Home

Het toeschrijven van problemen in de zorg aan private equity is gemakzuchtig en kortzichtig

Al geruime tijd klinken in de maatschappij en de politiek kritische geluiden over de groeiende rol van private equity (pe) in de zorg. Men waarschuwt dat deze financieringsvorm de nadruk legt op snel rendement ten koste van zorgkwaliteit en dienstverlening. Deze pe-partijen worden gezien als een sprinkhanenplaag die de zorgsector verwoest en daarom moet worden geboycot.

Hoewel ook ik kritisch sta tegenover de vercommercialisering van de gezondheidszorg, vraag ik me sterk af welk probleem een verbod op pe zou oplossen. Private equity investeert kapitaal van bijvoorbeeld pensioenfondsen en verzekeringsmaatschappijen in bedrijven met als doel deze in waarde te laten stijgen en met winst te verkopen. Bekend in de zorg is de buy-and-build-strategie waarbij praktijken van fysiotherapeuten, tandartsen of huisartsen worden opgekocht en toegevoegd aan een steeds groter wordende keten.

Over de auteur
Danka Stuijver is huisarts en columnist van de Volkskrant. Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.

Toch is het een misvatting dat commerciële ketens per definitie eigendom zijn van pe. CoMed, een keten van huisartsenpraktijken die met een bewuste verschraling en bemoeilijkte toegang tot zorg bovenal uit is op winstbejag, is bijvoorbeeld wél een commerciële partij, maar zonder pe-participatie. In tegenstelling tot wat de onderbuik ons ingeeft, zal een verbod op pe dus ook geen rem zetten op de vorming van dergelijke commerciële uitwassen.

Moet de discussie dan gaan over een verbod op commerciële partijen? Dan wordt het echt ingewikkeld, want wat ís commercieel? Een zorgverlener met een eigen praktijk die winst uitkeert als loon, vinden we niet commercieel; maar wat als die twee praktijken bezit? Of drie? Ook zorgverzekeraars, laboratoria, kraamzorg- en thuiszorgorganisaties zijn commerciële entiteiten in ons zorgstelsel. Moeten deze dan ook worden verbannen? Of geïnstitutionaliseerd?

Dit laatste klinkt als een logische stap voor een publiek en collectief goed, maar werp één blik over de grens naar de overheidsgestuurde systemen in Engeland, Canada, Denemarken of Nieuw-Zeeland en je ziet eindeloze wachtlijsten, inefficiënt beleid en dure, stroperige bureaucratische systemen. In landen die ons zorgstelsel juist beschrijven als de ideale mix van overheidsregulering en vrije markt.

Helaas, ook ons zorgstelsel is niet ideaal. Er wordt voortdurend gedraaid aan de knoppen ‘overheid’ en ‘vrije markt’. Een benadering die bekend staat als gereguleerde marktwerking en veel kritiek krijgt. Gezegd moet worden dat binnen de gereguleerde marktwerking private equity niet de wortel van het kwaad is, maar een uitgroeisel. Een gevolg van een productiegedreven bekostiging en een systeem dat zorgaanbieders dwingt om te innoveren en tegelijkertijd financieel zelfvoorzienend te zijn.

Zorgaanbieders wenden zich soms tot pe voor expertise en kapitaal. Dit biedt kansen, zoals het optimaliseren van bedrijfsprocessen en het implementeren van best practices uit andere sectoren, maar kent ook risico’s. Die ontstaan vooral wanneer de focus op kortetermijnrendement botst met de langetermijndoelstellingen van een zorginstelling.

Maar deze risico’s zijn niet exclusief voor pe-inmenging. Ze gelden in zekere mate voor elke vorm van ondernemen en investeren in de zorg. Dit vereist strikte regulering, transparantie en scherp toezicht. Zodat kapitaalinvesteringen in de publieke sector allereerst en bovenal publieke voordelen opleveren. Opvallend genoeg lijkt het niemand te storen dat banken flink verdienen aan het verstrekken van risicodragend kapitaal aan zorgaanbieders. Dat zij toezicht houden en invloed uitoefenen op de bedrijfsvoering. Dit wordt algemeen geaccepteerd, terwijl bij pe het vingertje wordt geheven.

Zelfs nu onderzoek van Ernst & Young geen verschillen vond tussen zorginstellingen met pe-participatie en zorginstellingen zonder wat betreft kwaliteit, toegankelijkheid en betaalbaarheid van de zorg. De weerstand tegen private equity komt niet alleen voort uit negatieve ervaringen, maar vooral uit een negatief imago. Daarbij speelt ook een gebrek aan kennis een rol, over wat pe precies inhoudt en vertegenwoordigt.

Neem zorgaanbieder Bergman Clinics. Deze heeft als meerderheidsaandeelhouder het Triton Fonds. In dat pe-fonds investeert het op één na grootste pensioenfonds van Nederland, het Pensioenfonds Zorg en Welzijn, de pensioengelden van ruim 2 miljoen (oud-)zorgmedewerkers. Dus terwijl veel zorgverleners uitgesproken kritisch zijn over zorgaanbieders die worden gefinancierd met private equity, zijn ze zich er niet van bewust dat hún pensioengeld dit private kapitaal vormt.

Is de marktwerking in ons zorgstelsel doorgeschoten? Is het tijd voor een nieuw zorgbekostigingsmodel? Daar moet de focus van de discussie liggen. Het toeschrijven van de problemen in ons zorgstelsel aan 35 private equity-gestuurde zorgaanbieders terwijl er in totaal meer dan 250 duizend zijn, is niet alleen gemakzuchtig en kortzichtig, maar leidt ook af van de zoektocht naar onderliggende oorzaken en structurele oplossingen voor de zorg.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next