Home

Waarom PVV’er Markuszower het kabinet niet haalde; zo werkt de ministersscreening

PVV-leider Geert Wilders moest donderdag noodgedwongen Gidi Markuszower terugtrekken als beoogd vicepremier en minister nadat hij niet door de screening voor aspirant-bewindspersonen kwam. Maar wat houdt zo’n onderzoek precies in? En wie bepaalt of iemand erdoorheen komt?

Door wie worden de aspirant-bewindspersonen doorgelicht?

In de eerste plaats ligt veel aan de opstelling van de aspirant-bewindspersonen zelf. Zij moeten nagaan of er zaken in hun verleden zijn die hen in hun ministerschap kunnen achtervolgen. Het gaat dan om eventuele misdrijven, publieke uitingen, privékwesties of financiële belangen die mogelijk tot problemen kunnen leiden.

Om zo veel mogelijk informatie op tafel te krijgen, moeten aspirant-bewindspersonen een vragenlijst invullen. Maar de belangrijkste vraag komt in het gesprek dat de formateur daarna voert. ‘De formateur vraagt dan doorgaans of er nog iets is dat het kabinet of de bewindspersoon zelf in gevaar kan brengen’, zegt Alexander van Kessel, onderzoeker van het Centrum voor Parlementaire Geschiedenis. ‘Je hoopt dan dat iedereen daar eerlijk op antwoordt’.

Over de auteur
Hessel von Piekartz is politiek verslaggever van de Volkskrant. Hij schrijft over de volksgezondheid, pensioenen en sociale zekerheid.

Lees hier alles over de kabinetsformatie.

Dat gebeurde lang niet altijd. In 2002 bleek dat LPF-staatssecretaris Philomena Bijlhout onjuiste informatie had verstrekt over haar betrokkenheid bij milities van Desi Bouterse. Toen er een foto van haar in uniform via de media naar buiten kwam, moest ze enkele uren na haar aantreden opstappen en werd ze de kortst zittende staatssecretaris ooit.

Het incident was aanleiding om de tot dan toe laagdrempelige procedure verder te stroomlijnen, zegt onderzoeker Van Kessel. Inmiddels worden er naast de vragen ook zogenoemde ‘naslagen’ bij verschillende uitvoeringsdiensten gedaan. Bij justitie, de Belastingdienst en de AIVD wordt informatie opgevraagd van de aspirant-bewindspersoon.

In het geval van Markuszower gingen daar de alarmbellen rinkelen. Volgens Wilders was de ‘inhoud van de naslag’ reden om de kandidatuur in te trekken.

Hoe diepgaand is zo’n onderzoek?

Veel minder diep dan velen denken. De uitvoeringsorganisaties kijken alleen of de betreffende persoon al in hun bestanden staat en zo ja, om wat voor informatie het gaat. Heeft iemand een strafblad of stond iemand op de radar van de AIVD, dan komt dat in zo’n onderzoek naar boven.

‘Maar er volgt dus geen nieuw diepgravend onderzoek’, zegt Van Kessel. Een naslag is dan ook van een totaal andere orde dan een zogenoemd veiligheidsonderzoek voor (top)ambtenaren die met vertrouwelijke informatie moeten werken, zoals beoogd premier Dick Schoof in zijn vorige functies.

Wie wordt onderworpen aan het strengste veiligheidsonderzoek van de AIVD wordt volledig doorgelicht. Niet alleen de betreffende persoon zelf wordt door alle systemen gehaald, ook familie en naasten worden nagetrokken. Bovendien voert de veiligheidsdienst gesprekken met de betrokkene. Voor zo’n onderzoek is het belangrijk dat iemand ‘eerlijk, onafhankelijk, loyaal, integer en veiligheidsbewust’ is en ‘trouw’ zijn functie kan uitoefenen, valt op de AIVD-site te lezen.

Hoewel dat ook van een minister wordt verwacht, blijft het dus bij een oppervlakkige screening. Van Kessel: ‘De drempel voor een ministerschap ligt toch wat lager dan voor een hoge ambtenaar.’

En wie bepaalt dan of de beoogd minister ook daadwerkelijk wordt benoemd?

Dat de doorlichting relatief oppervlakkig blijft, heeft wel een belangrijke reden. Als de AIVD zelf actief een uitgebreid veiligheidsonderzoek zou uitvoeren en daarna een advies geeft, kan dat volgens Van Kessel ‘politiek uitgelegd’ worden.

Het ministerie van Binnenlandse Zaken, en daarmee dus de nog zittende demissionair minister, is immers verantwoordelijk voor de veiligheidsdienst. ‘Het beeld kan ontstaan dat een demissionair minister van de oude ploeg kandidaten van de nieuwe ploeg wegstuurt’, aldus Van Kessel. Op de site van de AIVD staat dan ook nadrukkelijk dat de dienst ‘geen advies aan de formateur of minister-president’ geeft over de kandidaat.

Dat maakt ook dat de intrekking van Markuszowers kandidatuur geen besluit van de dienst is. ‘De instanties doen naslag, koppelen dat terug en dan is het in de eerste plaats aan de politiek leider van de beoogd minister om een beslissing te nemen’, zegt Van Kessel.

In het geval van Markuszower had Wilders het laatste woord. In theorie had hij de kandidatuur ook alsnog kunnen doordrukken, al was hij dan mogelijk gestuit op bezwaren van formateur Van Zwol of coalitiegenoten. Van Kessel: ‘We weten niet wat er ligt, maar het kan goed zijn dat het iets is dat een politiek probleem kan worden als het uitkomt. Ik denk dat Wilders zijn knopen heeft geteld.’

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next