De lezersbrieven, over concentratieproblemen in de Tweede Kamer, diepvriesvoedsel, gescheiden werelden, kritische geesten, fluitende vogeltjes, fraude, luxe en cynisme.
Peter Hein van Mulligen, CBS-hoofdeconoom, betoogt dat ‘rijkere Nederlanders zich wellicht best wat achteruitgang kunnen veroorloven, maar dit geldt niet voor de kwetsbaarste mensen. Zij hebben economische groei juist hard nodig.’ Weet hij dan niet dat ‘trickle down-economics’ (het idee dat economische groei waar de rijken van profiteren ook indirect ten goede komt aan de armeren) nauwelijks werkt, zoals aangetoond door Thomas Piketty? We moeten kwetsbare mensen minder arm maken en dat kunnen we gemakkelijk ‘halen’ bij de rijken: in 1980 was er een toptarief van 72 procent belasting, nu is dat 52 procent. Het is heel goed voor de economie als armere mensen meer kunnen aanschaffen. Ook ik betaal graag meer belasting als dat anderen uit de armoede helpt.
Margo Henderson, Amsterdam
Op veel scholen moeten de leerlingen tegenwoordig tijdens de lessen hun mobieltje inleveren. Lijkt me ook heel verstandig voor de kleuterklas in Den Haag. Iedereen, dus zowel vak K als de Kamerleden, de telefoon inleveren. De bodes kunnen (als vanouds) papieren boodschappen doorgeven, indien nodig. Kan men zich wellicht op de inhoud concentreren.
Maud Kochx, Heemskerk
Dat krijg je vanzelf als je voedsel ontdooit en terugzet in de diepvries en dan weer ontdooit. Na verloop van tijd is het bijna niet meer te verteren.
Jan Ruhof, Amsterdam
Interessant, de twee artikelen in Boeken & Wetenschap (7/9). Aan de ene kant komen wetenschappers steeds meer te weten over de raadsels van ons lichaam op microniveau, aan de andere kant zijn wetenschappers druk doende de rekenkracht van computerchips op microniveau te vergroten. Langzamerhand begint de vraag zich op te dringen wanneer die twee ogenschijnlijk gescheiden werelden een en dezelfde blijken te zijn.
Niek Vink, Haarlem
In zijn bijdrage aan de krant schrijft Arie Elshout de verminderde steun voor Israël toe aan demografische veranderingen. Die mindere steun aan Israël vindt hij kennelijk problematisch. Mij lijkt in de eerste plaats dat die verminderde steun voor Israël het gevolg is van het gedrag van Israël zelf. Ofwel, het gevolg van het gedrag van extreme krachten binnen de Israëlische samenleving, inclusief de premier van dat land.
Waarom zou je dat gedrag onverkort moeten blijven steunen? Verder lijkt het mij van vooruitgang getuigen dat mensen zich een eigen oordeel vormen over zaken die elders in de wereld gebeuren. Kritische geesten brengen de wereld meestal verder dan ideeën die gebaseerd zijn, en blijven, op een vervlogen verleden.
Bert Schriever, Den Haag
Vliegbasis Leeuwarden blijkt een vaart ernstig vervuild te hebben. Defensie wil uitbreiden, niet alleen in Leeuwarden. Op informatieavonden wordt uitleg gegeven over de plannen. Ik was op een van die avonden. Uw verslaggever schrijft: ‘De tijd van vrede, waarin ‘de bloemetjes bloeien’, de ‘vogeltjes fluiten’, is voorbij, zei commandant der strijdkrachten Onno Eichelsheim’. Ik vraag mij af: is er leven zonder bloemen en vogels? Gaat Eichelsheim eigenheimerig een onleefbaar land verdedigen?
Vera Krouwels, Paterswolde
Dat de kritiek op het harde fraudebeleid nog te weinig omgezet wordt in daden, zoals u kopt boven het interview met advocaat Bernard de Leest (Ten eerste, 9/7), verbaast me niet. Bij mijn eerste WAO-herbeoordeling in 1995 was ik opeens 50 procent arbeidsongeschikt en 50 procent werkloos. Pas na een juridische strijd, die bijna vijf jaar van mijn leven kostte, werd dat teruggedraaid. Toen moest ik wel wekelijks solliciteren. Zo kwam ik bij een opleidingsinstituut terecht voor socialedienstmedewerkers. Eén zin uit dat gesprek zit nog steeds in mijn hoofd: ‘U moet ervan uitgaan dat iedereen die aan de balie komt, fraudeert.’ Of dat idee ooit uit het beleid verdwijnt, is maar de vraag.
Klaas T. Smit, De Meern
Van Sitalsing tot Schimmelpenninck en van Heinen tot Witteman, allemaal dragen ze bij aan het vormen van mijn mening. Nu denkt u wellicht , ‘stap uit je bubbel’, maar de waaier aan genuanceerde en intelligente observaties maakt dat totaal overbodig. Door die columns ben ik steeds in staat geweest af te wegen, te twijfelen, niet te veroordelen maar gewogen te oordelen. Dus ik zeg met Asha ten Broeke (O&D, 5/7): columns zijn geen luxe. In deze tijden waarin de maatschappij aan verschralende tunnelvisie en gerichte haat dreigt te bezwijken, is de tegenwind een welkome frisse bries.
Eef Keijzer, Amsterdam
Welke visie zit er bij Fonds voor Cultuurparticipatie achter het ontzeggen van subsidie aan tenminste acht toonaangevende organisaties die zich toeleggen op het ontwikkelen van ontluikend muzikaal talent? Jeugdorkesten, concoursen en koren laten verdwijnen, het lijkt een cynische strategie van drempelverlaging. Je zorgt gewoon dat er niets meer is om een drempel voor te verlagen.
Het Prinses Christina Concours, Nationale Jeugd Orkesten Nederland, Nederlandse Vioolconcoursen, het Ricciotti Ensemble, het Britten Jeugd Strijkorkest, Nationale Jeugdkoren, Stichting Noord-Hollands Jeugdorkest, Stichting Nationaal Jeugdfanfareorkest – geen enkele instantie op gebied van klassieke muziek is gehonoreerd. Behalve het Leerorkest, en die kreeg maar eenderde van het gevraagde bedrag. Kinderen bij wie het vlammetje daar wordt aangewakkerd, kunnen vervolgens nergens meer naartoe.
Eerst is er fors bezuinigd op muziekonderwijs en op muziekscholen. Nu zijn dus de volgende schakels in de keten aan de beurt. Dan is er daarna vanzelf geen nieuwe generatie professionele musici meer over.
Ik ben heel blij met de toekenning die we voor twee instellingen waar ik voor werk, gekregen hebben. De subsidie stelt ons in staat om muziek te blijven ontwikkelen en levens te verrijken met muziek – zowel voor de toehoorders als voor de musici. Maar de vlag zal voor maximaal vier jaar uit kunnen en daarna valt het doek voor iedereen, want er zal geen nieuwe generatie musici aan de poorten staan om het concertpodium in welke vorm dan ook te betreden.
Ilonka van den Bercken, zakelijk directeur van het Stiftfestival en Orkest De Ereprijs, Bussum
Wilt u reageren op een brief of een artikel? Stuur dan een brief (maximaal 200 woorden) naar brieven@volkskrant.nl
Het belangrijkst is dat een brief helder en duidelijk is. Wie een origineel en nog niet eerder verwoord standpunt naar voren brengt, maakt grotere kans te worden gepubliceerd. Een brief die mooi en prikkelend is geschreven, heeft ook een streepje voor. Kritiek op de Volkskrant wordt vaak gepubliceerd, op-de-man-gespeelde kritiek op personen plaatsen we liever niet.
Iedere brief wordt gelezen door een team van ervaren opinieredacteuren en krijgt een kans. En wekelijks worden ongeveer vijftig brieven geselecteerd. Over de uitslag kan helaas niet worden gecorrespondeerd. Wij zijn er trots op dat onze lezers mooie en goede brieven schrijven, waarvan we elke dag een levendige rubriek kunnen samenstellen.
Source: Volkskrant