Het Nederlands elftal ruilde het masker van onvermogen in voor een fris gezicht met blosjes. Oranje speelt na de zege op Roemenië (3-0) zaterdag de kwartfinale van het EK in Berlijn tegen Turkije.
Bijna wanhopig reageerden bondscoach Ronald Koeman en het in oranje uitgedoste volk op de tribunes in München op het missen van hele reeksen kansen. Dit kon toch niet waar zijn? Het was onvoorstelbaar dat het zo lang slechts 1-0 bleef, in een duel waarin het minimaal 7-1 of zo had moeten staan, tegen de onmachtige, vrij matige tegenstander uit Oost-Europa.
Linksbuiten Cody Gakpo was, met Jerdy Schouten als goede tweede, opnieuw de uitblinker, door zijn goal en de assist op de 2-0 van Donyell Malen, toen Gakpo op de achterlijn zijn magische been uitschoof voor een simpel doch perfect balletje terug. Malen, ingevallen voor Steven Bergwijn, bleek niet voor het eerst de perfecte speler voor de dodelijke tegenaanval, toen hij in blessuretijd na een gave dribbel ook de 3-0 maakte.
Over de auteur
Willem Vissers is voetbalverslaggever voor de Volkskrant. Dit is zijn zevende EK bij de mannen.
Praathuis Oranje, dat zich na de nederlaag tegen Oostenrijk aan bijna therapeutische sessies had overgeleverd, was met een redelijk frisse geest van de divan gestapt, om na een week weer eens een lekker potje te voetballen. Dat lukte aardig, op de afronding na dan. Voor het eerst in twintig jaar, na de met strafschoppen tegen Zweden gewonnen kwartfinale van 2004, won Nederland een duel in de knock-outfase van het EK.
Het was een aantrekkelijke wedstrijd, zeker door het spel van Oranje. Heerlijk, de schoten van Cody Gakpo, of die ene solo over bijna 50 meter, met machtige stappen, opstomend naar het doel. Of het loopvermogen van Xavi Simons, en vooral de spelverdeling van uitblinker Jerdy Schouten, met zijn wiskundig bemeten passes en zijn oog voor diepte. Belangrijkste verbeterpunt is het benutten van kansen, het uitspelen van mogelijkheden. De voorzet, de laatste bal: het is te vaak van onaanvaardbaar laag niveau voor profvoetballers. Ronald Koeman werd bijna gek en ook spelers keken elkaar soms verwijtend aan om zo veel geklungel.
Het is echt erbarmelijk hoe Oranje lange tijd omging met zijn kansen, ook door het onvermogen van sommigen om met twee benen te kunnen schieten, of de bal goed in de loop mee te geven. Nederland was dus wisselvallig maar speelde fris, redelijk onbevangen, met drang naar voren, met creativiteit en ook met een aangename vorm van speelsheid, al waren er soms ook in defensief opzicht onbegrijpelijke passes. Slordig, technisch slecht uitgevoerd. Zo bleef het duel spannend, door de kleine voorsprong tot acht minuten voor tijd.
Oranje bleek aanmerkelijk beter dan de Roemenen en was ook een elftal in beweging, na de moeilijke beginfase, met het voorspelde opportunisme van de Oost-Europeanen. Het elftal van Edward Iordanescu is een niet zo bijzondere ploeg die het voetbalhart op de juiste plek voelt kloppen en zonder veel terughoudendheid opbouwt, liefst met lange ballen. Nederland was geconcentreerd, met afwisseling in tempo. Soms dat trage opbouwen, dan opeens de diepe bal. Virgil van Dijk was wat onzeker in sommige acties, maar hij herstelde zich goed.
Fabuleus was de treffer die het verzet van de Roemenen brak, zeker tot de rust. Het begon met de schitterende pass diep, tussen de linies door, over de grond, van Jerdy Schouten op Xavi Simons, die snel Cody Gakpo op links wist te vinden. Gakpo is aanvallend het belangrijkste wapen van Nederland in de laatste jaren, zo bleek al bij het WK, toen hij in de groepsfase drie keer de score opende. Tijdens het EK is hij eveneens op drie treffers aanbeland, maar dan in vier duels. Hij is daarmee gedeeld topschutter van het toernooi. Naar binnen trekken, rechtsback Andrei ‘Sonic’ Ratiu passeren, schieten met 121 kilometer per uur, in de korte hoek, zo was snel gemeten.
Na het doelpunt speelde Nederland zijn beste fase, met speelse combinaties, een aaneenrijging van hoekschoppen en kansen. Maar dan, tja, die kansen, het onvermogen ook om met het ‘verkeerde’ been te schieten. Simons en Tijjani Reijnders probeerden de bal in een vol strafschopgebied nog voor de goede voet te leggen, en weigerden om het vonnis te voltrekken, al in de eerste helft.
Koeman had verrast met Steven Bergwijn als rechtsbuiten, de vierde speler op die plek, na Simons, Jeremie Frimpong en Donyell Malen. De opdracht was om veelvuldig aan de binnenkant te spelen, en zo ook ruimte te scheppen voor rechtsachter Denzel Dumfries, die daarvan veelvuldig gebruikmaakte. Al blijft zijn techniek soms jammerlijk achter bij de ideeën, en ramde hij tegenstander Vasile Mogos nogal lomp. Die viel geblesseerd uit.
Aangezien Nederland het duel weigerde te beslissen, vatte Roemenië moed, al bleven vrijwel alle kansen voor Oranje. Virgil van Dijk kopte na rust tegen de buitenkant van de paal, Memphis Depay zag een inzet door Andrei Ratiu weggewerkt, een doelpunt van Gakpo werd afgekeurd vanwege buitenspel. En Joey Veerman, ingevallen voor Schouten, probeerde de bal in de verre hoek te plaatsen. Net naast. Golven van verontwaardiging rolden door het stadion, vooral in de oranje vakken, waar een raar soort nervositeit te voelen was. Hoe kon dit nu? Stel dat die Roemenen zouden scoren?
Maar toen was daar dat slimme balletje van Depay op Gakpo, die zichzelf als een danser langs de lijn slingerde en de bal op Malen aflegde. De opluchting in het stadion was hoorbaar. Zaterdag gaat het avontuur verder, in het Olympiastadion van Berlijn. Nederland is kwartfinalist op het EK.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant