Home

Gevluchte Oekraïense kinderen gaan dubbel naar school: ‘Om voorbereid te zijn op een terugkeer’

Veel gevluchte Oekraïense kinderen volgen dubbel onderwijs: in Nederland én online in hun geboorteland. Dat is zwaar, maar het heeft een goede reden: ‘Als je stopt met de Oekraïense school, lijkt het alsof je besluit niet meer terug te gaan.’

Vol verwachting kijkt Liza Klimova (10) naar het scherm voor haar op tafel. Het duurt even voor er verbinding is, maar daar zijn ze dan: haar opa en oma, zittend op de bank, thuis in Dnipro, een stad in het oosten van Oekraïne. Liza, zelf in Amsterdam-Oost, straalt als ze haar grootouders ziet. De reden van het videobellen is dan ook feestelijk. Liza heeft met zeer mooie cijfers het Oekraïense schooljaar afgesloten én zal straks met een goed rapport het Nederlandse schooljaar afronden.

Online viert ze dit vandaag met haar opa en oma. Er zijn ballonnen, bloemen en moeder Kateryna Klimova (36) snijdt een taart aan. Twee jaar lang heeft Liza dubbel onderwijs gevolgd, net zoals veel andere Oekraïense vluchtelingen in Nederland. Het aantal inschrijvingen van Oekraïense kinderen, dat is geregistreerd bij Duo, staat op 20.400, waarbij het primair en voortgezet onderwijs bij elkaar zijn opgeteld.

Hoeveel leerlingen daarvan na een schooldag thuis ook nog de Oekraïense schoolboeken openslaan, is echter onduidelijk. Officiële cijfers zijn er niet. Kinderpsycholoog Iryna Petrenko, die Oekraïense gezinnen in Nederland begeleidt, schat dat het gaat om zo’n 70 procent van de leerlingen.

Gedisciplineerd programma

Voor Kateryna Klimova, die vlak na de grootschalige invasie vanuit Kyiv naar Amsterdam vluchtte, was het vanzelfsprekend dat haar dochter dubbel onderwijs zou volgen. ‘Ik wil het beste voor Liza. Dat betekent hier goed kunnen meedraaien, maar ook voorbereid zijn op een mogelijke terugkeer. Terug naar haar oude klas en klasgenootjes. Dan mag ze niet achterop zijn geraakt.’

En dus volgde Liza een gedisciplineerd programma. Overdag, van negen tot drie, naar een Nederlandse school. Dan naar huis, kopje soep, en om vier uur op de computer aan de slag met Oekraïense opdrachten, tot een uur of negen ’s avonds. Dat dit zwaar was, kan Liza beamen. Een ook haar moeder weet dat: ‘Het was af en toe heel moeilijk. Natuurlijk wilde ze soms liever spelen. Maar ze heeft doorgezet en goeie resultaten behaald.’

Dat het verlangen om terug te keren bij veel Oekraïners groot is, ziet ook kinderpsycholoog Petrenko. ‘Als je stopt met de Oekraïense school, lijkt het alsof je besluit niet meer terug te gaan. Ik zie ouders en kinderen er enorm mee worstelen’, zegt Petrenko, die zelf niet bepaald fan is van dubbel onderwijs. ‘Kinderen lijden onder die enorme druk, ze zijn gestrest en uitgeput.’

Presteren op meerdere schaakborden

Wat volgens Petrenko niet meehelpt, is de onzekerheid over de toekomst. ‘Oekraïners mogen zich niet definitief vestigen in Nederland, terwijl teruggaan naar Oekraïne ook geen optie is. Het gevolg is dat kinderen overbelast raken. Er wordt van ze verwacht dat ze op verschillende schaakborden tegelijk presteren.’

Vanuit de Oekraïense overheid wordt gekeken of de schoolregels voor gevluchte leerlingen kunnen worden versoepeld. Op termijn zou een goed rapport of diploma uit een EU-land ook toegang tot een volgende klas in Oekraïne moeten kunnen geven. Maar zover is het nog niet.

Tijdens haar gesprekken probeert Petrenko ouders het belang van rust te laten inzien. ‘Als een ouder zelf stabiel is, kan dubbel onderwijs goed gaan. Maar veel ouders gaan gebukt onder de enorme stress van de oorlog. Dan zien we dat kinderen vaak ook tegen een burn-out aanzitten.’

Petrenko signaleert soms ook aanpassingsproblemen. ‘Het schoolsysteem hier is echt anders. Docenten in Oekraïne zijn veel strenger. Voor kinderen die dubbel onderwijs volgen kan dit verwarrend zijn.’

Pyjamadag

Kateryna Klimova, die haar dochter vandaag in het zonnetje zet, kan hierover meepraten. ‘Vrijheid en spelen worden hier erg belangrijk gevonden. Docenten zeiden tegen mij: het maakt niet uit wat je dochter later wordt, als zij maar gelukkig is. Nou, zo denkt men in Oekraïne bepaald niet. Het gaat om presteren.’

Klimova viel, na haar aankomst in Nederland, van de ene verbazing in de andere. ‘Liza ging tijdens schooluren met de klas naar de dierentuin. Dat vond ik al wonderlijk. Vervolgens zag ik bij een sportdag juffen en meesters onder een touw door de modder kruipen. Dat zou in Oekraïne nooit gebeuren.’

De grootste schok kwam daarna, tijdens een feest waarbij de kinderen in pyjama naar school mochten komen. ‘We waren erover geïnformeerd’, zegt Klimova, ‘maar ik geloofde het niet. Ik dacht dat het verkeerd vertaald was.’ Pas toen ze op de dag zelf Liza naar school bracht en de directrice voor de deur in een konijnenpak zag staan, begreep ze het. Klimova, lachend: ‘Totaal ondenkbaar in Oekraïne.’

Modelleerling

De twee jaar in Nederland hebben Liza veranderd, vertelt moeder Klimova. Toen ze in mei twee weken terug waren in Kyiv en Liza weer even in haar oude klas kon meedraaien, kreeg ze na afloop negatieve feedback van de leerkracht. Klimova: ‘Liza had zitten eten tijdens de les en ze was snel afgeleid geweest.’

Terwijl Klimova nog geen week eerder van Liza’s Nederlandse docent iets heel anders te horen had gekregen. ‘Ze noemde haar een modelleerling, met een heel goede focus.’

Dochter Liza kan er wel om glimlachen. In geuren en kleuren vertelt ze haar opa en oma in Dnipro over Amsterdam en over hoe leuk ze het hier op school heeft. En dat het voor haar ook fijn was om – al was het dan online – nog Oekraïense les te volgen. Vanaf het beeldscherm kijken haar grootouders haar vol trots aan.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next