Een vader die een poepluier verschoont en de kinderen ophaalt van school kan op veel lof en bewondering rekenen. Dat zegt iets over onze samenleving, betoogt Tim Gouw.
‘Daar heb je een goede aan, daar mag je dankbaar voor zijn’, klonk het op een kinderfeestje tegen een moeder. De aanleiding: haar partner had hun zoon opgepakt om zijn luier te verschonen en alvast zijn pyjama aan te trekken, zodat hij op de terugweg in de auto lekker zou kunnen slapen. Dat de moeder degene was die überhaupt had gedacht aan het meenemen van die pyjama en met de luiertas erachteraan liep, leek van ondergeschikt belang. De vader was de held van de avond en daar moest de moeder vooral heel dankbaar voor zijn.
De opmerking tegen de moeder legt een verrassend fenomeen bloot dat we allemaal kennen, maar zelden hardop uitspreken: mannen die een actieve rol in de zorg op zich nemen, worden vaak op een voetstuk geplaatst alsof het iets buitengewoons is. Maar wacht even, waarom is dit iets bijzonders? Is het niet hoog tijd dat we dit normaal gaan vinden en de verdeling van zorgtaken tussen ouders echt als gelijkwaardig gaan beschouwen?
Over dit artikel
Tim Gouw is economiedocent en schreef De thuisblijfvader – Waarom mannen net zo goed voor hun kinderen kunnen zorgen. Dit is een ingezonden bijdrage, die niet noodzakelijkerwijs het standpunt van de Volkskrant reflecteert. Lees hier meer over ons beleid aangaande opiniestukken.
Eerdere bijdragen in deze discussie vindt u onder aan dit artikel.
De meeste man-vrouwkoppels willen de opvoeding gelijk verdelen. Maar dat lukt slechts bij een op de tien koppels. Het lijkt alsof we zijn blijven steken in een tijd waarin niet veel van vaders werd verwacht, toen zij bij thuiskomst alleen een goedkeurende blik hoefden te werpen op de knutselwerkjes van de kinderen om vervolgens op de bank neer te ploffen.
Tegenwoordig halen vaders hun kinderen wél van school, nemen verlof op en ja, ze verschonen ook luiers. Maar laten we eerlijk zijn: de lat ligt nog steeds verrassend laag.
Ons systeem lijkt daarin niet mee te werken. Waar moeders na de komst van kinderen hun inkomen met gemiddeld 46 procent zien dalen, kunnen vaders een toename van hun inkomen tegemoet zien. Een ‘babyboete’ voor mama, een ‘babybonus’ voor papa.
Daarnaast is het zwangerschapsverlof voor moeders geen keuze: het verlof dient vier weken vóór en zes weken na de uitgerekende datum verplicht aaneengesloten te worden opgenomen. Voor het geboorte- en partnerverlof geldt dit niet. Het is dus geen wonder dat veel vaders net zoveel blijven werken als voorheen. Terwijl onze overheid in een campagne vorig jaar moeders opriep om meer te gaan werken (maar dit wel eerst met hun partner te overleggen), zijn vaders die een keertje meegaan met babyzwemmen goed voor een reportage in de krant.
Niet dat vaders geen recht hebben op een schouderklopje, maar het predicaat ‘goede moeder’ is praktisch onhaalbaar in onze samenleving. Kondigt een vader zijn vaderschapsverlof aan, dan kan hij rekenen op hordes (digitale) steunbetuigingen. Moeders die minder gaan werken krijgen het predicaat ‘deeltijdprinses’ of erger: ‘tradwife’.
Worstelen moeders met een gat in hun cv zodra ze zich weer op de arbeidsmarkt begeven, bij vaders is een langere periode van verlof opeens van toegevoegde waarde in hun ontwikkeling. Daar komt bij: vaders hoeven niet in de appgroep van een kinderfeestje, ze mógen erin.
Er is, kortom, voor vaders weinig externe motivatie om (veel) meer te gaan zorgen. Ze doen het al goed, is de gedachte, dus waarom zouden ze het nog over een andere boeg gooien? Geen wonder dat verandering in de rolverdeling thuis slechts mondjesmaat plaatsvindt.
Omdat er weinig op het spel staat – vanuit hun positie als kostwinner kunnen mannen naar eigen inzicht shoppen uit het ouderschap – blijft de roep om te veranderen een aangelegenheid voor vrouwen die het moederschap ondertussen als een steeds grotere last beschouwen.
Toch is er hoop. Jarenlang had Nederland een van de soberste verlofregelingen voor vaders van heel Europa: twee dagen betaald verlof. Inmiddels heeft een vader dankzij een EU-regeling recht op bijna vier maanden aanvullend geboorteverlof (tegen 70 procent van het salaris). Hoewel dit een stap in de goede richting is, blijkt uit cijfers van het UWV dat ruim een kwart van de ouders in loondienst geen gebruik maakt van de verlofregeling.
Het wordt tijd voor een eerlijk verlofsysteem met dezelfde voorwaarden en verplichtingen voor vaders en moeders. Alleen daarmee kunnen we een einde maken aan de vrijblijvendheid van het vaderschap en gelijkwaardig ouderschap voor iedereen haalbaar maken. Dan hebben we pas echt iets te vieren op Vaderdag.
Wilt u reageren? Stuur dan een opiniebijdrage (max 700 woorden) naar opinie@volkskrant.nl of een brief (maximaal 200 woorden) naar brieven@volkskrant.nl
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant