Vandaag, op landelijke Q-koortsdag, wordt extra aandacht gevraagd voor de infectieziekte waarmee tussen 2008 en 2010 duizenden mensen besmet raakten. Wij spraken NU.nl-lezers Corrie en Gert die hiervan nog steeds de gevolgen ondervinden.
Wanneer Corrie van der Lit (61) in 2008 heftige hoofdpijn krijgt, denkt ze er niet veel bij na. Ze heeft met haar man een melkveehouderij, dus besluit ze door te werken. "Maar toen we een paar maanden later de koeien uit het land haalden, werd ik overvallen met spierpijn op vreemde plekken. Ik kreeg pijn in mijn oksel en knieholte en kreeg het ontzettend benauwd."
Corrie besluit naar het ziekenhuis te gaan. Daar blijkt dat ze een longontsteking heeft, waarop ze naar huis wordt gestuurd met een antibioticakuur. "Maar nog geen twee uur later stond de ambulance voor de deur. Ik was op weg naar het toilet in elkaar gezakt. Mijn man vond mij op de gang."
Omdat Corrie's man vakbladen over de melkvee-industrie leest, dringt hij aan op een onderzoek naar Q-koorts. Uit bloedonderzoek blijkt dat ze inderdaad besmet is. "Nadat we dit wisten, werd ik van hot naar her gestuurd. Ik werd geleefd door alle ziekenhuisafspraken en dokters, maar niemand wist wat ze met mij aan moesten. Ik was de eerste in het dorp met Q-koorts en de eerste bij de huisartsenpraktijk."
De klachten gaan na een tijdje nog niet weg, dus krijgt Corrie de diagnoses QSV (ernstige vermoeidheid na een acute Q-koortsinfectie, red.) en chronische Q-koorts. "Ik heb nog steeds klachten zoals spierpijn, heftige vermoeidheid en benauwdheid. En bij een verkoudheid of virus, zoals corona, worden de Q-koortsbacteriën weer actief." En dat herstel na zo'n terugval is lang, vertelt Corrie. "Dat kan wel tot een half jaar duren."
Omdat Corrie zich niet fit blijft voelen, ziet ze vriendschappen en sociale contacten verdwijnen. "Ik zat bij een boerinnenclubje, maar ik wilde die vrouwen niet opzadelen met mijn problemen. Dus ik ben daar uit gestapt." Corrie's vriendinnen begrijpen niet goed wat ze heeft. "Ik heb weinig energie, dus ik kan niet een hele middag op stap. Je wordt daardoor minder meegevraagd, waarna de vriendschappen verwateren. Dat is eenzaam."
Wat het voor Corrie nog lastiger maakt, is het gebrek aan perspectief. "Ik zit inmiddels veertien jaar met Q-koorts thuis. En dokters kunnen niks voor mij doen als ik weer een terugval heb. Daarom ben ik inmiddels gestopt met controles: de uitslag was elke keer hetzelfde." Daarom voelt het voor Corrie alsof ze wordt vergeten.
Onderzoek of geld daarvoor is er nauwelijks, ervaart Corrie. "Ik heb weleens meegedaan aan een pilot in Nijmegen. Maar kreeg aan het einde van het jaar een fikse rekening, dus ben ik ermee gestopt."
Hoe de toekomst er voor Corrie uitziet, weet ze niet. Ze vermoedt dat ze is besmet door haar koeien, alhoewel er pas in 2013 Q-koorts wordt vastgesteld op de boerderij, ruim vijf jaar na Corrie's besmetting. "Hoewel het ons bedrijf bijna 200.000 euro heeft gekost en ik ziek ben, blijf ik positief", benadrukt ze. "Ik weet dat het zomaar voorbij kan zijn, dus leef ik van dag tot dag. Ik bedenk me dan: het kan altijd erger. En ik maak heus nog wel grapjes!"
Gert Markvoort (46) bevindt zich in 2020 in de bloei van zijn leven. Hij is getrouwd, heeft twee dochters en sport fanatiek. Totdat hij ineens in elkaar zakt. "Ik werd afgevoerd door mensen in witte pakken, want ze dachten dat ik corona had. Na allerlei tests vonden ze niks en mocht ik weer naar huis."
Er gaat een lange tijd voorbij, maar bij Gert blijft de pijn. "Ik kreeg last van mijn spieren, keel, had zere ogen en was snel moe. Na allerlei dokters te hebben gezien, besloot ik om zelf naar een internist te gaan. Nadat de ziekte van Lyme en Parkinson werden uitgesloten, kreeg de internist een helder moment: het zou zomaar Q-koorts kunnen zijn. Na anderhalf jaar had ik eindelijk mijn diagnose: Q-koortsvermoeidheidssyndroom (QSV)."
"Ik had hier zelf nog nooit bij stilgestaan, maar mijn tante heeft een boerderij met dertig schapen waar ik heb gewerkt. Deze schapen waren niet ingeënt, dus ik denk dat ik het zo heb gekregen."
Voorlopig lijkt er nog geen medicijn te zijn om Gert beter te maken, dus probeert hij met een positieve instelling het beste van het leven te maken. "Ik werk een paar uur per dag als vrijwilliger op een zorgboerderij voor kinderen met een verstandelijke beperking. Langer dan dat kan ik niet werken door de vermoeidheid."
"Mijn gezin vindt het moeilijk om mij zo te zien. Ik was altijd actief en nu kunnen we op minder momenten samen zijn. Dit is mentaal zwaar, maar gelukkig heb ik nu een hond die altijd bij mij is. De hond is mijn redding."
Source: Nu.nl algemeen