Home

Ontwerper Jan Aarntzen (1950-2024) voelde haarfijn aan wat een artiest nodig had en maakte kostuums waarin het feest was

De weelderige jurken waarin je Karin Bloemen kunt uittekenen? Bedacht door Jan Aarntzen. Ook werkte hij voor de Ashton Brothers, Jos Brink, Brigitte Kaandorp. En altijd zag het er piekfijn uit, want hij had een hekel aan confectie. ‘Iemand in een H&M’etje op het toneel vond hij een gruwel.’

Een man die overliep van ideeën, groot vakman maar ook bloedeigenwijs, zo herinnert Karin Bloemen zich ontwerper Jan Aarntzen, die 35 jaar voor haar decors en kostuums heeft gemaakt en op 15 mei op 73-jarige leeftijd overleed.

De zangeres en cabaretière heeft een levendige herinnering aan haar eerste ontmoeting. De 25-jarige Bloemen speelde in een musical waarvoor Aarntzen decors maakte. ‘Op straat zie je er beeldig uit, waarom niet op het podium?’, zei hij tegen haar. Dat was niet pers se complimenteus, wel kenmerkend voor Aarntzen: hij was direct, humorvol en scherp, maar vooral ook ‘had hij een geweldig gevoel voor wat een artiest nodig heeft op het podium’.

Aarntzen was de man van de weelderige jurken die Bloemens signatuur zouden worden. ‘Als jij opkomt, moet het feest zijn’, was zijn uitgangspunt.’ En daarin was hij mateloos. ‘Er waren voorstellingen met zestien verkledingen. Dat is topsport, hoor. In anderhalve minuut jurk uit, jurk aan.’ Voor La Bloemen, een show uit 1993, maakte hij een reusachtige taartjurk. ‘Dat ding had een doorsnee van drieënhalve meter.’

Jan Aarntzen werd in 1950 geboren in het Gelderse Gendt, in een middenstandsgezin als eerste van vijf kinderen. Toen zijn ouders overleden, werd hij voogd van zijn twaalf jaar jongere zus Lenn. Met haar zou hij zijn hele leven samenwerken en een huis delen in Amsterdam. ‘Zielsverwanten’, zegt Lenn Aarntzen, die is opgeleid als modeontwerper.

De Volkskrant profileert regelmatig bekende en onbekende, kleurrijke Nederlanders die onlangs zijn overleden. Wilt u iemand aanmelden? postuum@volkskrant.nl

Vader Aarntzen stuurde zijn zoon aanvankelijk naar de detailhandelsschool, maar de tekenleraar daar zag Jans tekentalent en adviseerde de Arnhemse kunstacademie. Aarntzen studeerde eerst studie grafische vormgeving, maar al snel ontpopte hij zich als alleskunner: ‘Mode, productdesign, interieur: Hij zoog alles op’, zegt zus Lenn.

Sieradenontwerper Hans Appenzeller introduceerde Aarntzen in de jaren zeventig in de ontwerperswereld in Amsterdam. Hij werkte bij de Bijenkorf voor trendwatcher Lidewij Edelkoort en ontwierp een doorzichtige paraplu voor V&D met de tekst ‘Ha fijn, regen’. Die verkocht goed. Maar theaterdecors en kostuums zouden zijn lust en leven blijken.

Loeistrak korset

Toen Bloemen in 1989 haar eerste solo voorbereidde, vroeg ze Aarntzen, die toen al een aantal musicals had vormgegeven. ‘Het begint eigenlijk altijd zo: ik vertel waar de voorstelling over gaat, bij Jan borrelen meteen tientallen beelden op.’ Er was vanaf die eerste samenwerking een klik. Bloemen – dochter van een kleermaker en coupeuse – vond net als Aarntzen kostuums cruciaal voor een goede voorstelling. Het kon weleens knetteren tussen de twee uitgesproken karakters. ‘Maar hij zag het uiteindelijk altijd goed.’ Nou ja, behalve dat ene loeistrakke korset ooit: ‘Schat’, zei ze tegen hem, ‘ik ben zangeres, ik moet kunnen ademen.’

Aarntzen werkte ook samen met de Ashton Brothers, Jos Brink en Brigitte Kaandorp. Hij was directeur van de modeopleiding Akademie Vogue en nam het initiatief voor Rembrandt de Musical met producent Stardust Theatre, waarvoor hij de Johnny Kraaykamp Musical Award ontving. ‘Zijn toneelkostuums moet je beschouwen als haute couture’, zegt Lenn Aarntzen. ‘Op maat gemaakt, op het lichaam van de artiest.’

Hij had een hekel aan confectie, zegt Bloemen: ‘Iemand in een ongestreken H&M’etje op het toneel, vond hij een gruwel.’ Hij was een ambachtsman, met een voorliefde voor dure stoffen en complexe constructies. ‘Hij heeft voor een voorstelling vijf jurken over elkaar gemaakt, zodat ik me op toneel kon verkleden. Elke keer een laag afpellen.’

De coronacrisis betekende een terugslag in zijn theaterbestaan. Kort ervoor was bij Aarntzen kanker geconstateerd. Hij werkte door, probeerde diverse behandelingen. ‘Maar toen de arts zei dat hij was uitbehandeld, regelde hij binnen een week euthanasie’, zegt Lenn Aarntzen. ‘Dat was ook Jan, heel rechtlijnig in al zijn beslissingen.’

Source: Volkskrant

Previous

Next