De winst van Rassemblement National in de eerste ronde van de Franse parlementsverkiezingen komt bijzonder hard aan in Duitsland, dat samen met Frankrijk de democratisch voortrekker in de EU vormt. In Duitse ogen speelt Parijs roekeloze politieke spelletjes. Met als inzet de toekomst van Europa. Waar zijn de Duitsers bang voor?
‘We worden het altijd eens.’ Met die zin opende bondskanselier Olaf Scholz eind mei het staatsbezoek van de Franse president Emmanuel Macron. Over de leiders van de twee Europese grootmachten wordt gezegd dat hun persoonlijkheden zo verschillend zijn als de politieke culturen die ze vertegenwoordigen. Maar aan de vooravond van de Europese verkiezingen probeerden Scholz en Macron eendracht uit te stralen.
Het is de vraag of Scholz dat nu nog steeds durft te beweren. Duitsland reageerde met afschuw op Macrons besluit om nieuwe verkiezingen uit te schrijven terwijl de radicaal-rechtse partij van Marine Le Pen de peilingen aanvoerde. Hoe konden de Fransen zo onbezonnen zijn? De daverende overwinning van Rassemblement National (RN) in de eerste ronde bevestigde de bange vermoedens.
Over de auteur
Remco Andersen is correspondent Duitsland voor de Volkskrant. Hij woont in Berlijn. Eerder was hij correspondent in het Midden-Oosten.
Sterre Lindhout is buitenlandredacteur van de Volkskrant. Ze schrijft met name over Noord-Amerika, het Caribisch gebied en Suriname. Eerder was ze correspondent in Berlijn.
‘Het kan niemand koud laten’, zei de Duitse buitenlandminister Annalena Baerbock deze week, ‘als bij onze allertrouwste bondgenoot en beste vriend een partij ver voorligt die Europa ziet als het probleem, en niet als de oplossing.’
De verklaring voor de Duitse schrik ligt in de betekenis van de Frans-Duitse motor voor de EU, én voor de plek van Duitsland daarin. De verzoening van de voormalige aartsvijanden leidde in de decennia na de Tweede Wereldoorlog tot de geboorte van de tandem waarop Europese besluitvorming nog altijd leunt.
‘Duitsland en Frankrijk vertegenwoordigen tegenpolen binnen Europa, in al haar rijkheid, in hoe ze denken over economie en politiek’, zegt Marc Ringel, directeur van het Duits-Franse Instituut en hoogleraar bestuurskunde aan Sciences Po in Parijs. ‘Als zij nationale belangen opzijzetten om tot een gezamenlijke oplossing te komen en daarbij andere landen meekrijgen, dan zie je Europa op haar best.’
Maar RN ziet Duitsland niet als een partner binnen democratisch Europa. Integendeel: de campagne van de mogelijke Franse verkiezingswinnaar schildert het buurland af als een bullebak. Met hun gehamer op de rechten van vluchtelingen, gezonde staatsfinanciën (lees: minder staatsschuld) en Europese defensiesamenwerking dwarsbomen de Duitsers volgens Le Pen Franse nationale belangen.
Binnen RN bestaat bewondering voor Poetin. De partij is kritisch op de Navo, belooft een ‘radicale hervorming’ van militaire bondgenootschappen, en heeft gezegd de militaire samenwerking met Duitsland goeddeels te schrappen. Daaronder twee projecten die de hoeksteen kunnen moeten vormen van de door de EU zo vurig gewenste gezamenlijke defensiecapaciteit. Het gaat om het Main Ground Combat System, een tank van de toekomst, en een gezamenlijk luchtverdedigingssysteem rondom een nieuwe generatie gevechtsvliegtuigen. Een handvol Europese landen wil zich aansluiten.
Duitsland en Frankrijk zijn grote wapenproducenten en dreven de afgelopen twee jaar samen de wapensteun voor Oekraïne op. Het Rassemblement National is echter uiterst kritisch op Europese steun aan Oekraïne. Weliswaar gaat de Franse president – dat blijft Macron tot 2027 – over veiligheids- en buitenlandbeleid, maar dat is meer traditie dan grondwet. FN-voorvrouw Marine Le Pen heeft dat al in in twijfel getrokken.
Een eventueel wegvallen van Frankrijk stelt Duitsland voor existentiële vragen over zijn rol binnen Europa. Beide landen hebben een volstrekt verschillende politieke cultuur. Frankrijk – oud-kolonisator, wereldmacht en kernmacht – ziet zichzelf als vanzelfsprekend hoofdrolspeler op het internationale toneel. Het tonen van moed geldt in Parijs als politieke deugd, risicobereidheid als aanbeveling voor een leider. Duitsland ziet zichzelf daarentegen als baken van stabiliteit, economisch en politiek, is wars van risico’s en huivert gezien haar verleden voor een Alleingang.
In de drie decennia sinds de Duitse eenwording heeft Duitsland zich verzoend met zijn eigen omvang en de daaruit voortvloeiende Europese macht – zolang die macht wordt gedeeld met Frankrijk. Op mondiaal niveau zijn de Verenigde Staten een trouwe bondgenoot. Nu dreigen beiden achter elkaar weg te vallen, mocht Donald Trump in november de Amerikaanse verkiezingen winnen.
De timing daarvan is voor Scholz en zijn regering bijzonder slecht.
In tegenstelling tot Macron gaf Scholz geen enkel gevolg aan de Europese verkiezingen, die ook voor zijn regering een blamage waren. Zijn historisch impopulaire coalitie ruziet al drie maanden onverminderd door over de begroting. Ook in Duitsland staat niet vast dat de regering de eindstreep haalt, de verkiezingen in het najaar van 2025.
En ook daar staat radicaal-rechts gretig in de coulissen. De Alternative für Deutschland (AfD) werd met 16 procent de tweede partij bij de EU-verkiezingen. De rechts-conservatieve oppositieleider CDU werd met 30 procent de grootste. De kans dat de AfD federale verkiezingen wint is klein, ook omdat de partij nog een stuk extremistischer is dan RN. Maar het democratische midden staat in Duitsland evengoed onder druk. Een radicaal-rechtse regering in het belangrijkste buurland zal die druk vergroten.
Dus of ze er samen uitkomen? De tweede ronde van de Franse verkiezingen, aanstaande zondag, zal daarvoor de voorwaarden scheppen. Als Le Pen wint, schaart Frankrijk zich met Italië, Nederland en komende herfst mogelijk Oostenrijk in het radicaal-rechtse kamp dat Europa ziet als bron van kwaad. Daartegenover staan dan Polen, Spanje, en enkele Scandinavische landen.
Met als hun onvermijdelijke leider Duitsland, hoeder van het pro-Europese geluid in een nu verdeeld continent.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant