Niet de revolutie eet haar eigen kinderen op, maar het kapitalisme. Het geboortecijfer daalt wereldwijd, en opmerkelijk snel in welvarende landen. Zelfs in de Scandinavische verzorgingsstaten is het geboortecijfer gedaald tot onder het vervangend niveau. Rijkdom leidt tot minder kinderen.
Op het eerste gezicht is dit vreemd, welvaart biedt immers gunstige omstandigheden voor het grootbrengen van kinderen. Waar men eens veel kinderen kreeg, in de hoop dat een deel in leven zou blijven als oudedagsvoorziening, is een kind inmiddels een zeer kostbare investering. En de ‘uitkomst’ is ongewis.
Vroeger vreesde men overpopulatie, nu zijn radicaal-rechtse conservatieven als Viktor Orbán, Giorgia Meloni en Elon Musk geobsedeerd met het verhogen van het geboortecijfer – om de witte raciale identiteit te beschermen. Voor wie bezorgd is over de klimaatcrisis daalt het geboortecijfer juist niet snel genoeg.Kinderen hebben geen politieke stem. We beschouwen de kindvraag als een individueel vraagstuk dat met ja of nee beantwoord wordt. Het verlangen volstaat.
Over de auteur
Lotte Houwink ten Cate is historicus. Ze is aan Columbia University in New York gepromoveerd op de tweede feministische golf. In de maand juni is zij gastcolumnist op volkskrant.nl/opinie.
Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier meer over ons beleid.
Eerdere bijdragen in deze discussie vindt u onder aan dit artikel.
Maar waartoe dient een kind? Wat betekent het om een kind te krijgen? Juist nu het dalende geboortecijfer in toenemende mate wordt gepolitiseerd, is het noodzakelijk om deze vragen te overdenken in plaats van ze weg te wuiven.Het kapitalisme plaatst de belangen van volwassenen en kinderen tegenover elkaar. De economie heeft nood aan een volgende generatie arbeiders en consumenten. Maar de zorg wordt afgewend op individuele gezinnen, en op vrouwen in het bijzonder.
Na de Tweede Wereldoorlog verschoof de aandacht van fysieke gezondheid naar de emotionele gezondheid van kinderen, waarbij een ‘veilige hechting’ een speciale taak werd van de moeder. In de jaren zeventig schudden feministen de moederschapsideologie van zich af door de zware en pijnlijke kanten van het moederschap bloot te leggen. De focus verschoof naar het nastreven van een aan mannen gelijkwaardige positie op de arbeidsmarkt.
Tegelijkertijd is intensief ouderschap de culturele norm geworden: ouders brengen twee keer zoveel tijd door met hun kinderen als vijftig jaar geleden. De Amerikaanse econoom Melissa S. Kearney muntte onlangs de term Two-Parent Privilege. Ze definieert het huwelijk als een langetermijncontract tussen twee individuen, die alle middelen inclusief tijd en geld op een hoop – de eigen kinderen – gooien. Kearney noemt het spenderen van geld aan kinderen, bijvoorbeeld voor verrijkende activiteiten, een van de belangrijkste vormen van investering die ouders kunnen doen.
Het summum is een beperkt aantal kinderen van ‘superieure kwaliteit’ – gezond, mooi, succesvol – te krijgen in perfecte omstandigheden, inclusief koophuis en financiële stabiliteit. Maar deze omstandigheden zijn steeds moeilijker te verkrijgen. Wanneer carrièresucces de basis is van onze identiteit, verwordt ouderschap tot een obstakel, een hindernis op weg naar de top. Een afleiding van ‘het echte werk’, en het einde van autonomie en individuele vrijheid.
De filosofen Anastasia Berg en Rachel Wiseman betogen dat het ouderschap steeds meer gezien wordt als een potentiële bedreiging van wat we als de fundamenten van een modern leven zijn gaan beschouwen. Zoals persoonlijke ontwikkeling, carrièresucces, en – op links – het beschermen van de planeet. Zo bestempelen we onze kinderen, en onze toekomstige kinderen, inmiddels als CO2-voetafdruk. Om de eigen handen in onschuld te wassen populariseerde British Petroleum in 2005 het begrip ‘persoonlijke CO2-voetafdruk’ met een grote pr-campagne. Laten we niet vergeten dat niet kinderen de planeet verwoesten, maar bedrijven.
De verteller van Sheila Heti’s veelgeprezen roman Motherhood, de oerroman van de millennialgeneratie, vergelijkt het egoïsme van het krijgen van kinderen zelfs met het egoïsme van het koloniseren van een land.Het is opmerkelijk hoe geringschattend over kinderen gesproken wordt. Van geen andere bevolkingsgroep zou zo openlijk gezegd kunnen worden dat ‘ze’ vervelend en irriterend zijn, een last, storend of zelfs niet welkom in de publieke ruimte.
Waar veel minder over gesproken wordt, is de vreugde die kinderen brengen. Niet als kleine volwassenen die ooit iemand trots kunnen maken, maar als de volwaardige mensen die alle kinderen vanaf de geboorte al zijn. Met de komst van een kind begint een wederkerige relatie, die tussen ouder en kind. Het is een relatie die met de tijd verandert, en waarvan de waarde niet in voor- of nadelen uit te drukken is. Kinderen zijn niet alleen de toekomst, maar ook het heden.
Wilt u reageren? Stuur dan een opiniebijdrage (max 700 woorden) naar opinie@volkskrant.nl of een brief (maximaal 200 woorden) naar brieven@volkskrant.nl
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant