun partij een dag later afmaken. Woensdag moesten nog een hoop wedstrijden in het dubbelspel worden gespeeld, die al eerder op het programma stonden. Stubley: ‘Het is vervelend voor zowel tennissers als toeschouwers, maar je weet ook dat het erbij hoort.’
Het kleinste beetje regen is al funest voor Wimbledon, dat toch al bekendstaat als het meest regenachtige grandslamtoernooi. Zodra het gras nat is, worden de banen glad en loert er gevaar voor de spelers. Zij kunnen uitglijden en zich lelijk blesseren. Bovendien worden de banen te zacht als er veel regen valt, waardoor de bal niet goed stuitert.
‘Hoe sneller we de banen hebben afgedekt als het begint te regenen, hoe sneller we ook weer kunnen beginnen als het droog is’, verwijst Stubley naar de belangrijke rol die ‘court coverers’ deze dagen vervullen.
Declan McGrath is een van hen. De 20-jarige student uit Londen en zoon van een Nederlandse moeder meldde zich 2,5 jaar geleden aan en bekommert zich voor het tweede jaar op rij over het afdekken van de banen. ‘Je voelt je soms een brandweerman’, zegt hij in foutloos Nederlands. ‘Het kan zijn dat je lang moet wachten, maar als je nodig bent, moet je ook snel in actie komen.’
Dat was de afgelopen dagen met enige regelmaat het geval. Op vrijdag moest hij wel zes of zeven keer het zeil over de baan trekken en het niet veel later ook weer oprollen toen het droog was. Hij wijst naar zijn armen. ‘Dat was zwaar’, zegt hij. ‘Zeker als het zeil nat is, moet je hard kunnen trekken. Maar dat is niet het enige: het moet ook nog eens snel gebeuren.’
In een document van Wimbledon valt te lezen dat de veiligheid vooropstaat, maar dat snelheid essentieel is. Gemiddeld duurt het 22 tot 28 seconden om het zeil over de baan te trekken. Ook moet het net worden weggehaald en de stoel van de scheidsrechter weggereden. Om ervoor te zorgen dat alles volgens plan verloopt, krijgen de jongens en meisjes in aanloop naar Wimbledon twee of drie trainingen.
Ondanks de vele regen ligt het heilige gras op de All England Club er dit jaar goed bij. Dat is vooral te danken aan de zeilen, waardoor Stubley en zijn dertigkoppige team controle hebben over de meest besproken grassprieten ter wereld. ‘Er kijken miljoenen mensen over onze schouders mee. Dat zorgt voor druk, maar het voelt ook als een eer om die verantwoordelijkheid te dragen.’
Stubley en zijn team kunnen de banen niet alleen afdekken, maar ook lucht onder het zeil blazen, waardoor als het ware een halve koepel (hoogste punt vier meter) ontstaat. Zo blijft het water niet op het zeil liggen, krijgt het gras meer ruimte om ‘te ademen’, kunnen ze een eigen microklimaat creëren en de temperatuur manipuleren.
Om ervoor te zorgen dat de banen gedurende de twee weken dat ze intensief gebruikt worden, in zo goed mogelijke staat blijven, checken Stubley en zijn team de banen elke ochtend nauwkeurig. Niet alleen wordt het gras met automatische grasmaaiers gemaaid (8 millimeter lang) en worden de witte lijnen opnieuw gekalkt. Ook wordt de hardheid van de ondergrond gemeten en de stuithoogte van de bal gecontroleerd. In de zeilen zit een opening, waardoor ze de werkzaamheden ook kunnen uitvoeren als het zeil is opgeblazen.
McGrath is niet alleen verantwoordelijk voor het uit- en oprollen van het zeil. Hij moet er tijdens de wedstrijden ook voor zorgen dat de spelers voldoende handdoeken en drinken hebben. Maar het leukste vindt hij toch wel als hij naar het getal op de muur van Centre Court kijkt en via zijn supervisor te horen krijgt dat hij in actie moet komen. ‘Het geeft elke keer weer een adrenalinekick. Vaak krijgen we ook applaus van het publiek.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant