Dinsdagavond Nederlandse tijd vertrekt hij volgens planning vanaf de lanceerbasis in Kourou, Frans-Guyana: Ariane 6, het nieuwe werkpaard van de Europese ruimtevaart. De raket moet ervoor zorgen dat Europa eindelijk weer zelfstandig naar de ruimte kan vliegen.
Wanneer de Europese raket Ariane 6 dinsdagavond Nederlandse tijd richting het kosmische vertrekt, is het iets meer dan een jaar geleden dat voorganger Ariane 5 zijn laatste vlucht maakte. Omdat Ariane 6 veel vertraging opliep en de in 2022 in gebruik genomen Europese Vega-C-raket na een mislukte lancering aan de grond wordt gehouden, was Europa sindsdien afhankelijk van anderen.
En dat terwijl de eigen toegang tot de ruimte juist enorm belangrijk is, zegt Joost Carpay van het Nederlands ruimtevaartagentschap NSO. Hij spreekt op een persbijeenkomst met meerdere experts bij ruimtevaartbedrijf Airbus Nederland, waar een mengelmoes heerst van spanning (voor de eerste lancering), opluchting (vanwege het einde aan de jarenlange vertraging) en enthousiasme. ‘In deze grillige wereld willen we zelfstandig kunnen handelen. Daar gaat Ariane 6 voor zorgen.’
De raket zal in de toekomst grote wetenschappelijke missies van Europa lanceren, van sondes die het zonnestelsel verkennen tot aardobservatiesatelietten die klimaatverandering in kaart brengen, en bovendien strategisch belangrijke navigatie- en defensiesatellieten in een baan rond de aarde brengen. Na een opstartperiode moet er uiteindelijk elke maand een Ariane 6 omhooggaan.
Over de auteur
George van Hal is wetenschapsredacteur van de Volkskrant. Hij schrijft over sterrenkunde, natuurkunde en ruimtevaart.
Voor de Europese ruimtevaart was het jaar zonder eigen lanceermogelijkheden vervelend. ‘Toen we besloten de Europese navigatiesatelliet Galileo in april met het Amerikaanse SpaceX te lanceren, moesten we eerst veiligheidsgaranties krijgen’, zegt Carpay. Het ging om garanties dat alles voldoende beveiligd was tegen eventuele technologische spionage. Europa beschouwt de satellieten, tegenhangers van het Amerikaanse gps, namelijk als cruciaal voor de eigen autonomie.
De vertraging van Ariane 6 zorgde voor meer pijnlijke beslissingen. Eind juni, twee weken voor de eerste lancering, besloten de makers van de Europese weersatelliet Eumetsat Ariane 6 in te ruilen voor de Falcon 9-raket van SpaceX. Dat is echter geen teken van een gebrek aan vertrouwen in de nieuwe raket, meent Carpay. ‘Dit ging puur om de planning. Ze hebben al toegezegd dat voor een volgende satelliet Ariane 6 weer de voorkeursleverancier is.’
Ariane 6 is goedkoper dan voorganger Ariane 5, maar kan op prijs de concurrentie met de marktleider SpaceX nog altijd niet aan. ‘SpaceX is met de Falcon-9 nog iets goedkoper’, geeft Benoit Laine van ESA desgevraagd toe. Dat komt onder meer door de herbruikbare onderste rakettrap, die bij Ariane 6 ontbreekt. Hij benadrukt wel dat de prijs per lancering varieert, ook bij SpaceX, afhankelijk van de keuzes die een klant maakt.
De laagste prijs is voor Ariane 6 echter niet het allerbelangrijkste. De raket zorgt er sowieso voor dat SpaceX meer concurrentie krijgt. ‘Niemand wil een monopolie van één vervoerder naar de ruimte’, zegt Carpay. ‘Ook de markt niet. Europa zal met Ariane 6 misschien niet de dominante speler zijn die het met de Ariane 5 was, maar voor alle partijen is de komst van deze raket belangrijk.’
Op ongeveer dertig lanceringen van Ariane 6 zijn al plekken geboekt, ook door commerciële opdrachtgevers.
De nieuwe raket maakt onder meer gebruik van Nederlandse technologie. Zo zijn de ontstekingsmechanismen van Ariane 6 afkomstig van het Nederlandse bedrijf APP uit Klundert. En Airbus Nederland bouwde de onderdelen waaraan de raketmotoren worden bevestigd.
In de productieruimte van Airbus in Oegstgeest werkt men daarom aan metershoge, cilindervormige bouwwerken van aluminium, van honderden kilogrammen per stuk: onderdelen van het zevende tot en met negende exemplaar van Ariane 6, waarvan de eerste over een jaar of twee gelanceerd wordt.
‘De motor van de eerste rakettrap is zo sterk als honderd Joint Strike Fighters en versnelt Ariane 6 in korte tijd tot tweemaal de snelheid van een kogel die een pistool verlaat’, zegt Pieter Cornelissen, die bij Airbus leidinggeeft aan het bouwen van de onderdelen die dat krachtenspel moeten overleven. Alles moet daarom ijzersterk zijn, zegt hij, terwijl hij wijst naar het ‘kruis’ waar in het midden van de raket de motor aan bevestigd zal worden. ‘Deze bout, bijvoorbeeld, is krachtig genoeg om een volgetankt marinevliegtuig op te tillen.’
Ondanks die extremen is Ariane 6 nog nooit in zijn geheel getest. ‘Zulke testen kosten tientallen miljoenen euro’s, terwijl onze simulaties steeds beter zijn’, zegt Frank Meiboom van Airbus Nederland. De meeste testen zijn daarom in de computer gedaan. ‘Het is dinsdag de eerste keer dat Ariane 6 aan de volledige belasting van een ruimtevlucht wordt blootgesteld. Dat blijft natuurlijk spannend.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant