De Amerikaanse democratie is in verval, zegt de invloedrijke politicoloog Daniel Ziblatt. Dat is niet te wijten aan de kiezers, maar aan radicale politici én aan de collega’s die hen op weg helpen. Is het tij nog te keren?
Halverwege het gesprek begint Daniel Ziblatt (51), een van de invloedrijkste politicologen van de Verenigde Staten, over een peiling van twee verkiezingen terug. Niet Joe Biden stond toen tegenover Donald Trump, maar Hillary Clinton. ‘Aan Republikeinse kiezers werd gevraagd of ze een positiever beeld hadden van Clinton of van Poetin’, zegt Ziblatt. ‘Wat denk je? Ze waren positiever over de president van Rusland.’
Ziblatt zit in zijn kantoor dat uitkijkt over de zonovergoten campus van Harvard. Een nieuwe lichting studenten dwaalt met grote rugzakken over het universiteitsterrein. Als directeur van het Minda de Gunzburg Center for European Studies, een instituut aan Harvard University, pendelt hij tussen Boston en Berlijn. Al decennialang doet hij onderzoek naar democratisch verval over heel de wereld. Vroeger vooral landen ver van het Amerikaanse bed – Zambia, Thailand, Bolivia – maar sinds 2016 niet meer.
Over de auteur
Maral Noshad Sharifi is correspondent Verenigde Staten voor de Volkskrant. Ze woont in New York.
De uitholling van de Amerikaanse democratie is al een tijd aan de gang. Sinds eind jaren zeventig wordt stemmen moeilijker gemaakt. In conservatieve staten worden districten zo getekend dat Democraten weinig kans maken. Ook is de invloed van het grote geld op de politiek toegenomen, net als het vijanddenken. Vandaar ook dat Republikeinen in 2016 al zeiden Poetin sympathieker te vinden dan Clinton.
‘De verkiezingswinst van Donald Trump bracht die uitholling in een stroomversnelling’, zegt Ziblatt. Het land begon te kantelen.
Sommige instituties wankelden door Trumps brutaliteit en machtshonger. Zo probeerde hij als president ‘zijn’ ministerie van Justitie te gebruiken om onderzoek naar hemzelf te dwarsbomen. Als hij de komende presidentsverkiezingen wint, wil hij met dit ministerie de jacht openen op politieke tegenstanders en medewerkers die hem ontrouw werden. Deze week kende het Hooggerechtshof, dat Trump tijdens zijn eerste termijn voorzag van drie conservatieve rechters, de oud-president zelfs gedeeltelijke immuniteit toe tegen vervolging. Amerikaanse presidenten stuiten op steeds minder obstakels om autoritaire plannen te verwezenlijken.
‘We schreven vijftien jaar lang over mislukte democratieën in andere landen en andere tijden’, schreef Ziblatt in zijn invloedrijke bestseller How Democracies Die (2018). ‘Nu moeten we naar ons eigen land kijken.’ In het boek beschrijft hij, samen met politicoloog Steven Levitsky, hoe ook de Amerikaanse democratie in verval raakte.
Sinds het einde van de Koude Oorlog worden democratieën niet meer beëindigd door generaals en soldaten, maar door democratisch verkozen politici. Zonder tanks die door de straten rijden, zonder bloedvergieten. Volgens de politicologen ligt het gevaar bij politici in het establishment die de weg vrijmaken voor radicale figuren. Omdat ze op de korte termijn willen winnen, ontkennen ze de schade die de democratie op de lange termijn zal oplopen.
Het grote probleem, zegt Ziblatt: kiezers hebben het niet door. Zij horen de alarmbellen niet rinkelen.
Welk cijfer zou u de Amerikaanse democratie op dit moment geven?
‘Ik ben het eens met beoordelingen van internationale organisaties als Freedom House die stellen dat de VS nog steeds een democratie is, maar wel een die achteruitgaat. Een president probeerde de machtsoverdracht te blokkeren, verkiezingswaarnemers worden regelmatig bedreigd, stemmen wordt in veel staten moeilijker gemaakt. De Amerikaanse democratie is niet meer zo sterk als vroeger. Tot 2016 kreeg de VS een score van 94 uit 100, nu iets van 84. Lager dan Argentinië.’
Over welke ontwikkeling maakt u zich de meeste zorgen?
‘Politiek geweld. Dit maakt de Amerikaanse radicaal-rechtse beweging gevaarlijker dan die in Europa. Een democratie kan niet bestaan als geweld een onderdeel wordt van de politiek. Aan de Republikeinse kant lijkt daar tolerantie voor te bestaan.
‘In campagnevideo’s zie je kandidaten voor het Congres met wapens in hun hand naar het Capitool rennen. Ze praten op een gewelddadige toon over hun tegenstanders. Ze vrezen hun achterban. Volgens de Republikeinse senator Mitt Romney hadden meer Republikeinse afgevaardigden voor de afzetting van Trump willen stemmen na de opstand van 6 januari 2021. Ze durfden niet, omdat hun families in hun kiesdistricten werden bedreigd.’
Donald Trump loopt op dit moment voor in de peilingen. Hoe verwacht u dat een eventuele tweede termijn Trump verschilt van de eerste?
‘In zijn eerste termijn was Trump tamelijk incompetent. Hij zei dingen die hij niet voor elkaar kreeg, omdat hij niet wist hoe. Ook werd hij deels tegengehouden door het establishment van de Republikeinse Partij, dat sceptisch was over hem. Inmiddels hebben ook zijn critici hem omarmd. Sommigen van hen, zoals Marco Rubio en Lindsey Graham, willen zelfs zijn vicepresident worden.
‘Trump heeft meer ervaring, begrijpt het systeem beter en kan gemakkelijker zijn autoritaire plannen verwezenlijken. Hij heeft beloofd om de opstandelingen van 6 januari 2021 gratie te verlenen. Ook wil hij de FBI inzetten om achter zijn politieke tegenstanders aan te gaan. Zéér autoritaire plannen. Omdat de instituties worden bedreigd, is er in het politieke en maatschappelijke debat minder ruimte om het over thema’s te hebben die urgent zijn, zoals klimaatverandering.’
Veel kiezers zien Trump als een praatjesmaker, iemand die dingen zegt die hij toch nooit gaat doen. Hij zei eerder ook al dat hij de FBI naar zijn hand wilde zetten. Dat lukte niet. Hij zei dat hij Hillary Clinton ging opsluiten; niet gebeurd.
‘Het is naïef om Trump nu niet serieus te nemen. Het idee bestaat dat politici niet doen wat ze beloven, maar ik denk dat politici vaak echt wel proberen te doen wat ze zeggen. Trump kan deze keer op veel minder weerstand rekenen. Hij heeft nieuwe bondgenoten die veel radicaler zijn dan de vorige keer, en hem zijn gang zullen laten gaan.
‘In zijn eerste termijn probeerde Trump de Insurrection Act te gebruiken tegen Black Lives Matter-demonstranten, een wet bedoeld om opstandelingen tegen de staat te vervolgen. Partijgenoten hielden hem tegen, straks mogelijk niet meer. Zo kan hij stapsgewijs de democratie uithollen. Zelfs in het beste geval, waarin er veel politiek en maatschappelijk verzet komt en Trumps plannen geen doorgang vinden, zal dat met zo veel conflict gepaard gaan dat het voor maatschappelijke instabiliteit zorgt.’
Volgt Trump een bepaald handboek, denkt u? Of zijn er autoritaire figuren door wie hij zich laat inspireren?
‘Trump heeft vaak zijn bewondering uitgesproken voor de Russische president Poetin en de Chinese president Xi, maar die zijn niet eerlijk verkozen. Hij valt beter te vergelijken met Viktor Orbán. Ook die keerde voor een tweede keer terug in de politiek, na een minder succesvolle politieke carrière in de jaren negentig.
‘De politieke stijl van Trump doet ook denken aan de manier waarop gangsters als Al Capone te werk gingen. Hij zet zelden dingen op papier, om bewijslast te voorkomen. Ook vertraagt hij justitiële onderzoeken. Hij kijkt naar buitenlandse autoritaire figuren, maar zijn gedrag heeft ook iets maffia-achtigs, iets New Yorks.’
Ver voor Trump waren de VS juist het land dat demagogen goed buiten de macht kon houden, schrijft Ziblatt. Zo was de rijke antisemiet Henry Ford, die een inspiratie was voor Adolf Hitler, begin vorige eeuw populair onder een deel van de bevolking. Ford had ambities om de landelijke politiek in te gaan. Het politieke establishment hield dat tegen.
Joseph McCarthy, de anticommunistische extremist die van 1947 tot zijn dood in 1957 senator was voor Wisconsin, kreeg een spreekverbod opgelegd door zijn Republikeinse collega’s. Ook toen fascisten elders in Europa hun weg vonden naar het centrum van de macht, maakten ze in de VS geen schijn van kans – hoe populair ook onder sommige kiezers.
‘We hadden tot 1968 geen voorverkiezingen’, zegt Daniel Ziblatt. ‘Politici selecteerden kandidaten in achterkamertjes die gevuld waren met rook. Het proces was minder democratisch, maar zo hielden ze demagogen buiten het systeem.’
Het gaat mis, is de stelling van Ziblatt en Levitsky in hun boek, wanneer gematigde politici antidemocratische extremen tolereren, vergoelijken of met hen samenwerken. Een situatie die inmiddels ook in Nederland te herkennen is. Respectabele politici zeggen dat ze om de democratie geven, maar intussen plaveien ze de weg voor autoritaire figuren. ‘Het afschrikwekkende effect verdwijnt’, meent Ziblatt.
U legt de verantwoordelijkheid bij politici. Maar ligt de oorzaak voor radicalisering niet gewoon bij kiezers? Dat Trump in mei als eerste oud-president ooit schuldig werd bevonden aan strafbare feiten, schrikt kiezers volgens de peilingen helemaal niet af.
‘Dat ze Trump blijven steunen, zegt meer over de sterke politieke polarisatie die je in het land ziet. Mensen zijn extreem loyaal aan één partij. In het Verenigd Koninkrijk kunnen kiezers heel lang op de Tories stemmen, maar als ze ontevreden zijn, stappen ze over op Labour. Dat soort verschuivingen zie je hier niet, omdat er veel haat is voor de tegenpartij.
‘Bovendien weten we uit onderzoek dat kiezers vaak bereid zijn om democratische waarden in te leveren als ze daarmee hun doel kunnen bereiken – dat zie je bij rechts én links. Kiezers die immigratie een belangrijk thema vinden, willen best op iemand stemmen die valsspeelt, maar immigratie weet te beperken. Kiezers die klimaatverandering belangrijk vinden, kunnen doeltreffend beleid plaatsen boven de democratie. Het probleem ligt niet bij kiezers, maar bij de politici.’
U zei net nog dat sommige Congresleden niet tegen Trumps afzetting stemden uit angst voor hun boze achterban. Kiezers bepalen uiteindelijk wie wint.
‘Kiezers moeten gewoon stemmen op wie ze willen, zo werkt democratie. We weten dat er in westerse democratieën een vaste groep is die vatbaar is voor radicaal-rechtse politiek. Zo’n 30 procent van het Amerikaanse electoraat is dol op Donald Trump, ze geloven zijn leugens over de verkiezingsuitslag. Vroeger kregen extreme figuren hier ook de steun van zo’n 30 procent van het electoraat. In Europese landen zie je ook dat 20 tot 30 procent radicaal-rechts stemt.
‘Ik denk dat je altijd een groep zult hebben die ontevreden is over de status quo. De vraag is waarom die minderheid zo veel macht kan vergaren. En waarom het establishment de weg vrijmaakt voor politici die de democratie in gevaar brengen. Het gevaar ligt niet bij kiezers, maar bij autoritaire politici zelf, en bij collega’s die hen op weg helpen.’
Stephen Schwarzman, de ceo van investeringsmaatschappij Blackstone, heeft gezegd geld te doneren aan Trumps campagne. En Jamie Dimon, de bestuursvoorzitter van JP Morgan, de grootste bank van het land, liet zich laatst ook positief over hem uit. Wat voor effect hebben economische elites op de verkiezingen?
‘Ze normaliseren autoritaire politici. Vlak na 6 januari 2021 zeiden allerlei grote bedrijven, zoals warenhuis Target en bouwmarkt Home Depot, dat ze geen geld zouden geven aan een kandidaat die de verkiezingsuitslag van 2020 niet accepteerde, die leugens verspreidde. Daar zijn de meesten van teruggekomen. Meer invloedrijke ceo’s hebben sindsdien hun steun uitgesproken. Al deze ontwikkelingen zorgen ervoor dat kiezers dit als normale verkiezingen gaan beschouwen tussen een Democraat en een Republikein. Het schokkende is dat leiders uit het bedrijfsleven, die afhankelijk zijn van politieke stabiliteit, deze bedreiging niet onderkennen.’
Joe Biden heeft de afgelopen jaren geprobeerd gematigde Republikeinen aan boord te krijgen om samen de autoritaire tak van de Republikeinse Partij te bevechten. Hebben dit soort coalities zin?
‘Het is moeilijk om daar nu iets mee te bereiken, omdat de Republikeinen Trump echt hebben omarmd. Veel critici zijn weg. De mensen die hem steunen, maken zichzelf wijs dat het niet heel erg is. Die zijn uit op eigenbelang. Sommigen zullen spijt hebben dat de partij Trump heeft binnengelaten, maar toch houden ze hem niet tegen. Wat kan ik als klein mensje nou betekenen, zeggen ze tegen zichzelf. Ze blijven keer op keer dezelfde fout maken. Ik denk dat veel mensen de kracht van het Amerikaanse politieke systeem overschatten. Ze doen alsof dat onverwoestbaar is, maar dat klopt niet.’
In hun boek Tyranny of the Minority (2023) beschrijven Ziblatt en Levitsky hoe het Amerikaanse politieke systeem de Republikeinse Partij stelselmatig bevoordeelt. Alle staten in de VS mogen twee senatoren leveren. Dus Wyoming, waar 600 duizend mensen wonen, heeft twee vertegenwoordigers in de Senaat, en Californië, waar 39 miljoen mensen wonen, ook. Veel van die kleine Republikeinse staten met weinig inwoners hebben verhoudingsgewijs veel macht in Washington.
Ditzelfde geldt voor het aantal kiesmannen dat staten krijgen toegewezen bij de presidentsverkiezingen. Ook al winnen Democraten bijna altijd de popular vote, ze winnen toch niet altijd het presidentschap. Zo kon Donald Trump, een minderheidspresident, via de Senaat een enorme conservatieve meerderheid in het Hooggerechtshof benoemen die deze week de weg plaveide voor, opnieuw, een dictatuur van de minderheid – die van één man zelfs.
‘Onze politieke instituties bedreigen de Amerikaanse democratie door het extremisme bij Republikeinen te versterken’, schrijft Ziblatt in zijn laatste boek. ‘Hun conservatieve achterban duwt ze een extremistische kant op’, schrijft hij, ‘en instituties houden het niet tegen.’ Hierdoor hoeven Republikeinen niet naar de wensen van de meerderheid te luisteren om verkiezingen te winnen. Een gevolg: ze voelen niet de verplichting om de diversiteit van de Amerikaanse samenleving te omarmen.
Wat betekent dit voor het witte superioriteitsdenken in de VS? Hoe tolerant zijn de VS nu, vergeleken met bijvoorbeeld honderd jaar geleden, toen de Ku Klux Klan op zijn hoogtepunt was?
‘Wat je door heel de geschiedenis ziet, is dat steeds wanneer ons systeem democratischer, inclusiever en diverser wordt, er een backlash komt. Het is een onvermijdelijke cyclus. Het gelijkwaardig worden van de samenleving kan voor mensen boven aan de sociale hiërarchie als onderdrukkend worden ervaren. Demagogen versterken dit soort angstgevoelens. Dit voedt de afkeer van de democratie.
‘Maar het is goed om te weten dat we desondanks alsnog vooruitgang boeken. Het land is niet eerder zo inclusief geweest als nu. Amerikanen zijn veel toleranter dan vroeger, een meerderheid ondersteunt diversiteit. Veel meer mensen steunen nu wetten die discriminatie verbieden dan veertig jaar geleden.’
Moeten we het succes van autoritaire politiek in de VS en in Europa ook als onvermijdelijke cyclus zien, of kan het tij nog worden gekeerd?
‘Nee, dit is niet cyclisch. Het gebeurt omdat het niet wordt tegengehouden. Als de samenleving niets doet, wordt het erger. Er zal altijd interesse zijn in autoritaire leiders bij een deel van de bevolking, maar ze moeten buiten de macht worden gehouden. Andere partijen moeten een front tegen hen vormen. Een nadeel is dat je dan niet naar hun kiezers luistert, maar eenmaal binnengelaten kom je moeilijk van ze af. Zoals nu met Trump.
‘Ook de maatschappij moet zich ertegen mobiliseren. Niet alleen activisten, maar religieuze instellingen en zakenmensen. Want zodra de rode lijn vervaagt, moet die opnieuw worden ingekleurd. Ten slotte moeten politieke instituties zo worden hervormd dat ze de minderheid minder macht toekennen.’
En wat doe je intussen met de ontevreden kiezers die zich op deze wijze alleen nog maar meer buitengesloten zullen voelen?
‘Veel van hun zorgen gaan gepaard met economische achteruitgang, daar moet je iets tegen doen. Rechtse politici zullen altijd aandringen op een beperking van het aantal migranten, of de veiligheid aan de grens – dat moet kunnen. Maar dat betekent niet dat politici de aanval op het parlement moeten goedkeuren. Of dat ze de politieke rechten moeten wegnemen van staatsburgers met een bepaalde culturele achtergrond. Dat mag nooit acceptabel zijn in het democratische politieke systeem.
‘Je moet dus onderscheid maken tussen rechts-populistische en ondemocratische standpunten. Luister naar zorgen van kiezers, maar laat radicaal-rechts niet de agenda bepalen. Er zullen altijd autoritaire krachten bestaan, maar je moet voorkomen dat ze macht krijgen. Lukt ze dat toch, dan zal de hele samenleving daar uiteindelijk schade van ondervinden.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant