Home

‘Van appeljood tot zuurjood’ is een bewonderenswaardig boek met portretten van Joodse straatventers

In het royaal geïllustreerde Van appeljood tot zuurjood portretteert Ewoud Sanders Joodse straatventers in Nederland. Stuitend is het alledaagse antisemitisme dat oprijst uit zijn materiaal.

Anders dan in de rest van Europa kwamen hier vanaf de Middeleeuwen geen pogroms meer voor. Ook hoefden Joden nimmer merktekens te dragen of in getto’s te wonen. Zeker, de gilden bleven voor hen gesloten, maar hun godsdienst konden ze openlijk belijden. Geen wonder dat Nederland eeuwenlang grote aantrekkingskracht uitoefende op Joden op de vlucht voor vervolging – eerst die van het Iberisch Schiereiland, later die uit Oost-Europa.

Maar dat je als Jood in dit land niet voor je leven hoefde te vrezen – nou ja, tot aan de Tweede Wereldoorlog – betekende allerminst dat je er werkelijk bij hoorde. Net zo makkelijk ging deze relatieve tolerantie gepaard met alledaags antisemitisme. Zie het onlangs verschenen Van appeljood tot zuurjood van taalhistoricus Ewoud Sanders (1958). Enkele jaren geleden promoveerde hij op een onderzoek naar Joodse stereotypen in jeugd- en kinderboeken, in dit nieuwe, royaal geïllustreerde boek portretteert hij Joodse straatventers – eeuwenlang een van de weinige branches waarin Joden wél de kost konden verdienen. (Joodse familienamen als Groenteman, Schelvis of Velleman wijzen doorgaans op een voorvader die als venter werkte.)

Om voor de hand liggende redenen lieten deze meestal straatarme Joden nauwelijks sporen na. Des te bewonderenswaardiger dat Sanders, zelf nazaat van een zogenoemde loterijjood, ze alsnog reliëf heeft gegeven. Hij doet dat onder meer door uitvoerig te putten uit het digitale krantenarchief Delpher.nl – denkelijk was dit project zonder deze fantastische bron veel minder goed gelukt.

Over de auteur
Elma Drayer is columnist en boekenrecensent bij de Volkskrant.

Gelukkig laat hij daarbij tekst en beeld spreken, blijft terughoudend in zijn commentaar. In het inleidende hoofdstuk zegt hij geen ‘boek vol narigheid’ te hebben willen schrijven. ‘Tijdens het onderzoek trof mij dat je leest over mensen die hard hebben geknokt om er het beste van te maken. Die hun uiterste best hebben gedaan om te overleven in schrijnende armoede. Die elkaar waar mogelijk hielpen. En die geregeld hulp of waardering kregen van derden.’ Toch trof mij dat alledaagse antisemitisme méér. En niet alleen in de teksten, evenzeer in het beeldmateriaal. Joden zijn daarin vrijwel altijd behept met kromme neus, sluwe of juist domme blik, onnozele of juist duivelse lach. Stuitend karikaturaal.

Wetenswaardigheden

Sanders haalt alleraardigste wetenswaardigheden naar boven. Mij was althans onbekend dat Zwarte Piet ooit concurrentie had. Opvoeders die in de 18de eeuw kinderen tot gehoorzaamheid wilden manen, dreigden met meegeven aan de klerenjood, de ouwe jood dan wel de voddenjood. Het dreigement schijnt tot halverwege de vorige eeuw courant te zijn geweest.

In opvoedkundige werkjes kwamen Joodse straatventers volgens Sanders dikwijls voor. Zo bevatte de breed verspreide Meijer’s Prenten, ook wel Nieuwe Hollandsche Kinderprenten – bedoeld als beloning voor ijverige lagereschoolleerlingen – een beeldgedicht over een paardenjood, uiteraard met kromme neus en sluwe blik. Hij denkt slim te zijn door een schimmel donker te verven teneinde die te kunnen verkopen als ‘gitzwart paardje’. Dat komt hem duur te staan. Ook in komische sketches, voor te dragen op feesten en partijen, figureerde het personage van de Joodse straatventer regelmatig. Regieaanwijzing: een vet Jiddisch accent. Grimeertip: een grote, kromme kunstneus.

Notoir slecht bekend, leer ik van Sanders, stond de zogeheten brillenjood. Dat veel klanten zich door hem bedrogen voelden, noemt hij verklaarbaar. Pas vanaf 1930 waren er betrouwbare oogmetingen beschikbaar. Tot die tijd moest je de benodigde sterkte min of meer gokken. Logischerwijs ging dat nogal eens mis.

Andere rode draad in het boek zijn de treiterijen waarmee Joodse straatventers te maken kregen. In een 19de-eeuwse bundel ‘aangename gezelschapsliederen’, bestemd voor ‘den beschaafden stand’, trof Sanders een lied aan over Leidse studenten die een ‘Augurkjes-Jood’ te grazen nemen omdat die een van hen beledigd zou hebben – vermoedelijk gebaseerd op een ware gebeurtenis. Slotregels: ‘Het was maar om dien Jood te leeren,/ Nooit geen studenten te blameren.’ De bundel kende minstens zeven drukken.

Belaagd door straatjochies

In Joodjes-leven, eene vertelling uit den Amsterdamschen ‘Jodenhoek’ uit 1908, van de onbekende auteur S. van den Eewal, belagen straatjochies in de Jordaan het ‘vischjoodje’ Cheijem en bauwen hem na: ‘Mooie schellevis, ze benne klein maar rein’. (Iedere straatventer had zijn hoogsteigen, zangerige roep.) Cheijem kan niks terugdoen, want als hij het lef zou hebben er een te pakken ‘zou de heele buurt, jong en oud, op hem losstormen om dien smous op z’n flikker te geven die ’n kleine jongen aandurfde’. Even later haalt hij zich ‘door onhandig gesjacher’ alsnog de woede van de Jordanezen op de hals. Zij schelden hem de huid vol, jatten een deel van zijn handel, en vernielen een ander deel. Kennelijk gebeurde dit ook in werkelijkheid, schrijft Sanders. De pers bestempelde Joodjes-leven als ‘realistisch’ en ontving het verhaal positief.

Onbetrouwbaar, opdringerig, en altijd uit op voordeeltjes – dat is zo’n beetje het imago dat uit het materiaal oprijst. Zeker, er waren heus tegengeluiden. De populaire stadschroniqueur Justus van Maurik schreef eind 19de eeuw met groot mededogen over sappelaars als David de loterijman en schoenpoetser Isaäk op den Dam (‘Poesse, schoonmake, netjes afborstele?’). Van Maurik was een uitzondering. Een van oorsprong Duits kinderverhaal uit 1799 eindigde met de moraal: ‘Wij leeren hier uit, dat niet alle Jooden slegt en oneerlijk, en niet alle Christenen brave menschen zijn.’ Het zijn vondsten als deze dit boek zo behartigenswaardig maken.

Ewoud Sanders: Van appeljood tot zuurjood – Veertig portretten van joodse straatventers. Walburg Pers; 320 pagina’s; € 29,99.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next