Bondscoach Ronald Koeman stond na de wanvertoning tegen Oostenrijk in de EK-poulefase onder hoogspanning. Tegen Roemenië volgde de voorlopige verlossing.
Juichend zoals hij dat vroeger deed, rennend met de armen in de lucht en open mond, begroet Ronald Koeman het mooiste cadeau dat hij dezer dagen kon krijgen: een vroeg doelpunt voor Nederland tegen Roemenië. Maker Cody Gakpo rent naar de dug-out en vliegt in de armen van een fysiotherapeut die zijn doelpunt voorspelde. Koeman is naar aangever Xavi Simons gelopen, knuffelt hem en geeft andere spelers een tikje op de bil. Naast de bondscoach van Nederland valt een kilo opluchting op de grond.
Het tafereel oogt als een grote veelkleurige familie, van mensen die elkaar na een lange duistere week dwalen door een donker bos weer vinden. Liefst een week moest er op de smadelijke nederlaag tegen Oostenrijk worden gekauwd, vulden kranten en programma’s zich met bijtende kritiek op de speelwijze, energie, communicatie, spelers en zeker ook op de coach: een schim van voorganger Louis van Gaal zo steeg op uit analyses.
Over de auteur
Bart Vlietstra schrijft voor de Volkskrant over voetbal.
Veel minder doordacht, op het naïeve af was Koeman omgesprongen met zijn spelersmateriaal. Van Gaal deed dat anders en verloor geen van de twintig interlands in zijn tweede termijn als bondscoach. Koeman stond in zijn tweede termijn als bondscoach na zeventien wedstrijden al op zes nederlagen. Van het bij zijn (her)aantreden beloofde moderne, aanvallende voetbal was nog bitter weinig gezien, tactisch was hij niet voor het eerst overklast.
Zo’n vergelijking met Van Gaal steekt Koeman gruwelijk. Dat zit hem in een gebeurtenis twintig jaar geleden in dezelfde stad waar nu ook gespeeld wordt, München. Ajax verloor toen met 4-0 van Bayern München met Ronald Koeman op de bank. Van Gaal, destijds technisch directeur van Ajax, zei later op het vliegveld dat er meer uit het spelersmateriaal kon worden gehaald. Zo ontstond een vete die nooit helemaal afkoelde.
Koeman had zich kwetsbaar opgesteld na de ‘wanvertoning’ tegen Oostenrijk waarin zijn ploeg ‘als een kip zonder kop’ verdedigde. Maar op de persconferentie een dag voor de achtste finale tegen Roemenië was hij alweer wat strijdbaarder. De winnaar in hem duwt het slachtofferschap op zeker moment weg, zo is het altijd gegaan. Een jonge verslaggever die vraagt of Koeman ook bij besprekingen was die het team hield, krijgt een cynisch antwoord. ‘Ik denk wel dat ik daarbij aanwezig ben, ja.’
Als gesteld wordt dat hij in die week best eens koffie had kunnen drinken met de Nederlandse media, zegt hij nog wat spottender: ‘Ik heb jullie wel gemist. Vond zeven dagen best lang.’
In de uren voor de wedstrijd loopt Koeman telkens voorop. Als eerste uit de bus, als voorste door de catacomben. Als eerste op het veld. Peinzende blik, handen in de zakken. Staand voor de dug-out bij de veldinspectie wijkt de frons ineens voor een kamerbrede glimlach als kleinzoon Xavi, die achter de dug-out zit, hem een grote tekening overhandigt.
Het breekt even de spanning. Verlies tegen de Roemenen zou hoogstwaarschijnlijk het roemloze einde betekenen van Koeman als bondscoach, een huwelijk dat nog wel zo voortvarend begon. Koeman reanimeerde Oranje in 2018 feitelijk na inktzwarte jaren met zeges op Frankrijk en Duitsland en een finaleplaats in de Nations League. Hij koos voor Barcelona in plaats van het EK van drie jaar terug, maar keerde terug voor dit EK in een voor hem bijzonder land, hier werd hij immers als speler Europees kampioen in 1988, al is hij eigenlijk doof voor dat soort sentimenten.
Hij staat tijdens de wedstrijd meestal vrij rustig voor zijn dug-out of zit erin, waar hij tegen Oostenrijk nog voortdurend bozig aanwijzingen probeerde door te geven. Soms steekt hij zijn hand in de lucht dat de bal naar de voor hem staande rechtervleugelback Denzel Dumfries moet of naar de door hem verrassend verkozen rechtsbuiten Steven Bergwijn, die niet tegenvalt. Want op de rechterflank is het te halen, zo zegt hij na afloop een paar keer.
De Roemenen zijn zwak en Koemans manschappen rijgen de kansen en corners aaneen. De oud-verdediger in Koeman is gerust, de oud-schutter gefrustreerd over de dramatische afwerking waardoor de verlossende 2-0 lang uitblijft. Eenmaal slaat hij boos zijn handen tegen elkaar. Achter hem doet de op hem gelijkende Xavi Koeman precies hetzelfde.
Als de 2-0 valt, juicht Koeman meer ingetogen, na de 3-0 maakt hij met zijn hand een ‘praat maar’-gebaar naar iemand in het publiek. Daarna zoeken zijn ogen Xavi Koeman, die wordt opgetild achter de dug-out. Ze ballen hun vuist naar elkaar.
Koeman snapt dat hij niet overdreven zijn gram kan halen op de persconferentie na afloop, daarvoor waren de Roemenen te zwak. Hij looft slim zijn spelers, met name Xavi Simons. ‘Het ontbrekende puzzelstukje, zijn positie kiezen, zijn agressie, drive.’
Maar wat stond er nou er op het papier van kleinzoon Xavi, wil de verslaggever van SBS6 weten. ‘Een mooie tekening en de uitslag. 3-1. Bijna goed.’
EK Voetbal 2024
Al het nieuws leest u in ons liveblog.
Welke ploeg speelt wanneer? Wie leidt de topscorerslijst? Wie krijgt de meeste gele kaarten? Hier vindt u alle statistieken.
Al onze verhalen over het EK 2024 vindt u op deze pagina.
Schrijf u ook in voor onze nieuwsbrief Sport.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant