Maandagochtend komen de zestien ministers van het kabinet-Schoof voor het eerst bijeen in wat het ‘constituerend beraad’ heet. Daarin worden de laatste open eindjes in de onderlinge werkafspraken afgehandeld.
Johan Remkes was gewaarschuwd. In het kabinet-Kok II werd de VVD’er in 1998 staatssecretaris van Volkshuisvesting. Maar het tweede paarse kabinet kreeg op Binnenlandse Zaken ook een minister voor Grotestedenbeleid, Roger van Boxtel (D66), in Paars I nog ondergebracht bij een staatssecretaris. Hoe zou dat aflopen in het constituerend beraad, de oprichtingsvergadering van het nieuwe kabinet?
Remkes, eind vorig jaar in een opname van de onvolprezen interviewreeks De top kijkt om: ‘Je moet er echt goed geïnformeerd naar toe gaan. De boodschap die ik meekreeg was: er is een investeringsfonds voor stedelijke vernieuwing, de kans is niet helemaal denkbeeldig dat die minister allerlei grepen in de kas wil doen, laat dat niet gebeuren!’
Over de auteur
Remco Meijer is politiek verslaggever van de Volkskrant en schrijft over justitie en het koninklijk huis.
Een ‘minister voor’ heeft, anders dan de ‘minister van’, niet de politieke leiding over een departement. Het is een project-minister die doorgaans ook geen eigen begroting heeft, behalve op Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking (BHOS). Vandaar de waarschuwing richting Remkes.
Maar ook Van Boxtel was gewaarschuwd, vertelt hij in dezelfde interviewreeks. Toenmalig CDA-leider Jaap de Hoop Scheffer had hem al gekscherend ‘minister voor Spek en Bonen’ genoemd, maar dat liet Van Boxtel niet gebeuren: hij kreeg een eigen budget, inclusief de coördinatie over middelen die op andere ministeries voor zijn beleidsterrein beschikbaar waren.
Van Boxtel: ‘Dat heb ik in het constituerend beraad afgedwongen. Ik had al tijdens het kennismakingsgesprek met premier Kok gezegd dat ik een eigen begroting wilde.’ De oud-bewindsman vindt het ‘onbegrijpelijk’ dat programmaministers na hem dat niet hebben gedaan. ‘Dan heb je geen echte macht en ben je afhankelijk van je collega’s of ze mee willen werken.’
Maandagochtend vindt onder leiding van formateur Richard van Zwol op het ministerie van Algemene Zaken het constituerend beraad plaats van het kabinet-Schoof. Niet in de Trêveszaal, waar normaal de ministerraad bijeen komt. De ploeg is dan nog niet beëdigd en daarom gaan ze naar de ‘RVD-zaal’ (RVD staat voor Rijksvoorlichtingsdienst) op de begane grond. Die is groot genoeg voor alle ministers. De staatssecretarissen zijn daarbij niet aanwezig.
Remkes zegt tegen de Volkskrant dat hij in De top kijkt om mogelijk de voorbereiding op een bilateraal gesprek met Van Boxtel heeft bedoeld, voorafgaand aan het constituerend beraad. ‘We hebben er later nooit problemen over gehad, juist omdat we goede afspraken hadden gemaakt.’ Van Boxtel beaamt dat desgevraagd.
De gang van zaken roept een ander, bekend Haags verhaal in herinnering, over de oprichting van het kabinet-Balkenende IV (2007-2010). Camiel Eurlings, namens het CDA kandidaat-minister van Verkeer en Waterstaat, zou met Limburgs accent hebben gezegd: ‘De NS doe ik zelf’, waarbij ‘de NS’ klonk als ‘An As’. Niemand schonk er aandacht aan en daarmee was staatssecretaris Tineke Huizinga (ChristenUnie) het spoor als dossier kwijt. Het verhaal is vermoedelijk een CDA-spin, want zij was niet bij het constituerend beraad aanwezig.
In het zogeheten ‘blauwe boek’, het handboek voor bewindspersonen, staat: ‘De beoogde ministers van een nieuw kabinet komen bijeen in een constituerende vergadering. In deze vergadering worden procedurele en inhoudelijke afspraken gemaakt over bijvoorbeeld de taakverdeling en de vervangingsregeling (bij afwezigheid door bijvoorbeeld ziekte, red.).’ Het is de eerste keer dat de ministers elkaar collectief treffen. Later op de dag volgt nog een Startberaad in het Catshuis, waarbij wel de staatssecretarissen present zijn.
Opvallend ditmaal is dat in de nieuwe ploeg met het fenomeen ‘minister voor’ is afgerekend. De enige uitzondering is die voor BHOS, waarbij ‘Ontwikkelingssamenwerking’ is herdoopt in ‘Ontwikkelingshulp’ (vanaf de oprichting in 1965 tot 1971 heette het ‘Hulp aan ontwikkelingslanden’).
In plaats daarvan zijn nieuwe ‘ministers van’ gecreëerd, die afspraken moeten maken over budget en reikwijdte van hun portefeuille. Zij krijgen in elk geval een eigen secretaris-generaal en ambtelijke staf, maar zullen fysiek zijn gehuisvest bij bestaande ministeries.
Mona Keijzer wordt voor BBB (vierde) vicepremier en minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening. Dat ministerie werd in 2010 door Rutte I geschrapt en keerde met Hugo de Jonge als programmaminister terug onder Rutte IV. Nu herwint het zijn oude status met een volwaardige minister. De Jonge geeft de leiding dinsdagmiddag, na de beëdiging bij de koning, aan Keijzer over.
De veelbesproken Marjolein Faber treedt namens de PVV aan als minister van Asiel en Migratie. Die portefeuille was in Rutte IV in handen van Eric van der Burg, staatssecretaris van Justitie en Veiligheid. Volgens een aankondiging van het departement draagt minister Dilan Yesilgöz, die sinds januari 2022 politiek leiding gaf aan Justitie en Veiligheid, dinsdag de asielportefeuille aan Faber over.
Sophie Hermans wordt voor de VVD (tweede) vicepremier en minister van Klimaat en Groene Groei. Dat is een opwaardering van de rol die Rob Jetten de voorbije jaren vervulde, als ‘minister voor’ Klimaat en Energie. De minister van Economische Zaken, PVV’er Dirk Beljaarts, zal vermoedelijk goed opletten tijdens het constituerend beraad of en waar ‘Groene Groei’ zijn terrein raakt.
Enkele territorium-kwesties waren zichtbaar tijdens de hoorzittingen met de beoogde bewindslieden. Zo wisten de twee staatssecretarissen op Justitie, Ingrid Coenradie (PVV) en Teun Struycken (NSC), nog niet aan wie het politiek gevoelige tbs-dossier zou toevallen.
Als over alle grensgevallen besluiten zijn genomen, praat de nieuwe ploeg over de regeringsverklaring die minister-president Dick Schoof woensdagochtend in de Tweede Kamer aflegt. Maandagmiddag biedt de formateur dan het eindverslag aan achtereenvolgens de voorzitter van de Tweede Kamer en koning Willem-Alexander aan. Daarna is de weg open voor de bewindslieden om dinsdag naar het paleis te gaan voor de beëdiging in de Oranjezaal van Huis ten Bosch en de bordesfoto. ’s Middags is dan de eerste ministerraad in de Trêveszaal.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant