De gemiddelde verkoopprijs van bestaande koopwoningen ligt nu 9 procent hoger dan een jaar geleden, een doorsnee huis kost nu bijna 450 duizend euro.
De daling van de huizenprijzen na de piek in 2022 was van korte duur, blijkt uit nieuwe cijfers van het Kadaster en het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). Dat houdt de koper niet tegen: er zijn in de maand mei 17.591 woningen van eigenaar gewisseld. Dat is 16,5 procent meer dan in dezelfde maand vorig jaar.
Het Kadaster maakt vandaag bekend dat de huizenprijzen inmiddels 1,8 procent boven de piek in 2022 liggen. Over twee weken publiceert de Nederlandse Vereniging van Makelaars (NVM) nieuwe cijfers over de huizenmarkt. Deze cijfers zijn minder volledig dan die van het CBS en het Kadaster, maar wel actueler. Het duurt enkele maanden voordat een verkoop bij het Kadaster wordt geregistreerd. Begin juli zal dus duidelijk worden of de prijsstijging in deze mate doorzet, of dat een nieuwe piek is bereikt.
Een belangrijke oorzaak voor de prijsdaling was de snelle stijging van de hypotheekrente. De huizenkoper was rentes rond de 4 procent niet meer gewend. Toen de rente stabiliseerde, begonnen de huizenprijzen weer omhoog te gaan. Nu daalt de rente weer en gaat de stijging nog sneller. Deze maand verlaagde de Europese Centrale Bank (ECB) het rentetarief voor banken voor het eerst in vijf jaar tijd. Dit kan betekenen dat de hypotheekrente de komende tijd nog verder daalt. De Nederlandsche Bank (DNB) verwacht dat de prijzen nog zeker tot 2027 met minstens 4 procent per jaar stijgen.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant