Home

Kamer begint met het horen van de kandidaat-ministers: eindelijk openheid of loze spektakelpolitiek?

In een vierdaagse marathonsessie begint de Tweede Kamer donderdag aan het horen van alle kandidaat-bewindslieden voor het aanstaande kabinet-Schoof. Niet iedereen is bij voorbaat enthousiast. Want gaat de Kamer hier eigenlijk wel over?

Judith Uitermark (NSC), beoogd minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, trapt donderdagochtend de sessies af. Zij wordt daarbij geflankeerd door haar staatssecretarissen Zsolt Szabó (PVV, beoogd staatssecretaris Koninkrijksrelaties en Digitalisering) en Eddie van Marum, beoogd staatssecretaris Herstel Groningen namens de BBB. Dat heeft Tweede Kamervoorzitter Martin Bosma dinsdag bekend gemaakt.

Later op de dag volgen de ministers Mona Keijzer (BBB, Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening), Eppo Bruins (NSC, Onderwijs, Cultuur en Wetenschap) en Eddy van Hijum (NSC, Sociale Zaken en Werkgelegenheid) plus hun staatssecretarissen. De rest van het kabinet is vrijdag, maandag en woensdag aan de beurt. De bedoeling is dat het kabinet de week daarop, op dinsdag 2 juli, wordt beëdigd. Op woensdag 3 juli legt premier Schoof dan de regeringsverklaring af in de Tweede Kamer.

‘Meer transparantie’

De hoorzittingen zijn nieuw in het formatieproces. De Kamer trekt er drie volle dagen voor uit, en dan woensdag nog een halve dag. Het parlement streeft naar meer transparantie in de formatie en wil de nog onbeëdigde bewindslieden de kans geven hun geschiktheid en hun motivatie voor het ambt publiekelijk toe te lichten. Ook hoopt de Kamer met de hoorzittingen te voorkomen dat feiten die een ministerschap in de weg kunnen staan pas na de beëdiging bekend worden.

Beroemd zijn de voorbeelden van staatssecretaris Charl Schwietert (in 1982 na drie dagen afgetreden wegens onjuistheden op zijn cv) en staatssecretaris Philomena Bijlhout, in 2002 na enkele uren afgetreden wegens het verstrekken van onjuiste informatie over haar aanwezigheid in de burgermilities van het Surinaamse regime-Bouterse. Staatssecretaris Co Verdaas van Economische Zaken moest in 2012 na een maand vertrekken wegens onjuiste reiskostendeclaraties in zijn vorige baan als provinciebestuurder – informatie die ook voor zijn beëdiging al bekend was.

Ieder één vraag

De kandidaat-ministers en -staatssecretarissen worden vanaf donderdag ontvangen door de vaste Kamercommissies die zich met hun beleidsterrein bezighouden. Ze krijgen eerst elk vier minuten spreektijd om zichzelf te introduceren. Daarna kunnen de aanwezige Kamerleden ieder een vraag stellen. Na beantwoording volgt, indien gewenst, een tweede vragenronde. De hoorzittingen zijn openbaar, met publiek, en ook digitaal te volgen.

Of de hoorzittingen daadwerkelijk gaan bijdragen aan het voorkomen van ongelukken, zal komende week moeten blijken. Een deel van de Kamer is niet bij voorbaat enthousiast en vindt het een ongewenste inbreuk op het staatsrecht. De Kamer heeft formeel immers geen invloed op de benoeming van ministers. Dat is het voorrecht van de regering, die ministers per koninklijk besluit benoemt. In de Kamer geldt de vertrouwensregel: bewindslieden hebben het vertrouwen van de volksvertegenwoordiging, totdat dat vertrouwen per motie door een meerderheid wordt opgezegd.

De Kamer kan in de komende dagen na de hoorzittingen dus ook geen officiële uitspraken doen over de geschiktheid van de nog onbeëdigde bewindslieden. Een bewindspersoon kan hoogstens de eer aan zichzelf houden als een hoorzitting niet naar wens verloopt.

‘Poppenkast’

Oppositiefracties als het CDA, de SP en de SGP doen mede om die reden niet mee. De SP vreest een ‘poppenkast’ die te weinig om het lijf heeft. ‘We mogen ervan uitgaan dat kandidaten goed gescreend zijn vooraf’, aldus partijleider Jimmy Dijk. ‘Dan zijn het veredelde kennismakingen, over de inhoud van het beleid gaat het (nog) niet.’

CDA-leider Henri Bontenbal deelt dat gevoel: ‘Er is al genoeg spektakelpolitiek in Den Haag.’ SGP-leider Chris Stoffer hekelt de timing. ‘Wacht op onze daden’, zei Thorbecke ooit. Voor die daden leg je verantwoording af in een debat, niet in iets vaags wat het midden houdt tussen een sollicitatie of kennismakingsgesprek.’

Omdat ook de formerende partijen niet geneigd zullen zijn elkaars kandidaten het vuur na aan de schenen te leggen, zal het initiatief de komende dagen naar verwachting vooral liggen bij de links-progressieve oppositiefracties. D66-Kamerlid Joost Sneller, initiatiefnemer van de hoorzittingen, zei eerder dat hij ook helemaal geen vetorecht nastreeft voor de Kamer. Wel meer openheid: ‘Nu worden kandidaten alleen door de formateur bevraagd op hun geschiktheid en motivatie. Maar dat gesprek vindt plaats onder vier ogen. Hoorzittingen dragen bij aan meer transparantie rond het formatieproces, dat toch al zo besloten is.’

Beoogd minister-president Schoof hoeft nog niet te verschijnen. Hij wordt pas verwacht in het debat over de regeringsverklaring op 3 juli, als hij al beëdigd is. De kandidaat-bewindslieden die in de afgelopen dagen het meest besproken werden, de PVV’ers Reinette Klever en Marjolein Faber, zijn respectievelijk vrijdag en maandag aan de beurt. Klever zal moeten uitleggen waarom zij minister van Ontwikkelingshulp wil worden terwijl zij tegen ontwikkelingshulp is. Faber zal zich moeten verantwoorden voor vele omstreden uitspraken in de afgelopen jaren.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next