Home

Hoe lang zijn onhoudbare staatsschulden houdbaar?

Al sinds 1975 heeft Frankrijk een begrotingstekort. Toch is het land daarmee geen wereldrecordhouder. Zo heeft Italië al een begrotingstekort sinds 1925, drie jaar na Mussolini’s Mars op Rome.

Volgend jaar vieren beide landen een jubileum, respectievelijk van een 50-jarig en 100-jarig begrotingstekort, mogelijk onder radicaal-rechtse leiders die geen plannen hebben eens flink het mes in de begroting te zetten.

Over de auteur
Peter de Waard is journalist en columnist van de Volkskrant, gespecialiseerd in financieel-economische onderwerpen.

Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.

De staatsschuld van Italië is opgelopen tot 137,3 procent van het bbp, die van Frankrijk tot 110,6 procent. Beide landen staan voor meer dan 3.000 miljard euro (3 biljoen) in het krijt bij internationale beleggers, zoals de Nederlandse pensioenfondsen.

Bij de oprichting van de eurozone, in 1999, werd afgesproken dat de staatsschuld nooit boven de 60 procent van het bbp zou mogen uitstijgen. In de Tweede Kamer zei toenmalig premier Kok dat hij ‘deze afspraak in marmer gebeiteld boven zijn bed had hangen’. Daar kon niet aan worden getornd, net als aan de regel dat het begrotingstekort nooit hoger mocht zijn dan 3 procent van het bbp.

Sindsdien heeft iedereen een loopje genomen met die afspraken. Tijdens de eurocrisis van tien jaar geleden werd nog geroepen dat een schuld van meer dan 100 procent van het bbp ‘onhoudbaar’ zou zijn. Veel bankroete bananenrepublieken die onder de knoet van het IMF zaten, hadden veel lagere schulden.

Maar de EU richtte een reddingsfonds op voor landen die de door Kok in marmer gebeitelde regels aan hun laars lapten. En de Europese Centrale Bank riep ‘whatever it takes’ als de euro door deze vrijgevigheid in gevaar zou komen. Sindsdien doen landen of het ze vrijstaat de staatsschuld verder laten oplopen. En beleggers spelen het spelletje mee. Zij moeten toch érgens met hun geld naartoe. Beleggen in China, Rusland, Brazilië en India is politiek te riskant. Liever nemen ze het risico met een economisch piramidespel dicht bij huis.

Omdat iedereen geld belegt in landen met onhoudbare schulden, is onhoudbaarheid een relatief begrip. De VS hebben een overheidsschuld van 34 duizend miljard dollar, 124,7 procent van het bbp. In absolute getallen is dat tien keer zo hoog als die van Frankrijk en Italië, maar ook de Amerikanen gaan door met schulden maken. En nog altijd zijn de VS geen dubieuze debiteur.

Opvallend is dat het niet uitmaakt of het land een grote of een kleine overheid heeft. Hoge noch lage belastingen maken het huishoudboekje van de staat sluitend. Van alle Europese landen heeft Frankrijk de hoogste belastingdruk: 46,5 procent. Maar de Fransen geven ook veruit het meeste geld uit – met name aan staatspensioenen. De belastingdruk van de VS is met 27 procent laag, maar ook zij geven te veel uit – met name aan defensie.

Gezien het opkomend populisme zal het saneren van de overheidsuitgaven geen prioriteit hebben. Er is te veel geld nodig voor de strijd tegen klimaatverandering, armoede en voor de verdediging van het land.

Misschien is een schuld van 300 procent van het bbp ook niet langer onhoudbaar meer. Het marmer boven het bed van Wim Kok is allang verkruimeld.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant columns

Previous

Next