Home

Mijn eigen Augusta wacht trouw op mij, in de schuur die ik nu weer elke avond afsluit

Mijn vriendin lachte me weleens uit omdat ik de boel ’s avonds altijd zo zorgvuldig afsluit; de tuin, de schuur, het huis. Om te bewijzen dat ik risico’s durf te nemen, deed ik op een avond de schuurdeur niet op slot. De volgende ochtend was mijn sportfiets verdwenen, een oude Bull, een hybride, die zo mooi het midden tussen racefiets en mountainbike hield.

Ik moet wel fietsen, ik heb geen keuze. Net als Zeno uit Bekentenissen van Zeno ‘geloof ik dat, zodra men tot stilstand komt, men op de lange duur altijd vergiftigd raakt’. Dus ik rende naar de winkel en wees de eerste de beste hybride sportfiets aan. Een Merida, eigenlijk een maat te klein, maar ik wist nog niet dat er verschillende framematen bestaan.

Over de auteur
Peter Middendorp is schrijver en columnist van de Volkskrant. Van zijn hand verschenen onder meer de romans Vertrouwd voordelig en Jij bent van mij. Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.

De ouwe Bull en ik waren één geweest, maar de Merida zat helemaal niet als gegoten. Ook na anderhalf jaar voelde hij nog alsof-ie van iemand anders was. Niet echt, niet goed, er net naast, alsof je met het mindere zusje van je grote liefde trouwt, wat Zeno doet – toen Ada hem weigerde, had-ie Augusta maar gevraagd, die zat het dichtste bij.

Ik moest een nieuwe, het was niet anders. Ditmaal deed ik geen impulsieve miskoop, maar pas een na rijp beraad. Een racefiets met een no-name frame, wat mooie woorden zijn voor goedkoop carbon uit China, waarvan de kwaliteit een vraag is die niet op het oog of de tast, maar alleen in scherpe bochten kan worden beantwoord. Een flinke maat te groot ook, want ik wist nog steeds niet dat er verschillende framematen bestaan.

Echte liefde is moeilijk voor een te grote fiets. Ik zit er ongelukkig op – helemaal angstvallig uitgestrekt en voorovergebogen, alsof ik permanent fotofinish. Ik viel ook steeds met dat ding. Meestal bij het op- en afstappen, onverwachte situaties en stortbuien. Tegen de tijd dat ik onderweg naar een stoplicht de rechterschoen eindelijk uit het klikpedaal had losgewrikt, was mijn gewicht allang en breed naar links overgeheveld.

Ik ben opgegroeid in een winkelcentrum zonder gras. Op zich was het bijzonder om na zoveel jaren van mijn leven weer eens mijn botten tegen het asfalt en de stoeptegels te voelen. Een soort thuiskomen, ergens, een proustiaans koekje in de thee. Maar op de langere termijn ging de linker remhendel stuk, en kon je er niet meer mee schakelen.

In de weken dat de Chinese nepfiets bij de maker stond, haalde ik de Merida weer tevoorschijn. Het gekke was: nu paste-ie wel, nu zat-ie wel goed. Eerlijk gezegd begreep ik totaal niet meer wat ik erop aan te merken had gehad. Ze was niet snel, maar dat ben ik ook niet. Het ging zo van een leien dakje dat ik ineens een toekomst voor ons samen zag, zoals Zeno uiteindelijk ook van Augusta leerde houden.

De remhendel van de Chinese fiets was niet te repareren, het type werd niet meer gemaakt en konden we nergens vinden. De ketting ligt definitief op het kleinste tandwiel, dus aan die hele fiets heb je alleen nog wat in het hooggebergte. Deze affaire was voorbij, maar gelukkig stond Merida nog gewoon in de schuur op mij te wachten, mijn eigen Augusta. Waar was ze eigenlijk?

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant columns

Previous

Next