Home

Beleggen pensioenfondsen te activistisch? ‘Het frame is: ABP dumpt miljarden in de Noordzee. Lariekoek’

Een meerderheid in de Tweede Kamer oordeelde vorige week dat pensioenfondsen te ‘activistisch’ beleggen. Veel te kort door de bocht, zegt topman Harmen van Wijnen van pensioenfonds ABP, dat geen geld meer in oliemaatschappijen steekt. ‘Goed is wat goed is voor onze deelnemers.’

Bestuursvoorzitter Harmen van Wijnen deelt de laatste taartjes uit, vrijdagmiddag bij pensioenfonds ABP in Sloterdijk. Reden voor de traktatie: de gunning van het windpark Noordzeker, een woud van honderden windturbines op 65 kilometer van IJmuiden, die samen 8 procent van de Nederlandse stroom moeten gaan genereren. Het moet tevens een stukje van de pensioenen van 3,1 miljoen onderwijzers, politiemensen en rijksambtenaren opleveren.

Is dat een goede investering? In dezelfde week stemde de Tweede Kamer over een motie van VVD’er Thierry Aartsen, die zich keerde tegen ‘activistisch’ beleggingsbeleid van de pensioenfondsen. Hij ergerde zich aan de mededeling dat het ABP geen geld meer steekt in oliemaatschappijen. Via De Telegraaf lichtte hij toe dat ‘rendement op plek één, twee en drie’ moet staan. De motie werd met grote (rechtse) meerderheid aangenomen.

Over de auteur
Michael Persson is economieverslaggever en commentator van de Volkskrant.

Wat vindt u van die motie?

‘Ik denk dat het een heel terechte motie is. Het gaat om rendement: daar zijn wij voor. Elk jaar wordt er 11 miljard aan premie aan ons toevertrouwd, en dat moet goed belegd worden. Tegelijkertijd was het veel te kort door de bocht. Het gaat om meer dan rendement alleen. Het gaat ook om risico’s die op ons afkomen.’

Op welke risico’s doelt u?

‘Thema’s als klimaat, biodiversiteit, veiligheid of onveiligheid, geopolitieke instabiliteit. Allemaal bedreigingen die onze portefeuille onder druk kunnen zetten. Dus we kijken niet alleen naar rendement, maar ook naar zulke risico’s. Tegelijkertijd kijken we of wij ons enorme vermogen van zo’n 500 miljard euro kunnen laten werken om die risico’s tegen te gaan. Wij willen een bijdrage leveren aan een wereld waarin onze beleggingen safe zijn. Dat is onze definitie van een duurzame economie. En dus steken we geld in bedrijven die die kant op gaan, en niet in bedrijven die de wereld instabieler maken.’

Maar een bedrijf als Total heeft de afgelopen jaren flinke koerswinsten geboekt.

‘Wij zijn voor goede rendementen niet van de olieproducenten afhankelijk, er zijn genoeg alternatieven. En wij kijken decennia vooruit. Neem onze vastgoedportefeuille. We zitten wereldwijd in allerlei woningen, in hotels, in kantoorpanden. Daar komen overstromingen en andere klimatologische bedreigingen op af. Alleen al om de waarde van die beleggingen te beschermen, kunnen we niet meer in fossiele bedrijven investeren. Wij zijn een bewaarder van vermogen dat ons is toevertrouwd door al die deelnemers. Dat vergt geen activistisch beleggen, maar actief beleggen. We proberen dat vermogen niet alleen te beschermen tegen onheil van buitenaf, maar we proberen ook dat dreigende onheil te verminderen.’

Dat is nog steeds een financiële benadering. Stel: je hebt een bedrijf dat prachtige windmolens bouwt en daarmee hoge winsten boekt, maar seksistisch met zijn medewerkers omgaat. Zou zo’n bedrijf in jullie portefeuille passen?

‘Nee, dat past daar niet in. Er zijn vier thema’s waarin we geld steken – met het oog op onheilsreductie, maar ook ter verbetering van de wereld. Klimaat, biodiversiteit, mensenrechten en goed bestuur. Voor dat laatste kijken we naar objectieve graadmeters zoals diversiteit, de medewerkerspopulatie, de kwaliteit van de governance. Daarbij gaat het niet alleen om do no harm, maar ook om positieve effecten. Hoe kun je goed doen?’

Dat klinkt toch een beetje als deugen – de ondertoon van de motie.

‘Goed doen is geen ideologische overtuiging van ons fonds, maar goed is wat goed is voor onze deelnemers. Op basis van die duurzame economie. Goed doen en rendement staan niet tegenover elkaar, maar gaan samen. En daarbovenop streven we nog een impact na: we willen dat een deel van het geld nu al ten goede komt aan de Nederlandse samenleving. Door te investeren in zaken als het energienet of betaalbare woningen. Onze deelnemers hoeven niet te wachten tot ze 70 zijn voor ze merken of hun geld voor ze werkt. We worden te vaak in het frame geduwd van hobbyisten die aan het spelen zijn met het geld van de deelnemers. Zo van: ABP dumpt miljarden in de Noordzee. Lariekoek.’

Je kunt zelfs zeggen: daar zijn jullie vrij laat mee. Tien jaar geleden maande de SER jullie al meer geld in groene energie te steken – het aandeel was toen 0,33 procent. Had het eerder gekund?

‘Jarenlang hebben hier activisten van ABP Fossielvrij voor de deur gelegen. We werden bevraagd door onze deelnemers uit universiteiten, hogescholen, waterschappen. Dat zijn maatschappelijke geluiden waar we niet doof voor zijn. Maar het beleid wordt bepaald aan de bestuurstafel, op basis van objectieve criteria. En we kunnen het niet alleen doen. We zijn ook afhankelijk van stabiele wet- en regelgeving, en van een overheid die bepaalde garanties geeft. Je stapt niet meteen in het eerste het beste windpark.’

Vroeger kwam de kritiek van progressieve kant, nu van conservatieve kant. Wat zegt dat?

‘Zegt dat iets over de pensioenfondsen of over de wereld om ons heen die aan het veranderen is? Wij zijn geen politieke organisatie, wij zijn geen ngo, wij zijn niet progressief of conservatief. We hebben een verplichting: het geld bewaren en bewaken voor onze deelnemers. En dat doen we op een zeer geavanceerde, doordachte manier. Door rendement te halen, door risicoreductie te doen en door de wereld te helpen in een goede richting te bewegen. Dat anderen daar etiketten op plakken, van rechtse geldwolverij of linkse hobby’s – dat glijdt van mij af.’

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next