Op de valreep van het reces, dat volgende week begint, stemmen de Kamerleden nog even over een gezellig onderwerp: de motie dat racistische theorieën over omvolking niet worden toegestaan tijdens debatten. Hij is ingediend door Doğukan Ergin van Denk.
Er wordt gestemd, de motie wordt aangenomen. De kamer staat racistische theorieën over omvolking niet toe. De vlag kan uit!
Maar er gebeurt meer deze middag: zo is er ook het laatste vragenuur dat dit kabinet meemaakt. Piet Adema (CU), de minister van Landbouw, die al vele vragenuren is bevraagd, is er voor de laatste keer. Hij moet zich tegen Esther Ouwehand (PvdD) verantwoorden over afschuwelijke filmpjes die door Varkens in Nood naar buiten zijn gebracht, van varkens die met stroomstootapparaten worden bewerkt tijdens het transport naar het slachthuis.
Aaf Brandt Corstius doet eens per week op geheel eigen wijze verslag van een debat in politiek Den Haag.
‘Ze willen die vrachtwagen niet in’, leidt Ouwehand haar vraag in. ‘Ze gillen van de pijn. Ze gillen van angst.’ Ze vraagt Adema te proberen om het verbod op stroomstootapparaten ‘nog deze week’ – zijn allerlaatste week – erdoor te krijgen. ‘Omdat zijn opvolger een BBB-minister wordt’, zegt ze erbij.
Caroline van der Plas (BBB) stapt resoluut naar de interruptiemicrofoon. Voorzitter Martin Bosma schudt woordeloos nee naar haar: de andere Kamerleden mogen nu nog geen vragen stellen. Maar dan blijkt dat Van der Plas een punt van orde wil maken. ‘Er wordt hier een beoogd minister geschoffeerd, en dat geeft geen pas’, vindt Van der Plas. Ouwehand brengt ertegenin wat zij gisteren nog, tijdens de hoorzitting, uit de mond van Femke Wiersma, de beoogde BBB-minister heeft gehoord. ‘Ze zei gisteren dat dierenleed vaak erger wordt voorgesteld dan het is.’ (Feitje: Wiersma deed in 2010 mee aan Boer zoekt Vrouw. Ze hield aan dat programma een relatie over met boer Gijsbert. Ze kregen, naast de zoon die zij al had, drie kinderen, en zijn inmiddels gescheiden.)
Adema, misschien moe na zijn roerige anderhalf jaar als minister, maakt halverwege het debat met Esther Ouwehand een verspreking. ‘De stroomstootwapens, eh, stroomstootapparaten’, zegt hij. Het woord stroomstootwapen wordt ook in de Kamer gebruikt, maar hij wil het blijkbaar niet in de mond nemen.
Even later maakt Adema een trip down memory lane, naar de tijd dat hij zijn broer, die varkensboer was, hielp om de dieren in een vrachtwagen te krijgen. ‘Ik heb veel varkens op de laadklep gedreven’, zegt Adema met enige nostalgie in zijn stem, ‘en een stroomstootapparaat is inderdaad niet nodig.’
Ook Harm Holman (NSC) wil vertellen dat hij iets van varkens weet. ‘In mijn vorige leven ben ik veel omgegaan met beesten’, begint hij zijn vraag op mysterieuze wijze. ‘Op elk beest zit een stuur. Een slimme boer rijdt een dier met tact. Ik zie ook niet waarom een dierenarts een stroomstootwapen moet hebben.’
Het vragenuur dobbert verder, van een vraag over netbeheerder TenneT, waarbij de minister van Financiën het woord ‘synergievoordelen’ in de mond neemt, naar een vraag over foute beoordelingen bij het UWV.
En dan gaat de keiharde bel die het begin en eind van elke vergadering inluidt, en gaat de Kamer voor de laatste keer voor de vakantie stemmen, onder andere dus over het woord omvolking.
Ze stemmen trouwens ook over de bel zelf. In de onleesbare taal waarin moties worden gesteld, luidt de motie over de bel: ‘Motie van het lid Sneller over het luiden van de bel substantieel aanpassen zodat andere activiteiten in de Tweede Kamer er minder hinder van ondervinden.’
Met andere woorden: Joost Sneller van D66 vindt de bel van de Tweede Kamer te hard. Hij is ook best hard, en hij klinkt altijd erg lang. Maar dat heeft ook iets leuks, iets middelbareschoolachtigs. De motie wordt aangenomen. ‘Aangenomen’, zegt Martin Bosma met een zachte stem, om grappig te zijn.
Na de zomervakantie zal er een zachtere bel zijn. Of misschien duurt dat soort dingen wel veel langer. Het is tenslotte wel de Tweede Kamer.
Source: Volkskrant