Als er één woord is dat ik dit schooljaar vaak hebt gebruikt, is het ‘proces’. Niet in de zin van rechtszaak, maar in de zin van ‘serie van opeenvolgende activiteiten met als doel een resultaat’.
Sinds ik een opleiding volg aan de kunstacademie is het proces voor en proces na, en niet eens met als doel een resultaat. Het proces is het doel op zich.
Dit jaar moest ik als opdracht bijvoorbeeld een feestdag bedenken, en ik bedacht Old T-Shirt Day, een dag waarop iedereen een oud T-shirt droeg. Ik maakte een poster en een tijdschriftje. Dat was prima, maar ik had ook een dik notitieblok moeten afleveren met mislukte ideeën en invallen over oude T-shirts, of als experiment een berg oude T-shirts moeten maken en eens zien wat dat opleverde, en een nacht onder oude T-shirts moeten slapen. Dat is het proces, daar gaat het om op de kunstacademie. Niet om je postertje. Het was nogal een proces voor mij om te leren over het proces.
Het jaar wordt nu afgerond, en terwijl ik dit schrijf ben ik op weg naar Arnhem om mijn kwal op te halen. Mijn kwal was ook een werkstuk, en zou deel worden van een gigantisch werk dat ik had bedacht, met schelpen, een mini-hotel, en verlichting en muziek. Het Holland Festival was er niets bij.
Maar toen zat ik op een middag in het keramieklokaal, ik ging werken aan mijn kwal, en een kwal van rauwe klei maken bleek nog best een karwei te zijn, en zo mooi werd hij niet, want ik kan niet netjes werken, en ik stutte zijn onderkant met krantenproppen en aaide urenlang over de klei en raakte in een staat van – pak de kotszak er maar bij – flow. En ik dacht: het maakt niet uit hoe de kwal eruitziet, we zien wel waar dit schip strandt, het gaat om het proces. Het mini-hotel en de muziek vergat ik maar.
Ik glazuurde de kwal roze en blauw en bruin, als een glanzende, asymmetrische taart, en hij kwam uit de oven en ik was dolblij met hem.
Nee: ik was ontroerd door hem. Ik had hem in een bui van puur geluk gemaakt, en nu moest hij de rest van mijn leven met me mee, naar al mijn volgende woonplekken, altijd op een bijzettafeltje ergens.
In de weken erna kreeg ik diverse mails van het keramieklokaal dat alle werkstukken vanwege het eind van het jaar weggegooid zouden worden, dat iedereen alles moest ophalen, en die mails las ik niet goed, want ik ben niet netjes.
Dus nu ben ik op weg naar Arnhem. Mijn kwal is daar misschien nog. En misschien ligt hij in duizend scherven in een vuilnisbak. En ook dat is het proces. Ja, en het is gewoon het leven, dat ook, dat weet ik ook wel.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant