In de mythologie van de Maya’s figureert een heldentweeling die het kwaad verslaat, waarbij de broers meerdere keren overlijden en weer worden herboren. Naar nu blijkt speelden de Maya’s dat verhaal ritueel na, maar dan met echte tweelingen.
Dat volgt althans uit de ontdekking, bij de beroemde ruïnestad Chíchen Itzá, van enkele tweelingen die daar in de Mayatijd zijn geofferd. Al in 1967 vonden archeologen 106 skeletten in een ondergrondse holte, ongeveer een kilometer buiten de Mayastad. Genetische analyse, uitgevoerd door Duitse en Mexicaanse wetenschappers, wijst nu uit dat onder de doden zich minstens twee tweelingen bevinden. Die werden, als kind nog, gedood, kennelijk ingegeven door de Mayafascinatie met tweelingen.
Over de auteur
Maarten Keulemans is wetenschapsredacteur bij de Volkskrant, met als specialismen microleven, klimaat, archeologie en gentech.
Ook vond men negen skelettenparen van personen die vermoedelijk gewoon broers waren. Het kan zijn, schrijven de wetenschappers in vakblad Nature, dat onder de doden meer tweelingparen en gewone broers zijn; uit slechts 64 van de ruim honderd skeletten wisten de wetenschappers het dna te onttrekken. Opgeteld behoorde daarvan een kwart toe aan broers.
‘Buitengewoon significant’ en ‘echt bijzonder’, noemt archeoloog Alex Geurds van de Universiteit Leiden de vondst, na inzage in de resultaten. Waarschijnlijk was het offeren van kinderen en paren ook voor de Maya’s een daad van extreme opoffering, zegt hij, waarnaar men alleen greep bij extreme rampspoed of zeer belangrijke kalenderdagen.
‘Waarschijnlijk gebeurde dit sporadisch. Maar hoe heftiger de noodzaak of hoe delicater het tijdstip, des te groter de offergaven worden’, vertelt Geurds. ‘Kennelijk waren er situaties waarin men het religieuze belang zo groot achtte dat men dit moreel en ethisch acceptabel vond.’
De jongens werden verspreid over de eeuwen tussen het jaar 500 en 900 gedood en achtergelaten in een ondergrondse waterput, op ongeveer een kilometer van de huidige toeristische trekpleister. Het reservoir was uitgegraven en verbonden met een natuurlijke spelonk. Voor de Maya’s waren zulke spelonken verbindingen met de onderwereld, schrijven de wetenschappers, onder leiding van Rodrigo Barquera van het Max Planck Instituut voor Evolutionaire Antropologie in Leipzig.
Tweelingen spelen een prominente rol in de Popol Vuh, een beroemde mythologische tekst van de Maya’s. In dat verhaal wordt een tweeling na een verloren balspel gedood door de heersers van de onderwereld, waarna de tweeling erin slaagt een nieuwe tweeling te verwekken. Die verslaat op zijn beurt met sluwe listen de heren van de onderwereld en bevrijdt zo de mensheid van het kwaad. Uiteindelijk stijgt de tweeling ten hemel: ze worden zon en maan, omhuld door kinderen – de sterren.
Opvallend is dat alle doden in het gat jongens zijn. Al met al heel anders dan de voorstelling uit de boeken en films, dat de Maya’s ‘voornamelijk maagden offerden, die met een ijselijke gil in de afgrond verdwenen’, vertelt Geurds. In werkelijkheid offerde men veel kinderen, en dus ook mannen.
De jongens lagen op een paar honderd meter van de ‘heilige cenote’; een diep, met water gevuld gat waar de Maya’s honderden mensen offerden. Die werden waarschijnlijk ingesmeerd met blauwe pigment en mogelijk ook verdoofd, denkt Geurds. ‘Want je kunt je voorstellen dat de geofferden zelf er niet altijd zin in zullen hebben gehad.’
De ontdekking van de gedode tweelingen roept bij Geurds de vraag op hoe men in het algemeen omging met tweelingen. ‘Ook vandaag de dag trekken tweelingen extra bekijks. En bij de Maya’s staan ze centraal in het belangrijkste oorsprongsverhaal. Misschien was hun geboorte en hun hele leven wel omgeven met rituelen’, oppert hij.
Source: Volkskrant