Home

‘Het spijt me dat het Kamerlid Agema een andere opvatting heeft’, antwoordde beoogd minister Agema

De zorg kwam amper aan bod tijdens de hoorzitting van beoogd minister van Volksgezondheid Fleur Agema. Overhand hadden eerdere uitspraken van Agema als PVV-Kamerlid – waar Agema zelf in de derde persoon over sprak. Maar na vragen over ‘omvolking’ en ‘de-islamisering’ bleek van gedaanteverwisseling geen sprake.

Ruim zeventien jaar zat beoogd minister van Volksgezondheid Fleur Agema ‘aan de andere kant’. Als Kamerlid trok ze van leer tegen opeenvolgende bewindspersonen, hamerde op heropening van verzorgingshuizen, tegen de sluiting van ziekenhuizen en gold als absolute hardliner op het zorgdossier. Daarin ging Agema niet bepaald zachtzinnig te werk. Ze noemde haar voorganger Ernst Kuipers bijvoorbeeld ‘een koude kille bestuurder’ en in een debat over de vergoeding van dure geneesmiddelen verweet ze dat hij ‘mensen in Nederland laat sterven’.

Deze woensdag neemt de PVV’er tijdens de hoorzitting in de Tweede Kamer plaats op de plek waar ze haar kritiek zich zo vaak op richtte. Een tamelijk unieke situatie, realiseert ze zelf ook. ‘Het is ongebruikelijk dat iemand die langdurig oppositie heeft gevoerd op een beleidsterrein daar dan ook de bewindspersoon van wordt. Het is immers erg gemakkelijk om mijn handelen als minister langs de lat te leggen van wat ik honderden debatten aan Kamervragen, moties en initiatieven heb ingebracht.’

Over de auteur
Hessel von Piekartz is politiek verslaggever van de Volkskrant. Hij schrijft over de volksgezondheid, pensioenen en sociale zekerheid.

Lees hier alles over de kabinetsformatie.

Dat de nieuwe oppositie die kans niet laat gaan, blijkt al aan het begin van de hoorzitting. D66-Kamerlid Wieke Paulusma herinnert Agema aan haar debatten waarin het er volgens haar soms zo ‘hard aan toe ging’ dat Agema ‘in haar boosheid’ doorschot. Wat moet de Kamer nu van haar verwachten, wil Paulusma weten. En wat als ze straks te maken krijgt met bezuinigingen, iets wat goed mogelijk is nu er al enkele financiële tegenvaller aan het licht zijn gekomen? ‘Als het nu moeilijk gaat worden, blijft Agema dan op haar plek of loopt ze boos weg?’

‘Aan die kant van de tafel’ was ze inderdaad ‘meerdere keren boos over het gevoerde beleid’, zegt Agema. ‘Ook uit onmacht’, gaat ze verder. Maar nu ze ‘direct toegang tot informatie krijgt’ en daardoor ‘dingen ook heel goed kan doen’, zal die ‘frustratie’ niet terugkomen. Het is haar ook veel waard dat ze ‘zo lang mogelijk’ kan aanblijven.

Gedaanteverwisseling

Het is niet voor het laatst in de hoorzitting dat Agema naar naar zichzelf verwijst in twee verschillende gedaanten: de felle oppositiepoliticus en de bewindspersoon die nu tegenover de Kamerleden zit. Maar hoe moeilijk dat is, blijkt wel wanneer Denk-Kamerlid Ismail el Abassi uitspraken van het Kamerlid Agema aanhaalt over het tegengaan van ‘islamisering in de zorg’ en haar vraagt hoe ze daar in haar nieuwe rol naar kijkt.

‘Op het moment dat ik aan die kant van de tafel zit, heb ik die zorgen wel’, antwoordt Agema. Ze zag immers dat dat medewerkers met een islamitische achtergrond bepaalde zorg soms niet willen verlenen, zoals het wassen van mannen. Dat blijft een probleem, vindt ze. ‘Maar aan deze kant van de tafel heb ik elke zorgmedewerker heel erg hard nodig’, voegt ze er snel aan toe. Over ‘de-islamisering’ zal ze de komende tijd dan ook niet meer spreken.

Maar dat ze nu minister is, betekent niet dat ze geen kritiek mag hebben, benadrukt ze weer even later op een aanvullende vraag. ‘Ik wil niet in een islamitisch land wonen. Ik vind het heel zorgelijk als ik zie dat vrouwen een andere positie hebben binnen de islam. Het spijt me dat het Kamerlid Agema een andere opvatting heeft.’

De spagaat laat zien dat van een gedaanteverwisseling van de PVV’er geen sprake is. Dat blijkt ook wanneer Agema wordt gevraagd afstand te nemen van het verspreiden van de omvolkingstheorie door haar PVV-collega’s en eveneens door beoogd bewindspersonen Marjolein Faber en Reinette Klever. PvdD-Kamerlid Ines Kostic noemt het gedachtegoed ‘racistisch’.

‘Fatsoenlijke collega’s’

Die opmerking gaat Agema ‘veel te ver. ‘Ik heb bij de PVV nog nooit een racist ontmoet’, zegt ze. Dat haar collega’s spraken van omvolking was een ‘vergissing’ waar zij ‘spijt’ van hebben. Het is volgens Agema ‘heel goed dat ze er afstand van hebben genomen’, maar daarmee zijn Klever en Faber ‘nog niet verkeerd of slecht’. Ze vindt het bovendien tijd dat er een streep wordt getrokken ‘onder deze framing’, die gevaarlijk kan zijn voor haar ‘fatsoenlijke collega’s’.

Agema bijt daarmee harder van zich af dan bijvoorbeeld Faber zelf, die in haar hoorzitting vooral een poging deed om haar uitspraken te nuanceren. Agema benadrukt dat er niks mis is met de mening dat er sprake is van een ‘zeer zorgelijke demografische ontwikkeling’, zoals Faber haar gebruik van de term ‘omvolking’ eerder verklaarde. Volgens Agema zijn er ‘veel Nederlanders met zorgen over migratie en de veranderende bevolkingssamenstelling’.

De laatste hoorzitting van de beoogd-bewindspersonen ging daardoor vooral over uitspraken uit het verleden. De grote problemen in de zorg, zoals het personeelstekort en toenemende kosten, kwamen maar weinig aan bod. Wel benadrukte Agema meermaals dat het inperken van de bureaucratie voor zorgpersoneel haar ‘heilig doel’ is. Een uiterst kritische Kamer zal de poging de komende tijd in de gaten houden en het niet nalaten om haar te herinneren aan haar eigen harde kritiek, als het resultaat tegenvalt.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next