Correspondent Rob Vreeken kijkt Nederland-Turkije vanavond in Istanbul, in het hol van de leeuw. ‘De verwachtingen waren niet hooggespannen. Maar tot ieders grote verrassing loopt het toernooi best wel lekker.’
Dag Rob, hoe leeft Turkije toe naar de wedstrijd tegen Nederland?
‘Turkije is een voetbalgek land. Dat merk je vooral tijdens de clubcompetitie, wanneer lokale fans van de drie grote clubs in Istanbul – Beiktas, Galatasaray en Fenerbahçe – in de clubkleuren door de stad marcheren. Dat die Turkse topclubs zo goed zijn, komt deels doordat er zoveel goede buitenlandse spelers voetballen. Maar op het moment dat Turkije als land moet spelen, blijft daar minder van over.
‘Rondom het EK waren de verwachtingen, mede daarom, niet hooggespannen. Ook speelt mee dat het nationale team het nooit zo goed doet op eindtoernooien en dat de vriendschappelijke wedstrijd tegen Oostenrijk vlak voor het EK met 6-1 verloren ging.
‘Maar tot ieders grote verrassing loopt het toernooi best wel lekker. Zeker na de winst tegen Oostenrijk is het enthousiasme groot.’
Hoe wordt er naar het Nederlands elftal als tegenstander gekeken?
‘De Turken zijn ook niet gek, die beseffen dat Nederland in de loop van het toernooi opeens aardig goed is gaan spelen. Ze zien de ploeg daarom als een geduchte tegenstander. Desondanks is het enthousiasme hier, zoals gezegd, groot. Dat zie je aan het publiek en de manier van spelen van de Turken. Als die ergens voor gaan, zit er veel energie in. Dus ik denk wel dat ze er veel vertrouwen in hebben.
‘Als je Turken vraagt naar Nederlandse voetbalspelers, hebben ze het vaak over Wesley Sneijder. Die heeft hier een tijdje voor Galatasaray gevoetbald. Dat er in Nederland veel Turkse Nederlanders zijn, weten ze ook. Maar dat speelt niet zozeer een rol in de voetbalbelevenis hier.’
Hoe is in Turkije gereageerd op de schorsing van Merih Demiral, omdat de Turkse verdediger vorige wedstrijd een ‘wolvengroet’ maakte na zijn doelpunt?
‘Mensen hier vinden het doodzonde dat hij geschorst is, aangezien ze hem goed hadden kunnen gebruiken. Velen hebben het gevoel dat ze oneerlijk worden behandeld. De Turkse president Erdogan vroeg zich hardop af waar voetbalbond Uefa zich druk om maakt. Volgens hem is het een hoop gedoe om niks.
‘Het ‘wolvengebaar’ dat Demiral maakte, werd veel gebruikt in de jaren zeventig en -tachtig, toen het een strijdsymbool was van de Grijze Wolven. Dat is de bijnaam van een extreem-nationalistische organisatie die fungeerde als jongerenorganisatie van de rechts-nationalistische MHP-partij, die deel uitmaakt van de regeringscoalitie van president Erdogan. Ondertussen is het ook in Turkije een omstreden symbool geworden.
‘Desondanks vinden rechtse Turken dat alle ophef overtrokken is, omdat het zou gaan om een nationaal symbool. Volgens linkse Turken gaat het echter om een fascistisch gebaar.
‘Des te opvallender was het daarom dat de CHP, de sociaaldemocratische oppositiepartij, aangaf de schorsing ook overdreven te vinden. Het geeft aan dat Turkse politici proberen mee te liften met het nationale voetbalgevoel dat nu heerst. Dat ze er opeens achter gaan staan, is opportunisme natuurlijk, dat moet je met een korreltje zout nemen.’
Is het ook opportunistisch van Erdogan om nu naar Berlijn af te reizen?
‘Geen politicus is opportunisme vreemd, zeker Erdogan niet. Internationaal gezien opereert hij altijd strategisch en berekenend. Het is geen man van grote principes, behalve als het in het Turkse belang is.
‘De wedstrijd van vanavond is belangrijk voor Turkije en daar wil hij graag bij zijn als vertegenwoordiger van het land. Het besluit om naar Berlijn af te reizen, heeft hij gekoppeld aan het besluit van de Uefa om Demiral te schorsen. Daarmee heeft hij aangevoeld dat het Turkse nationale gevoel is gekwetst. Kennelijk voelt hij zich geroepen om dat gevoel te beschermen.’
Wat verwacht je zelf van de wedstrijd vanavond?
‘Om heel eerlijk te zijn, hoop ik dat Turkije wint. Dat blijft professioneel gezien voor mij het leukste. Als ze erin blijven, kan ik erover blijven schrijven. Van mij mogen ze daarom de finale bereiken.
Zelf ga ik vanavond tussen de Turken in een stadion zitten waar een groot scherm wordt geplaatst. Ik zal m’n oranje klomp deze keer maar niet op mijn hoofd zetten. Maar ook al zou ik dat wel doen, dan zouden ze dat wel grappig vinden, zo sportief zijn ze wel.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant