Dinsdag staat er een gloednieuw kabinet op het bordes. Onder leiding van de premier Dick Schoof zullen vijftien ministers en dertien staatssecretarissen het stokje overnemen van kabinet-Rutte IV. Wat voor salaris hoort er bij die nieuwe banen?
Bij zo'n nieuwe baan in het kabinet komt veel kijken. Ministers en staatssecretarissen moeten vanaf dinsdag 24 uur per dag, zeven dagen per week stand-by staan. Hoewel ze op vakantie kunnen en er natuurlijk sprake is van recessen, moeten ze toch meteen aan het werk kunnen als de plicht roept.
Maar daar staat dan ook een riant salaris tegenover. Het salaris van een minister bedraagt in 2024 189.210 euro per jaar. Dat is inclusief 8 procent vakantiegeld en 8,3 procent eindejaarsuitkering. De minister-president, oftewel premier, verdient hetzelfde als een minister.
Het salaris van een staatssecretaris valt iets lager uit. In 2024 is dat 176.696 euro per jaar, ook inclusief 8 procent vakantiegeld en 8,3 procent eindejaarsuitkering.
Naast dat salaris is er voor de bewindslieden ook sprake van een vaste onkostenvergoeding en een aantal andere voordelen.
Als minister of staatssecretaris heb je recht op een verhuiskostenvergoeding wanneer je meer dan 50 kilometer van het ministerie woont en binnen 25 kilometer van het ministerie wil gaan wonen. Die vergoeding bestaat onder meer uit de vervoerskosten die je (met je eventuele gezin) maakt. Ook reiskosten die je voorafgaand aan je verhuizing maakte, kun je vergoed krijgen.
Ook de kosten voor het vervoer van je bagage en inboedel worden vergoed, net als de kosten voor het in- en uitpakken daarvan. Als minister of staatssecretaris krijg je ook een bedrag voor alle andere kosten die gepaard gaan met de verhuizing. Daarbij gaat het om maximaal 10 procent van het jaarsalaris.
Voor bewindslieden die op meer dan 50 kilometer van het ministerie wonen maar niet hun hele hebben en houwen willen verhuizen, wordt er een "gemeubileerd verblijf" geregeld binnen 25 kilometer van het ministerie. Daarbij krijgen ze ook andere kosten vergoed.
Daaronder valt de eventuele huur van een parkeerplaats, beveiliging(ssystemen), gemeentelijke belastingen en waterschapsbelastingen, een radio- en televisieabonnement, een krantenabonnement, de gas-, licht- en waterrekening en de kosten van wassen, strijken en schoonmaken.
Ook krijgen de nieuwe ministers en staatssecretarissen een dienstauto met chauffeur tot hun beschikking. Die gebruiken ze natuurlijk niet als ze zelf op vakantie gaan, maar wel voor zakelijke gelegenheden. Voor zakelijke reizen, naar binnen- of buitenland, worden vervoer en verblijf ook vergoed.
Verder is er ook nog ruimte voor een maandelijkse vergoeding die de bewindslieden kunnen gebruiken voor eigen kosten die ze maken, maar die wel nodig zijn voor hun werk. Voor de minister-president en de minister van Buitenlandse Zaken bedraagt die vergoeding 906,40 euro. Voor andere ministers is dat 453,21 euro en voor staatssecretarissen 377,16 euro.
Source: Nu.nl algemeen