Home

Toen zei er een, op aarzelende toon: ‘Bibben?’

Ik vroeg de Sheffieldse studenten Neerlandistiek om hun afgelopen week in één woord samen te vatten. ‘Moe’, zei de een, ‘slapen’, aldus de ander. Toen zei een derde, op aarzelende toon: ‘Bibben?’

Ik wist niet wat dit betekende, en vroeg me af of de student ‘bibberen’ bedoelde. Of misschien bidden? Voor dat laatste leek de student me niet het type.

Nu had deze student vorig jaar in Gent gewoond, en al snel bleek dat de term ‘bibben’ refereerde aan ‘in de bibliotheek zitten met vrienden, al dan niet studerend’. In mijn studententijd waren er wel mensen die spraken over ‘soggen’, dat kwam van ‘sog’, en dat was weer een afkorting van ‘studieontwijkend gedrag’. Ik vond ‘bibben’ leuker, omdat er meteen een gezellige locatie werd bijgeleverd. Van mij mag ‘bibben’ dus best de grote rivieren oversteken. En waarom ook niet? De tocht over het Kanaal heeft het woord al overleefd.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next