Home

Pakistaanse zangeres Arooj Aftab: ‘Van mijn verhuizing naar Amerika heb ik geen seconde spijt gehad’

Je hoeft het Urdu waarin de Pakistaanse Arooj Aftab zingt niet machtig te zijn om haar liedjes te begrijpen. En zo veelzijdig als haar muziek is, zo divers zijn ook haar favorieten: van badminton tot whisky. Al zou ze ook deze hele rubriek kunnen vullen met plekken in Brooklyn waar ze graag komt.

Ze staat deze zomer op zowel North Sea Jazz als Lowlands en komt in het najaar terug voor Le Guess Who? Toch duurde het even voordat de wereld kennisnam van de wonderschone zangstem van Arooj Aftab (39). De Pakistaanse zangeres had in New York al twee albums opgenomen die weinig werden opgemerkt toen ze in 2021 Vulture Prince uitbracht. Daarmee veroverde ze in korte tijd de harten van vele muziekliefhebbers overal ter wereld. ‘Een klein en stil meesterwerk’, noteerde de Volkskrant toen het album eind dat jaar door de muziekredactie werd verkozen tot beste van 2021.

Onze gids dit weekeinde is een rubriek in Volkskrant Magazine waarin een bekend persoon (op velerlei terreinen) uit binnen- of buitenland ons gidst langs zijn of haar favorieten.

Ontroerend mooi gezongen liedjes waarin de zangeres Perzische dichtkunst combineerde met jazz, klassiek en oosterse pop. Gezongen met een donkere, hypnotiserende stem voorzien van een bedachtzaam vibrato en begeleid door meestal niet veel meer dan tedere harpnoten, viool en contrabas.

Je hoefde het Urdu waarin ze veel zong en nog altijd zingt niet machtig te zijn om toch ontroerd te raken door haar troostrijke muziek. ‘Ik hoor vaak dat luisteraars precies begrijpen of voelen waar mijn liedjes over gaan, ook al verstaan ze er weinig van. Dat is het grootste compliment dat ik kan krijgen. Maar misschien is het gevoel van verlies dat op Vulture Prince overheerste zo universeel dat iedereen zich erin kon herkennen.’

Verdriet

Terwijl Aftab aan het album werkte, overleed haar jongere broer Maher, aan wie ze Vulture Prince opdroeg. ‘Mijn verdriet klonk in alle liedjes door. Met veel optreden heb ik die moeilijke fase in mijn leven doorstaan. Muziek heeft me erdoorheen gesleept. Langzaam sijpelde er weer licht door de duisternis en kon ik het rouwproces op mijn manier afsluiten door nieuwe muziek te schrijven. Liedjes waarin niet zozeer verlies als wel het vieren van het leven meer centraal stond.’

Het album Night Reign dat onlangs verscheen is Aftabs ode aan de nacht. ‘Ik hield altijd al erg van het nachtleven maar dacht dat het typisch iets was dat hoort bij als twintiger opgroeien in New York, een stad die ’s nachts net zo levendig is als overdag. Toen ik na Vulture Prince veel ging touren, werd de nacht voor mij specialer. Dingen zoals reizen, hotels, jetlags en de uren die je na een optreden moet bijkomen, associeer ik met de nacht. Daar horen gevoelens bij die ik op Night Reign wilde verklanken.’

Contacten leggen

Ze nam de plaat op met haar vertrouwde groep muzikanten, onder wie bassist Petros Klampanis en Maeve Gilchrist (harp) maar ook namen uit de jazz, zoals pianist Vijay Iyer, avant-garde (Moor Mother) en pop (Elvis Costello is heel even te horen op Wurlitzer piano) duiken op. ‘Ik heb de laatste jaren veel muzikanten uit allerlei disciplines leren kennen, wat mijn muziek ook wat veelzijdiger heeft gemaakt, denk ik. Dat contacten leggen was ook een beetje waar ik op hoopte toen ik jaren geleden moederziel alleen naar Amerika afreisde.’

Dat was in 2005, toen Aftab haar ouderlijk huis in Lahore, Pakistan verliet waar ze acht jaar had gewoond. Ze is in 1985 geboren in Riyad, Saoedi-Arabië en verhuisde op haar 11de met haar Pakistaanse ouders terug naar Lahore. ‘Daar liggen mijn gelukkige kinderjaren. Van Riyad herinner ik me niet zoveel, behalve heel veel zand.’

Ze raakte als tiener al geobsedeerd door muziek en struinde het internet af naar filmpjes. Eerst van haar pophelden als Michael Jackson en Whitney Houston, maar al snel werd ze gegrepen door de zangstem van Billie Holiday en de jazz van Miles Davis. ‘Ik deed heel veel research, ook naar muziekscholen. Als ik iets in de muziek wilde, moest ik weg uit Pakistan. Ik vond online allerlei opleidingen die me te hoog gegrepen leken, maar Berklee in Boston deed ook wat aan jazz en gaf colleges in het schrijven van songs en filmscores. Ik schreef ze aan en ze wilden me wel hebben. Helaas verstrekten ze toen nog geen beurzen en moest ik alles zelf betalen. Ik ben mijn leningen nog altijd aan het aflossen, maar van mijn verhuizing naar Boston en later Brooklyn heb ik geen seconde spijt gehad.’

Muziek: Zakir Hussain - Making Music (1987)

‘In Lahore hoorde ik veel semiklassieke muziek en Bollywoodmuziek. Mijn ouders draaiden dat en het was overal op straat en in de bars aanwezig. Ik had daar nooit zoveel mee, al vind ik Bollywoodliedjes uit de jaren negentig nu best wel cool. Ik luisterde naar Pink Floyd, Michael Jackson en de Spice Girls. Voordat internet opkwam, bracht ik veel tijd door in platenzaken. Daar deed ik mijn grote ontdekkingen zoals Billie Holiday. Maar ook een jazzplaat van Zakir Hussain trok mijn aandacht. Ik was een jaar of 15 en had in de winkel al kennisgemaakt met de muziek van fluitist Hariprasad Chaurasia, die ik mooi vond. Toen zag ik de hoes van Making Music en die fascineerde me omdat er zowel oosterse namen als die van westerse jazzmuzikanten op stonden. Dat leek me boeiend, Indiase tablamuziek vermengd met jazz van namen als Jan Garbarek en John McLaughlin die ik toen net leerde kennen. Het album is me altijd dierbaar gebleven.’

Muziek: Shabaka - Perceive Its Beauty, Acknowledge Its Grace (2024)

‘Ik ben lang op zoek geweest naar het instrument dat het best bij me past. Ik begon met de gitaar, maar Billie Holiday, Ella Fitzgerald en Abbey Lincoln stuurden me steeds meer richting vocale jazz en uiteindelijk vond ik daar ook mijn eigen stem in. Jazz heeft me gevormd en inspireert me nog altijd. Wat ik zo mooi vind is dat de beste jazzmuzikanten altijd zoekende blijven en nooit vasthouden aan een succesformule. Miles Davis had zijn hele leven akoestische jazz kunnen blijven spelen, maar zocht uitdagingen in elektronische jazz en zelfs rock. Nu is er Shabaka Hutchings, een van de beste tenorsaxofonisten van zijn generatie die ineens besloot alleen nog maar fluit te gaan spelen. En dat niet alleen, ook zijn hele sound is veranderd. Zijn nieuwe album vind ik prachtig, maar ook erg gedurfd. Eigenlijk begint hij helemaal opnieuw en je moet maar afwachten of je publiek daar wel in mee wil gaan. Gelukkig zijn de voortekenen goed, want zijn nieuwe stijl wordt alom geprezen.’

Boek: Henry Threadgill - Easily Slip Into Another World (2023)

‘Ik lees graag en heel veel. Dit boek van Henry Threadgill neem ik in delen tot me, want het is best wel theoretisch als hij diep op zijn muziek ingaat. Niet echt een boek voor in het vliegtuig, en ik heb het nog niet uit. Maar het is wel een boek waar ik nieuwsgierig naar was omdat ik Threadgill al sinds mijn Berklee-jaren bewonder als saxofonist en componist. Ik heb hem ook een keer ontmoet, maar wist niet meer dan hallo te zeggen. Ik vind het mooi om over zijn ervaringen in de muziekwereld te lezen, of zijn verhalen over jazz in de jaren zestig. Hoe hij fan werd van Sonny Rollins en dat altijd is gebleven. Het is zo mooi om muzikanten enthousiast te horen vertellen over hun favorieten. Zo’n Threadgill heeft zelf zoveel prachtige dingen gedaan, en dan toch heel nederig buigen voor iemand als Sonny Rollins. In de jazz is er volgens mij veel meer respect en bewondering voor elkaar dan in de pop, waar iedereen elkaars concurrent is.’

Boek: Salman Rushdie - Knife (2024)

‘Ik ben best wel een nerd vind ik, want ik ben dol op sciencefiction en fantasy. Van die boeken waar alleen jongens van hielden. Ik hou gek genoeg dan weer niet zo van poëzie, dat vind ik vaak te moeilijk. Gedichten blijven bij mij niet zo hangen en filosofische boeken zijn aan mij ook niet besteed. Ik vind het jammer dat ik op Berklee geen educatie in andere kunsten kreeg. Alles draaide om muziek. De weg in de literatuur heb ik echt zelf moeten vinden, anders was ik nu nog Tolkien aan het lezen.

‘Salman Rushdie werd door vrienden aangeraden en hem bewonder ik zeer. Dat laatste boek van hem, Knife, wow. Het gaat over de moordaanslag in New York een paar jaar geleden die hem bijna fataal werd en hoe hij daarvan moest herstellen. Ik las het niet, maar beluisterde het in een vliegtuig als luisterboek. Ik kon de pijn die hij beschrijft bijna voelen, echt gruwelijk gedetailleerd soms. Maar zijn stem klonk zo overweldigend dat ik het jammer vond dat het zo snel afgelopen was. Ach, het is vergeleken met zijn andere werk ook maar een heel dun boekje.’

Bar: Lover’s Rock, Brooklyn

‘Ik mis Brooklyn nu ik al weer even van huis ben. Ik heb het daar al jaren zo naar mijn zin. Ik zou deze hele rubriek kunnen vullen met plekken waar ik graag kom. Een van mijn favoriete hangouts is Lover’s Rock, een bar waarin ze alleen maar reggae draaien. Veel roots-reggae van zangers als Gregory Isaacs en Burning Spear, maar ook dub, dat vind ik helemaal geweldig. Toen ik nog studeerde was reggae luisteren een soort hobby. Vooral dub van Joe Gibbs en King Tubby met van die diepe bassen en veel echo’s. Dat draaien ze ook veel in Lover’s Rock en bevalt me beter dan veel nieuwe Jamaicaanse dancehall die me wat te digitaal en snel is. Op Vulture Prince doen we in het nummer Last Night een stukje reggae. Een geintje, want we kunnen helemaal geen reggae spelen, maar ik had er gewoon zin in om even niet zo plechtig of droevig te klinken. ‘

Club: Bembe, Brooklyn

‘Ik hou van uitgaan, maar je moet bij mij niet aankomen met van die tenten waarin ze top 40-muziek draaien of de hele avond hiphop. Helemaal allergisch ben ik voor die boem-boem technoclubs. Ik vind die mensen daar ook helemaal niet leuk en de muziek saai. Nee, doe mij maar een dj als Black Coffee. Die draait moderne Afrikaanse muziek zoals amapiano en heeft in Bembe zijn vaste woensdagavond. Op andere dagen zijn er diverse Zuid-Afrikaanse dj’s die een geweldige mix van oude en nieuwe Afro-Cubaanse muziek draaien. Ik ben er al te lang niet meer geweest. Straks bestaat het niet eens meer. Het verloop van horecatenten in Brooklyn is nogal groot. Altijd als ik van een tournee terugkom, is er weer wat verdwenen.’

Film: Passing (Tessa Thompson, 2021)

‘Ik ben helemaal niet thuis in films en volg volledig de adviezen van mijn vrienden die alles bijhouden. Met horror hoeven ze alleen niet aan te komen. Ik zit te veel alleen in hotelkamers en word daar vaak gewoon echt bang van. Het liefst kijk ik op mijn hotelkamer naar lokale tv. Ik versta er meestal geen klap van, maar ik zie wel veel van de gebruiken en gewoonten. Wat ik een leuke film vond was Passing, al zou ik je niet kunnen uitleggen waarom. Nou, misschien wel omdat daar een acteur in speelt die ik erg leuk vind. Een lange blonde man, Alexander Skarsgård. Ik dacht dat het een Nederlander was, maar het is dus een Zweed en je ziet hem tegenwoordig in heel veel films en series. Hij is voor mij de opvolger van mijn jeugdheld Arnold Schwarzenegger. Mijn broer en ik waren vroeger echt geobsedeerd door Conan, waarin hij speelde met Grace Jones.’

Sport: Badminton

‘Ik was op school best wel goed in sport en mocht in alle hoogste teams meedoen met volleybal, basketbal en tafeltennis. Van cricket, de belangrijkste sport bij ons, ben ik nooit fan geweest. Ik keek mee naar die veel te lange wedstrijden omdat iedereen dat deed.

‘Waar ik echt goed in ben is badminton, maar er is in New York echt niemand die deze sport kent, laat staan een beetje goed partij kan bieden. Zo raar. Bij ons is badminton zoals in alle voormalige Britse koloniën heel populair, maar in New York staan ze je meewarig aan te gapen als je zegt van badminton te houden. Ik ben heel gelukkig in Brooklyn, maar het zou pas echt volmaakt zijn als ik er iemand vond met wie ik op een beetje niveau een partijtje badminton kan spelen.’

Drank: 12 jaar oude Macallan-whisky

‘Mijn twee slechtste eigenschappen zijn dat ik van hamburgers en van whisky houd. Allebei niet zo gezond, maar het is niet anders. Mijn favoriete whisky is de Macallan single malt. Die is niet heel goedkoop, maar ik vind de jongste, die van 12 jaar oud, de lekkerste en die is ook het goedkoopst.

‘Een heerlijk zachte smaak, minder vol dan die van 18 jaar. Precies goed. We hadden whisky lang op onze rider (een lijstje met wensen dat artiesten indienen als ze ergens optreden, red.) staan, niet altijd met het gewenste merk, dat hing af van de status van de zaal waar we stonden. Maar één fles per avond, dat vond ik toch te decadent en ook niet zo gezond. We kregen ze trouwens ook niet op, en aangezien ik graag met alleen handbagage vlieg, was meenemen ook geen optie. Maar vanavond een lekker glaasje aan de bar, daar verheug ik me nu al op.’

CV 

11 maart 1985 Geboren in Riyad,  Saoedi-Arabië.

1995 Verhuist naar Lahore in haar moederland Pakistan.

2005 Muziek aan Berklee College Of Music in Boston.

2010 Verhuist naar Brooklyn, New York.

2014 Debuutalbum Bird Under Wire.

2018 Album Siren Islands.

2021 Breekt internationaal door met album Vulture Prince.

2022 Wint als eerste Pakistaanse artiest een Grammy voor het nummer Mohabbat.

2023 Maakt samen met Vijay Iyer en Shahzad Ismaily het album Love In Exile.

2024 Album Night Reign. 

2024 In november een van de curatoren van het Utrechtse muziekfestival Le Guess Who?

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next