De Navo zoekt nieuwe partners in Azië. De verdragsorganisatie gaat niet zover nieuwe Aziatische bondgenoten tot de Navo toe te laten, maar zint op andere manieren om de oplopende spanningen in Azië te bedwingen. Vooral op zee loopt het de laatste tijd gierend uit de hand.
Het grootste kustwachtschip ter wereld is op zee niet over het hoofd te zien. De Chinese Haijing 5901 is een gevaarte van 165 meter lang met een joekel van een boordkanon, zware machinegeweren, helikopters en zelfs een kleine vliegtuighangar. Op de radar is ‘het Monster’, de bijnaam voor dit supergrote kustwachtschip, echter vaak onzichtbaar.
Dan vaart Haijing 5901 in de ‘donkere modus’, door de transponder uit te schakelen die schepen zichtbaar maakt in het Automatische Informatie Systeem (AIS). Dit locatiesysteem is in internationale wateren verplicht voor grote schepen, behalve militaire vaartuigen. En wat dat betreft is de Haijing 5901, die sinds 2017 in de Zuid-Chinese Zee patrouilleert, een vreemd verschijnsel. Dit voormalige marineschip is witgeverfd voor gebruik door de kustwacht, een ‘burgerlijke’ politiedienst, maar het Monster gedraagt zich alsof het op militaire missie is.
Over de auteur
Marije Vlaskamp is buitenlandredacteur van de Volkskrant en schrijft over de positie van China in de wereld. Ook volgt ze de ontwikkelingen elders in Azië. Ze was 18 jaar correspondent in Beijing.
De Zuid-Chinese Zee is een betwist gebied van 3,5 miljoen vierkante kilometer, dat overloopt in het hypergevoelige woelige water rond Taiwan. Daar vlakbij ligt de Oost-Chinese Zee, waar China en Japan ruziën over een eilandengroep. Nadat de spanningen in deze gebieden de afgelopen weken scherp zijn geëscaleerd, staat de Indo-Pacific deze week hoog op de agenda van de Navo-top in Washington. Japan, Zuid-Korea, Australië en Nieuw-Zeeland wonen als de zogeheten ‘Indo-Pacific Vier’ de top donderdag voor de derde keer bij. Noord-Korea prijkt prominent op het lijstje Aziatische gevaren, maar China zal als belangrijkste strategische uitdaging de discussie over Azië domineren.
Of het nu om de omstreden samenwerking met Rusland gaat of om territoriale claims op zee, Beijing lijkt steeds een stapje verder te gaan in het testen op welk punt de tegenstander de grens trekt tussen provocatie en een echte aanval.
Als de Haijing 5901 diep in betwist zeegebied is binnengedrongen, wordt de transponder aangezet en dan verschijnt de Chinese 12.000-tonner plotseling op de radar. Zo toont Beijing zijn spierballen tegenover de buurlanden die ook aanspraak maken op een stukje Zuid-Chinese Zee.
‘Strategische verlichting’ is de vakterm voor deze omgekeerde verdwijntruc. Volgens de aan de Amerikaanse Stanford-universiteit verbonden website SeaLight, die gewijd is aan maritieme ‘grey zone tactics’, is dit slechts een van de vele manieren waarop de Chinese kustwacht haar territoriale claims kracht bijzet. Rammen, waterkanonnen en lasers op de tegenstander richten, vissersmilities als een zwerm van boten op andere schepen afsturen, met grof geweld andermans schepen ‘inspecteren’: deze methoden jagen de spanningen in verschillende slepende grensgeschillen tussen China en vrijwel alle Aziatische buurlanden op.
Maakte de Filipijnse regering zich in april nog druk over een bijna-botsing tussen Filipijnse en Chinese kustwachtschepen, is er nu een nieuwe, grimmigere situatie ontstaan nadat de Chinese kustwacht onlangs een ‘inspectie’ van Filipijnse boten afdwong met speren en kapmessen. Na deze schermutseling bij de ondiepte van Second Thomas Shoal vroeg de Filipijnse regering zich zelfs af of er sprake was van een oorlogshandeling. In dat geval is een beroep op Amerikaanse militaire bijstand mogelijk.
Terwijl Beijing en Manilla met diplomatie proberen de spanningen tot bedaren te brengen, blijft de Haijing 5901 de boel op scherp zetten met verdwijnspelletjes. Vlak na het geweld bij de Second Thomas Shoal zette het Monster de transponder aan, om te laten zien dat het in de buurt was. Daarna was Haijing 5901 ruim twee weken ‘donker’, om dit weekeinde op te duiken bij een andere hotspot, het Filipijnse Sabina-atol. Daar dobbert het op nog geen 800 meter afstand van het grootste en nieuwste Filipijnse kustwachtschip. Vergeleken met de Haijing 5901 is dat maar een klein schuitje. Ziehier het intimiderende effect van het Monster.
Had China tot 2000 een kleine, rommelig georganiseerde kustwacht en speelde de Chinese marine weinig klaar, inmiddels heeft Beijing zijn maritieme ambities meer dan waargemaakt. China heeft de grootste commerciële vissersvloot ter wereld, de allergrootste kustwacht en ook de Chinese marine zou groter dan die van de Verenigde Staten zijn. In 2023 had China volgens de Amerikaanse krant The New York Times 150 grote kustwachtschepen tegen 70 gelijkwaardige schepen voor Japan en 60 voor de Verenigde Staten. De Filipijnen moeten het doen met 25 lichtere patrouilleboten, de Taiwanese kustwacht met 23.
De Chinese kustwachtvloot bestaat grotendeels uit voormalige marineschepen, die gebouwd zijn voor langdurige militaire operaties. Sinds 2021 valt de Chinese kustwacht onder militair commando. Die reorganisatie gaat gepaard met nieuwe bevoegdheden om dodelijk geweld te gebruiken, schepen te inspecteren en de bemanning te arresteren.
Als reactie daarop verandert het karakter van andere Aziatische kustwachten. Die concentreren zich steeds meer op veiligheidstaken. Al versterken Japan, Vietnam en de Filipijnen zowel hun marine als kustwacht, de Chinese voorsprong halen ze niet meer in. Samenwerking is voorlopig de enige manier om China op afstand te houden. Japan en de Filipijnen sloten deze week een baanbrekend defensiepact om de inzet van troepen op elkaars grondgebied te regelen.
Japan, voor de Chinese inhaalslag de regionale kampioen op zee, lonkt ook naar Vietnam, Maleisië, Indonesië en andere landen die met China in de clinch liggen. Wie behoefte heeft aan drones, snelle kustwachtschepen en radarinstallaties kan bij Tokio aankloppen.
Ook westerse regeringen bemoeien zich steeds intensiever met de veiligheidssituatie in de Indo-Pacific. De Verenigde Staten, de Europese Unie en andere westerse landen willen dit gebied stabiel houden, alleen al om cruciale vaarroutes veilig te stellen. Meer dan 20 procent van alle wereldhandel gaat via de Zuid-Chinese Zee. Bij een gewapend conflict komt eenderde van de totale mondiale scheepvaart in de gevarenzone. Meer dan 65 procent van alle Chinese handel, ruim 40 procent van de totale handel van Japan en 40 procent van alle aardolie die wereldwijd wordt verscheept, passeert de Zuid-Chinese Zee. Heel Azië vangt er zijn vis en er zit gas en aardolie in de zeebodem.
Of westerse marineschepen nu deelnemen aan missies voor vrije doorvaart, toezien op naleving van sancties tegen Noord-Korea, of meedoen aan de vele militaire oefeningen die de Verenigde Staten in Azië organiseren, het Zuid-Chinese Zee-conflict is inmiddels volledig geïnternationaliseerd.
Deze ontwikkelingen bevallen China totaal niet. Beijing benadert grensgeschillen juist bilateraal om zijn overwicht te laten gelden op landen die economisch afhankelijk zijn van China. Die strategie heeft tot dusver echter weinig opgebracht, want ondanks het Chinese machtsspel op zee heeft nog geen enkel buurland politieke concessies over de zeegrenzen gedaan.
Drie maritieme conflicten
Brunei, Vietnam, Maleisië, Indonesië en de Filipijnen claimen stukjes van de Zuid-Chinese Zee, maar China eist vrijwel de hele zee op. De vage ‘historische rechten’ waar Beijing mee schermt zijn in 2016 door het Internationaal Hof voor Arbitrage verworpen, een uitspraak die China negeert.
Het conflict is sinds 2012 gemilitariseerd door het bezetten van riffen, atollen en rotsen. Vietnam en vooral China spuiten ondieptes op tot kunstmatige eilandjes voor radarinstallaties, havens en landingsbanen. De Filipijnen hebben een oud oorlogsschip laten stranden om te voorkomen dat de Chinezen die plek bezetten.
Om de kans op gewapende conflicten te verkleinen hebben de betrokken landen maatregelen ingesteld om de gemoederen bij incidenten snel te kalmeren. Of dat mechanisme blijft werken nu de vijandigheden over en weer toenemen, is de vraag.
Rijke visgronden, oliereserves en scheepvaartroutes maken een nietige groep rotsen in de Oost-Chinese Zee belangrijk voor zowel Japan als China. Sinds de eerste formele Chinese claim in 1971 op deze eilanden, die in het Chinees Diaoyutai heten en in het Japans Senkaku worden genoemd, is van alles geprobeerd om de angel uit dit conflict te trekken. Militaire hotlines, gezamenlijk onderzoek naar aardoliewinning, diplomatie: niets werkt, zeker niet sinds de Chinese kustwacht zulke grote schepen heeft dat het geen moeite kost drie dagen lang bij de Senkaku-eilanden rond te hangen.
Om te voorkomen dat dit sluimerende conflict ontploft, proberen de VS China af te schrikken met de belofte Japan ook bij een aanval op deze rotsen militair bij te staan. Op zijn beurt heeft China in 2022 tot schrik van Japan de Russische marine meegenomen op patrouilles in dit gebied.
Het eiland Taiwan is een verhaal apart. Taiwan heeft zich lang gedragen als de enige echte vertegenwoordiger van China, en had dezelfde claims als Beijing in Aziatische grensgeschillen. Tegenwoordig maakt Taiwan daar geen werk meer van, want het eiland zit zelf in een benarde positie. Beijing beschouwt Taiwan en de omringende wateren als Chinees territorium en zegt Taiwan in te lijven, desnoods met geweld.
Vandaar dat Taiwan probeert aansluiting te vinden bij Japan en de Filipijnen, maar die landen zijn beducht voor nadere samenwerking omdat ze zich daarmee de woede van China op de hals halen. Met hulp van de Verenigde Staten bewapent Taiwan zich, in de hoop dat dit China afhoudt van een invasie.
De Straat van Taiwan barst van de scheepvaartroutes, maar het is zeer gevoelig gebied, waar het Chinese leger vrijwel permanent oefent. Ook varen er regelmatig westerse marineschepen op Indo-Chinese missies doorheen.
De confrontaties tussen Chinese en Taiwanese kustwachten worden ook scherper: vorige week sleepte de Chinese kustwacht een Taiwanese vissersboot naar een Chinese haven wegens overtredingen van het visverbod tijdens het paaiseizoen. De Taiwanese kustwacht durfde de achtervolging niet in te zetten, uit angst voor een herhaling van een drama eerder dit jaar. Toen sloeg een Chinese vissersboot om tijdens een achtervolging door de Taiwanese kustwacht, waarbij twee van de vier opvarenden verdronken.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant