Vreedzame demonstranten worden in Europa steeds vaker hardhandig aangepakt, gecriminaliseerd en gestigmatiseerd, stelt Amnesty International. De mensenrechtenorganisatie vindt dat Europese landen "er alles aan doen om afwijkende meningen de kop in te drukken".
"Het demonstratierecht loopt in Europa risico om in duizend stukjes te vallen", zegt Amnesty-medewerker Catrinel Motco. "Mensen die de straat op gaan, worden geconfronteerd met steeds strengere beperkingen, strafrechtelijke sancties, staatsgeweld, discriminatie en toezicht."
De organisatie heeft in 21 Europese landen onderzoek gedaan naar hoe er met demonstranten wordt omgegaan. Ook Nederland is onderzocht. Volgens de organisatie legt het rapport door heel Europa een patroon bloot van het gebruik van onnodig of buitensporig geweld, willekeurige arrestaties en vervolgingen.
Gerapporteerde incidenten laten volgens Amnesty meerdere voorbeelden van buitensporig en onnodig geweld zien. Zo was er in Frankrijk, Duitsland, Griekenland en Italië sprake van gebroken botten of tanden bij demonstranten na ingrijpen van de politie. Volgens Amnesty kwam het gebruik van geweld soms neer op marteling.
In Zwitserland, België, Frankrijk, Finland, Duitsland, Polen, Italië, Slovenië en Servië werd door agenten zelfs buitensporig geweld gebruikt tegen kinderen, stelt de organisatie.
Amnesty maakt zich ook zorgen om het gebruik van nieuwe technologie en bewakingsinstrumenten om acties van demonstranten te monitoren en gegevens te verzamelen, analyseren en opslaan.
Volgens de organisatie gebeurt dit in meerdere landen niet veilig genoeg, waardoor er risico is op wijdverspreid misbruik.
In 11 van de 21 onderzochte landen ziet Amnesty ook dat er gebruik wordt gemaakt van gezichtsherkenningstechnologie. Zes landen zijn van plan die in te voeren. Amnesty roept landen op te stoppen met die "willekeurige massasurveillance".
Daarnaast ziet Amnesty ook dat politici in de 21 onderzochte landen "schadelijke retoriek" gebruiken als het om demonstranten gaat. Demonstranten worden volgens de organisatie omschreven als "terroristen", "criminelen", "buitenlandse agenten" en "anarchisten".
Daardoor kunnen demonstraties steeds vaker worden gezien als een bedreiging voor de openbare orde of nationale veiligheid, stelt Amnesty. Met negatieve retoriek proberen politici het invoeren van strengere wetten op het gebied van demonstratierecht te rechtvaardigen, staat in het rapport.
Onnodig geweld, massasurveillance en de retoriek van politici zorgen volgens de mensenrechtenorganisatie voor angst. Deelname aan een demonstratie wordt erdoor ontmoedigd, voornamelijk bij gemarginaliseerde groepen zoals mensen van kleur en lhbtqia+'ers.
Amnesty roept daarom op dat Europese landen hun aanpak van demonstraties volledig gaan herzien. Volgens de organisatie moeten wetten worden hervormd en moeten demonstraties makkelijker worden gemaakt, in plaats van "tot zwijgen gebracht".
Source: Nu.nl algemeen