Home

Het zwarte honkbal floreerde, in een wereld vol vijandigheid en doodsbedreigingen

In de Major League waren ze niet welkom, dus begonnen de beste zwarte honkballers in de gesegregeerde VS hun eigen Negro Leagues. Statistieken uit die competities zijn nu officieel erkend. Het plaatst de sport in een nieuw perspectief.

Noem de naam Babe Ruth en bij de meeste Amerikanen zal op z’n minst een belletje gaan rinkelen. Bij het grote publiek staat Ruth bekend als de beste honkballer ooit, ook al liggen zijn hoogtijdagen ongeveer een eeuw achter ons en is hij alleen in groezelig zwart-witbeeld te bewonderen. Toch, vraag een gemiddelde Amerikaan een honkballer te noemen en velen zullen nog altijd uitkomen bij Ruth.

Van Josh Gibson zullen aanzienlijk minder mensen hebben gehoord. Maar terwijl Ruth bij New York Yankees de ene na de andere bal van zijn knuppel liet spatten, deed Gibson hetzelfde bij Homestead Grays, een club uit de zogenoemde Negro Leagues. Gibson zou Ruth nooit treffen, omdat hij als zwarte man werd geweerd uit de Major League, het hoogste niveau in het Amerikaanse honkbal.

Over de auteur
Koen van der Velden schrijft voor de Volkskrant over sport in de Verenigde Staten. Hij woont in New York.

Mogelijk was Gibson zelfs beter dan Ruth, blijkt nu de cijfers van de zeven grootste Negro Leagues, competities voor zwarte honkballers (en enkele latinoteams), zijn toegevoegd aan de recordboeken van de Major League. In lijstjes met de beste slagmannen staat Gibson nu ineens boven de grootste namen uit het verleden, inclusief Ruth.

Ook veel andere spelers uit de Negro Leagues nestelden zich postuum in de top van de ranglijsten. In totaal werden 2.300 honkballers meegenomen. Ze waren actief tussen 1920 en 1947, een periode waarin ze niet welkom waren in de witte Major League, maar in hun eigen competities floreerden.

De beslissing van de Major League wordt historisch genoemd. ‘Hoog tijd’, lichtte de competitie toe nadat de cijfers uit de Negro Leagues eind vorige maand officieel als gelijkwaardig werden erkend.

Legitimatie

‘Het legitimeert al die spelers die daar hun hele leven hebben gespeeld’, zegt Phil Dixon, een honkbalhistoricus die ruim veertig jaar onderzoek doet naar de Negro Leagues. ‘We hoeven het nu niet meer over de beste zwarte slagmannen te hebben, maar gewoon over de beste slagmannen.’

Negro Leagues is een verzamelnaam voor een aantal competities die in de eerste helft van de 20ste eeuw werden opgericht. De eerste, de Negro National League (NNL), begon in mei van 1920. Tot dan toe toerden zwarte teams vooral door het land om demonstratiepartijen te spelen, maar in de NNL konden teams als Kansas City Monarchs, Birmingham Black Barons en St. Louis Stars het nu ook in competitieverband tegen elkaar opnemen.

Toch bleven ook de vriendschappelijke wedstrijden populair, want die boden extra inkomsten. Onderweg van de ene naar de andere stad, tussen competitiewedstrijden door, stopten teams vaak in kleinere plaatsen om op neutraal terrein tegen lokale clubs te spelen, een fenomeen dat barnstorming werd genoemd.

Op veel plekken in het segregeerde Amerika werden de honkballers met vijandigheid onthaald. Omdat hotels en restaurants zwarte klanten weigerden, overnachtten en aten ze soms in de spelersbus. Geregeld ontvingen de honkballers doodsbedreigingen.

In vergelijking met de sterren uit de Major League, kregen ze daarbij weinig betaald. ‘Het waren sterren in hun eigen gemeenschap’, zegt Dixon, ‘maar ze deden het vooral uit liefde voor het spelletje’.

In 2020 zette de Major League de eerste stap naar het toevoegen van de statistieken door de Negro Leagues als gelijkwaardig aan de eigen competitie te verklaren. Zoals ook elders gebeurde, plaatste de moord op George Floyd en de daaropvolgende Black Lives Matter-protesten het proces in een stroomversnelling.

Geen compleet beeld

Het verzamelen van de cijfers was een klus die jaren duurde. Volgens een databedrijf dat werd ingeschakeld, zijn nog maar driekwart van de statistieken teruggevonden. Sommige uitslagenvellen bleken niet te achterhalen. ‘Het is geen compleet beeld’, zegt Dixon, die plaatsnam in de zeventienkoppige commissie die de Major League adviseerde, ‘maar het is een beter beeld dan we hiervoor hadden’.

Een ander obstakel bij het samenvoegen van de cijfers: in de Negro Leagues werden jaarlijks veel minder wedstrijden gespeeld, tussen de zestig en tachtig per seizoen, dan in de Major League, waar clubs destijds 154 keer speelden. De vele demonstratiepartijen van teams uit de Negro Leagues werden niet meegenomen.

In het door corona ingekorte seizoen van 2020 leerde de Major League dat sommige cijfers ook bij een minder aantal wedstrijden te implementeren zijn. Het zijn vooral gemiddelden waarmee spelers uit de Negro Leagues nu met de Major Leaguers kunnen worden vergeleken – het slagpercentage, bijvoorbeeld, of het aantal punten dat door een werper per wedstrijd wordt toegestaan.

Nieuw daglicht

Het toevoegen van de nieuwe data plaatst het verleden van het Amerikaanse honkbal in een nieuw daglicht. Sommige klassementen werden erdoor op z’n kop gezet. In de top-10 van spelers met het beste slaggemiddelde over een hele carrière, zijn nu bijvoorbeeld vijf honkballers uit de Negro Leagues te vinden.

De cijfers van Josh Gibson, catcher bij onder andere Homestead Grays, springen het meest in het oog. Met zijn slaggemiddelde van .372 passeerde hij de .366 van Ty Cobb, die de lijst sinds de jaren twintig aanvoerde. In de categorie van bereikte honken per slag, het zogeheten slugging percentage, nam Gibson de koppositie over van Ruth.

Cijfermatig gezien is Gibson, die in 1947 op 35-jarige leeftijd overleed aan een hartinfarct, nu dus goedbeschouwd de beste slagman ooit.

Ook andere zwarte honkballers staan nu prominent in de recordboeken. De legendarische werper Satchel Paige speelde na het opheffen van de kleurbarrière jarenlang in de Major League (hij bleef actief tot ver na zijn 50ste), maar nu worden ook zijn statistieken uit zijn twintig seizoenen in de Negro Leagues meegenomen. Daardoor steeg Paige op verschillende ranglijsten.

De namen uit de Negro Leagues zullen vanaf nu vaker worden gehoord. Namen als Oscar Charleston, Buck Leonard en Cool Papa Bell, die volgens Paige zo snel was dat hij het licht in zijn slaapkamer kon uitdoen en nog voor het donker was in bed kon liggen. (De uitspraak werd later overgenomen door bokslegende Muhammad Ali.)

Kort na de Tweede Wereldoorlog kwam er een einde aan de segregatie in het Amerikaanse honkbal. Steeds meer Amerikanen vroegen zich af waarom hun zwarte landgenoten wel voor de VS moesten vechten, maar thuis niet in de Major League konden honkballen.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next