Afgelopen zaterdag, tijdens de Paris Fashion Week, maakte Dries Van Noten zijn laatste ereronde over de catwalk. Een gedenkwaardig moment: de eclectische modeontwerper bestierde bijna veertig jaar zijn eigen modehuis, wat met alle transfers vandaag de dag steeds ongebruikelijker is.
Ook voor het laatste applaus dat Dries Van Noten (66) in ontvangst nam, had hij gewoon zijn vertrouwde kloffie uit de kast getrokken: donkerblauwe trui, beige chino, bruinleren schoenen. De Belgische modeontwerper demonstreerde de afgelopen 38 jaar hoe verrassend smaakvol het kan zijn om een eclectisch kleurenpalet te combineren met een grote verscheidenheid aan prints, borduursels en texturen, maar zelf deed hij daar niet aan mee.
‘Ik draag een uniform om energie te sparen voor belangrijkere dingen dan mezelf aankleden’, zei hij vorig jaar in een interview met modeplatform Highsnobiety. Als je de hele dag al beslissingen moet nemen over garens en stoffen, redeneerde hij, wil je ’s ochtends in je eigen kledingkast niet ook nog eens het hele kleurenspectrum aantreffen. Ook op non-kledinggebied beperkte hij de keuzestress zo veel mogelijk. Waarom zou je in een restaurant bijvoorbeeld de kaart gaan bestuderen als je gewoon het menu van de dag kunt bestellen?
Maakte die opofferingsgezindheid Van Notens goede oog nog nét iets beter? In bijna vier decennia, waarin hij 150 collecties uitbracht en 127 keer showde, ontwikkelde hij een handschrift dat ontzettend herkenbaar is maar toch haast niet te ontcijferen valt. Zijn onverwachte combinaties van kleuren, stoffen en prints hadden in handen van een andere ontwerper schreeuwerig kunnen uitpakken, misschien zelfs de schijn van willekeur kunnen hebben, maar resulteerden bij Van Noten altijd in een verfijnd en doordacht geheel. De telg uit een kleermakersfamilie wist klassieke, draagbare en goed gesneden kleding te marineren in vrolijk stemmende onalledaagse uitbundigheid.
Afgelopen zaterdag, tijdens de mannenmodeweek in Parijs, werd de allerlaatste Dries Van Noten-collectie van Van Notens hand getoond. Het is in de mode ongebruikelijk om je bezig te houden met iets banaals als de pensioenleeftijd, maar de Vlaming houdt het op zijn 66ste voor gezien en gaat lekker tuinieren op zijn landgoed. Een bezoeker heeft glimmende traantjes onder zijn ogen geplakt. In de lente en zomer van 2025 zal Van Notens slotstuk in de winkels hangen.
De show begon met het palet dat de ontwerper zelf zo graag draagt: zwart, bruin, marineblauw, wit en beige. Er waren enkellange wollen jassen, broeken en tops van organza, perfect gesneden oversized blazers en wijde pantalons. Dan geleidelijk steeds meer roze, geel, donkerpaars, folieachtig metallic, grote bloemenprints, borduursels en spiegelend goud en zilver. De catwalk bestond uit snippers zilverfolie die bij iedere stap opstoven. Van Noten had zich laten inspireren door een landgenoot: de conceptuele kunstenaar Edith Dekyndt.
Een model op wollige bruine teenslippers bleek de perfecte illustratie van wat je het Dries Van Noten-effect zou kunnen noemen: dat het samenvoegen van conflicterende elementen toch een prachtig en volkomen logisch geheel kan opleveren. De teenslippers werden gecombineerd met een wijde bermudabroek en oversized overhemd, in twee verschillende maar even opvallende prints – Van Noten gebruikte de traditionele Japanse marmertechniek ‘suminagashi’. De outfit van de man werd afgemaakt met een transparante zalmroze poncho die wel iets weghad van zo’n wegwerpgeval dat weleens op festivals wordt uitgedeeld. En toch: niets meer aan doen. Zelfs de stem van David Bowie leek speciaal voor dit moment gemaakt.
De eerstvolgende vrouwencollectie van Dries Van Noten wordt ontworpen door het team dat al jaren met de ontwerper werkt. In Van Notens afscheidsinterview met The New York Times bekende hij hoe moeilijk hij het vindt om zich nergens meer mee te bemoeien. O, kiezen ze díé kleur?, had de verse pensionado stilletjes gedacht toen zijn oog op een stel samples was gevallen. Zijn opvolger is nog niet bekendgemaakt, maar verwacht wordt dat het eerder een Van Noten-alumnus zal zijn (Meryll Rogge? Sander Lak?) dan een internationale ster die nooit een voet in Antwerpen heeft gezet.
Maar kán Van Noten eigenlijk wel worden opgevolgd? Er bestaan maar weinig modelabels die sinds hun gehele bestaan (sinds 1986) vereenzelvigd zijn geweest met de oprichter en naamgever. Ja, je hebt nog een paar standvastige types als Giorgio Armani (sinds 1975) en Yohji Yamamoto (sinds 1981), maar het modelandschap wordt tegenwoordig gekenmerkt door creatief directeuren die van huis naar huis trekken.
Hoofdontwerpers wisselen elkaar in zo’n rap tempo af (soms al na een of twee seizoenen) dat je je maar beter niet te veel aan ze kunt hechten. Het label van Ann Demeulemeester bijvoorbeeld – net als Van Noten onderdeel van The Antwerp Six, het beroemde jarentachtigcollectief van zes jonge modeontwerpers die de Vlaamse mode internationaal op de kaart zette – werd in minder dan drie jaar tijd door vier hoofdontwerpers bestierd.
In het beste geval groeit zo’n nieuwe creatief directeur uit tot een fenomeen dat voor reuring zorgt en de verkoop opstuwt. Er is altijd de hoop dat iemand zich ontpopt tot de nieuwe Tom Ford, Jonathan Anderson of Phoebe Philo, die respectievelijk Gucci, Loewe en Céline hernieuwde glans gaven. Maar een beetje snel graag, want de achterdeur staat op een kier.
Het maakt dat modeliefhebbers eerder trouw zijn aan een creatief directeur dan aan een merknaam. Op verkoopsites voor tweedehands designerkleding zie je goed hoe belangrijk het is onder wiens supervisie een bepaalde collectie tot stand is gekomen. Er wordt specifiek gezocht naar Céline uit het Phoebe Philo-tijdperk (ook wel ‘old Céline’ genoemd). Bij trouwe Philo-fans hoef je dan weer niet aan te komen met het nieuwe Celine van Hedi Slimane (die nota bene het accent aigu liet vallen), en al helemaal niet met het nog oudere Céline van Michael Kors. De vraag naar tweedehands Dries Van Noten-stukken schoot direct omhoog nadat hij in maart zijn vertrek aankondigde. Een Van Noten uit het Dries-tijdperk zal alleen maar gewilder worden.
Het is te hopen dat het merk blijft vasthouden aan de oude waarden van de oprichter, die ondanks het snel veranderende modelandschap altijd zijn eigen koers is blijven varen. Hij pronkte niet met beroemdheden, sloeg de influencers over, strooide niet met logo’s en bleef kleding altijd belangrijker vinden dan it-bags en sleutelhangers. Hij deed niet mee aan hypes en wilde liever faciliteren dan dicteren, omdat hij nooit vergat dat hij échte mensen met échte levens kleedde.
Door dit soort keuzes, en zijn sympathieke, bescheiden publieke persoonlijkheid, bouwde Van Noten de afgelopen 38 jaar een vrij specifieke fanschare op. Natuurlijk werd zijn naam ook weleens in raps genoemd, onder anderen door Kanye West en Sticks, maar het is nooit een naam geweest om mee te pochen. Waar huizen als Prada en Loewe naast smaakvolle, vernieuwende prêt-à-portercollecties ook T-shirts met grote logo’s aanbieden, bestaat Van Notens doelgroep nog altijd uit mensen die van mooie dingen houden, maar niet van de daken hoeven te schreeuwen dat ze daar het geld voor hebben. De minder gegoede fans slaan hun slag tijdens de jaarlijkse stockverkoop in Antwerpen, waar voor een relatief prikkie stoffen, kleding en schoenen uit oude collecties worden aangeboden.
En hoe normaal het ook zou moeten zijn, ook op het vlak van ethiek maakte Van Noten bewonderenswaardige keuzes. Hij spreekt zich uit over klimaatverandering, is een voorvechter van slow fashion en initieerde in 2020 een open brief aan de mode-industrie waarin hij pleitte voor een duurzamer systeem. Toen hij zijn pensioen aankondigde, bedankte hij niet alleen het Spaanse modeconglomeraat Puig, dat in 2018 een meerderheidsaandeel in zijn bedrijf kocht, maar ook de Indiase handwerkers die alle borduursels voor hun rekening nemen.
In een interview met Vogue uit 2017 sprak hij over de noodzaak van die borduursels in zijn werk: ‘Zelfs als ik een keer een seizoen geen zin heb in borduursels, zorg ik dat er borduursels in de collectie zitten. Soms heel opvallend, soms in goud of koper, soms wit op wit. Maar borduursels zullen er altijd zijn, want we hebben de verantwoordelijkheid voor drieduizend werknemers in India.’
Dat Van Noten afscheid neemt met een mannencollectie, maakt de cirkel mooi rond. Tijdens zijn debuutshow in Parijs in 1991 toonde hij ook mannenkleding, toen nog in de kelder van een hotel. Het eerste model dat afgelopen zaterdag de catwalk op liep, de 62-jarige Alain Gossuin, was er destijds ook bij. Al is het onderscheid tussen mannen- en vrouwenkleding ook weer niet zo belangrijk voor Van Noten. Modellen van verschillende genders wandelden als vanzelfsprekend door elkaar heen. Deze kleding is voor iedereen die het mooi vindt.
Wat zal de geliefde ontwerper zelf gaan dragen nu hij niet meer gebukt gaat onder een niet aflatende stroom aan esthetische keuzes? Beige, of toch smaragdgroen met roestkleurig metallic? Misschien gaf hij een hint tijdens zijn laatste ererondje over de catwalk, waar hij gul zwaaiend afscheid nam van zijn publiek, zich toen omdraaide en recht op een gigantische discobal afliep terwijl Donna Summer uit de speakers schalde.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant