Tienduizenden Kenianen gingen de afgelopen anderhalve week de straat op om te demonstreren tegen een nieuwe begrotingswet. President William Ruto trok de wet in, maar daarmee is de onvrede van de jonge demonstranten nog niet verdwenen. ‘We willen dat Ruto vertrekt’.
In het Central Business District, het commerciële hart van de Keniaanse hoofdstad Nairobi, lijkt het leven bijna weer als vanouds. Bijna dan. Want wie naar de grond kijkt, ziet op het trottoir de overblijfselen van de protesten die hier afgelopen week in alle hevigheid plaatsvonden. Zwartgeblakerde autoresten; een enorme hoeveelheid glasscherven, die knispert onder het schoeisel van voetgangers. Vlak bij het parlementsgebouw ligt nog het vage spoor van een plas bloed.
Dancan Odyra (50) durft vrijdag voor het eerst zijn krantenkiosk weer te openen. ‘Maar dat betekent niet dat het leven hier weer normaal is’, benadrukt hij vanonder een grote parasol die zijn bonte krantencollectie beschut. Op een van de voorpagina’s staat een rij portretten van jonge mensen die sinds het uitbreken van de demonstraties door politiegeweld om het leven zijn gekomen. ‘We zijn nog niet klaar. De president moet weten dat zijn volk hem niet meer wil.’
De protesten bereikten afgelopen dinsdag een kookpunt, toen het parlement de omstreden begrotingswet aannam. Tienduizenden demonstranten trokken naar het parlementsgebouw om daar hun onvrede te uiten. Die onvrede ging aanvankelijk over aangekondigde belastingverhogingen, waarmee de overheid ruim 2,5 miljard euro wilde ophalen. De demonstranten drongen het parlement binnen en vernielden daar ramen en meubilair. Een deel van het gebouw werd in brand gezet.
Ook op donderdag gingen jongeren op meerdere plekken in het land de straat op, al waren die demonstraties lang niet zo massaal als op dinsdag. ‘Ruto moet vertrekken!’ scandeerden zij in onder meer Mombassa en Kisumu, de tweede en derde stad van het land. Veel Kenianen eisen het vertrek van Ruto en een systeemverandering om corruptie aan te pakken, ook al heeft de president op woensdag een draai van jewelste gemaakt: hij vroeg het parlement om zijn wetsvoorstel voor belastingverhoging in te trekken.
In het centrum van Nairobi, waar een gigantische politie- en legermacht op de been was, gingen de protesten door tot in de avond. Elsie Njoroge (22) bleef donderdag daarom thuis, net als veel andere Keniaanse demonstranten die eerder wel de straat op gingen. Het contrast met dinsdag was groot: die dag toog ze nog vol optimisme de straat op, een protestbord en een fluitje in de aanslag.
Maar het gewelddadige optreden van de oproerpolitie, waardoor sinds het uitbreken van de protesten zeker 23 Kenianen zijn omgekomen, heeft voor veel angst gezorgd.
‘We kijken het nog aan,’ zegt Njoroge, roerend in een kop dampende zwarte thee. Net als talloze andere jonge Kenianen kan zij geen vaste baan vinden. Ze probeert rond te komen van een ‘side hustle’: het inkopen en met winst doorverkopen van gympen. ‘Maar eigenlijk is het gewoon te laat, Ruto heeft voor ons definitief afgedaan. Er is al zoveel schade aangericht; winkels zijn vernield, levens zijn verloren – in het ziekenhuis liggen nog altijd mensen bij wie de kogels uit hun lichamen worden gehaald. Ruto must go.’
Vooralsnog lijkt de president echter niet voornemens om te vertrekken. Nu zijn omstreden begrotingswet van de baan is, wil Ruto bezuinigen. In een poging de gemoederen te bedaren, stelde hij voor te beginnen met bezuinigingen op zijn eigen budget. Zo beloofde Ruto de uitgaven van het presidentieel kantoor drastisch terug te brengen. Het is nog maar de vraag of die bezuinigingen genoeg geld opbrengen om het Internationaal Monetair Fonds (IMF) tevreden te stellen.
Zelfs als dat lukt, zit Ruto alsnog met een ontevreden generatie Z (die goed is voor een derde van de Keniaanse bevolking). Tijdens Ruto’s meest recente toespraak, op donderdag, zei hij met hen in gesprek te willen. Het is nog onbekend hoe hij dat precies wil aanpakken, aangezien er geen erkende leider van de beweging naar voren is gestapt.
De meeste Gen Z-demonstranten zijn hoogopgeleid, maar hebben geen werk. Dat juist William Ruto, een welvarend zakenman met voorliefde voor dure horloges en luxe diners, hen wil laten betalen voor het aflossen van de staatsschuld, gaat er bij hen niet in. Ook zijn ze boos over de miljoenen die de regering spendeerde aan de kantoren van echtgenoten van hooggeplaatste topambtenaren.
‘Hoewel de politici pronken met rijkdom, weten ze niet wat er in hun land speelt’, zegt een jonge demonstrant op X. ‘Ik ken een dorp waar men momenteel gras eet, terwijl de kantoren van echtgenoten miljarden shillings ontvangen.’
President Ruto wilde met de omstreden belastingverhogingen Kenia’s grote staatsschuld van 80 miljard dollar (bijna 75 miljard euro) aflossen. Het IMF is met 3 miljard dollar de grootste schuldeiser. Veel demonstranten stellen daarom dat het fonds Kenia in de houdgreep houdt; als voorwaarde voor de leningen stelde het IMF namelijk dat de Keniaanse overheid de belastingen verhoogt en de uitgaven verlaagt.
De bal ligt nu bij Ruto, de president die in een spagaat zit om zowel de geldschieters als zijn jeugdige bevolking tevreden te houden. Hij zal op korte termijn met een plan van aanpak moeten komen.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant