Nederlandse patiënten moeten steeds langer wachten totdat ze nieuwe medicijnen kunnen gebruiken. Dat komt mede doordat de overheid met fabrikanten over de prijzen onderhandelt. Soms vertraagt dat het proces "onnodig", stelt de Nederlandse Vereniging Innovatieve Geneesmiddelen (VIG).
Nadat een medicijn door het Europese geneesmiddelenbureau EMA is goedgekeurd, duurt het gemiddeld 404 dagen totdat het wordt vergoed voor patiënten. Dat is 104 dagen langer dan vorig jaar, blijkt uit het jaarlijkse overzicht van het gespecialiseerde bedrijf IQVIA.
Het overzicht laat grote verschillen tussen Europese landen zien. Zo hoeven patiënten in Duitsland het minst lang te wachten: gemiddeld 126 dagen. In Polen is de wachttijd zo'n 808 dagen, twee keer zo lang als in Nederland.
Wij zitten in de Europese middenmoot als het gaat om nieuwe medicijnen beschikbaar stellen. Van de 167 medicijnen die EMA tussen 2019 en 2022 heeft goedgekeurd, zijn er nu 91 beschikbaar. Met 147 beschikbare medicijnen spant ook hier Duitsland de kroon. Daarna volgen Italië en Oostenrijk.
De wachttijd in Nederland is opgelopen doordat de overheid prijsonderhandelingen voert met fabrikanten. Dat moet de stijgende zorgkosten bedwingen.
Volgens de VIG blijven de kosten zo inderdaad relatief laag, maar vertragen de onderhandelingen het proces "soms ook onnodig". Daarnaast zou er geen behoefte zijn aan alle middelen die worden goedgekeurd door EMA.
Het ministerie van Volksgezondheid is op zoek naar manieren om het systeem te verbeteren. Zo kondigde demissionair minister Pia Dijkstra (Medische Zorg) onlangs aan dat de overheid beter duidelijk wil maken aan welke medicijnen behoefte is. Fabrikanten kunnen daar dan op inspelen.
Source: Nu.nl algemeen