Home

In ‘Wereldse hotels’ klinken meer bewonderende o’s en a’s dan dat er echt hard wordt gewerkt door de presentatoren annex hotelstagiairs

Ik ken iemand die niet zo van vakantie hield en op een avond verkondigde dat voor hem ‘ieder mens een reis’ was. Voor veel tv-programma’s geldt iets vergelijkbaars, zou je kunnen zeggen. Voor een all inclusive-ervaring kun je bijvoorbeeld afstemmen op het nieuwe seizoen van Netflix-hit L’Agence: l’immobilier de luxe en famille. Daarin wordt trouwens ook fysiek meer gereisd dan ooit. De vier zoons van het vastgoedbedrijf hebben internationale ambities, wat een prima motief is om een roze art-decovilla in Marrakesh, een loft in New York en de Costa Ricaanse junglevilla met helikopterplatform van Mel Gibson te bezoeken. Funda-gluren bij huizen waarvoor Funda te min is.

Over de auteur
Yasmina Aboutaleb is tv-recensent voor de Volkskrant.

Voorheen opereerde de knappe makelaarsfamilie vooral in Parijs, maar in dit vierde seizoen zitten ze nog maar zelden aan hun keukentafel annex kantoor in Boulogne. Wat – onvermijdelijk in scripted reality – tot onbegrip en frictie leidt tussen de familieleden. Maar niet zo erg als in het Amerikaanse Selling Sunset, de Fransen houden het chique. Wat hetzelfde blijft: de veeleisende klanten die niet schromen om een ‘living’ van honderd vierkante meter af te doen als trop petit.

In Wereldse hotels (vanaf 20 juni bij Omroep Max, nu al via NPO Start en NLziet) verblijven twee BBC-presentatoren in vijfsterrenhotels over de hele wereld; in dit seizoen onder meer Marokko, Noorwegen, de Malediven en Zuid-Afrika. Het doel: de kijker trakteren op luxe en vergezichten, maar ook laten zien wat er bij het runnen van zo’n premiumhotel komt kijken. Dat lukt redelijk, al klinken er meer bewonderende o’s en a’s dan dat er echt hard wordt gewerkt door de presentatoren annex hotelstagiairs.

Want dat is de bedoeling: na hun ontvangst over de rode loper van Kasbah Tamadot in het Marokkaanse Atlasgebergte moeten de Nieuw-Zeelandse chef-kok en restauranteigenaar Monica Galetti en de Engelse advocaat en televisiepersoonlijkheid Rob Rinder meedraaien met het personeel. Maar niet voor ze hun schitterende suites hebben bekeken, de handgemaakte leren slippers op hun kamer hebben gepast, de lokaal gemaakte berbertapijtjes hebben geaaid, het waanzinnige uitzicht op de bergen, de infinitypool en de rest van het oude fort hebben bekeken.

Verrassend genoeg is er amper bling of marmer te bekennen. Eigenaar Richard Branson (spijkerbroek en oversized Marokkaans shirt), die de kasbah ontdekte tijdens een luchtballonreis, vindt dat ‘poenig’ en ‘een afknapper’, vertelt de miljardair nadat hij het halve personeel heeft begroet. Het gaat hem om de beleving van de lokale Amazighcultuur. De stafleden komen daarom allemaal uit de omgeving. Ze werken hard, sloven zich zichtbaar uit. Monica en Rob iets minder, althans niet in het hotel. Ze doen af en toe iets voor de camera, maar dat is het wel. Is ook niet erg. Zo’n hotel werkt veel beter als je er niet hoeft te werken, maar er naartoe kunt. Of er tenminste naar kunt kijken.

Source: Volkskrant

Previous

Next