De nieuwe bestuursvoorzitter van de Universiteit van Amsterdam, Edith Hooge, staat bekend om haar inhoudelijke kennis. Een ingetogen academicus, die aantreedt in een tijd van pro-Palestijnse studentenprotesten. Is zij de daadkrachtige verbinder waarnaar de universiteit en studenten op zoek zijn?
Als kind wilde ze paus worden. Het liep anders: per 1 juni is Edith Hooge (56) aangetreden als de nieuwe bestuursvoorzitter van de Universiteit van Amsterdam (UvA), een rol die heden ten dage wel wat vredestichtende eigenschappen vereist. Terwijl de campus in het centrum van de hoofdstad nog nagloeide van de verhitte pro-Palestijnse protesten, nam Hooge in relatieve stilte het stokje over van Geert ten Dam, die acht jaar die post vervulde.
De benoeming van Hooge is in vele opzichten een veilige keuze: haar profiel is vergelijkbaar met dat van Ten Dam. Beiden studeerden onderwijskunde aan de UvA, waren voorzitter van de Onderwijsraad en hebben een katholieke achtergrond. Hooge is, op het eerste oog, wel een stuk ingetogener. Een academicus die bijna verlegen overkomt. Iemand die haar woorden zorgvuldig kiest.
Over de auteur:
Irene de Zwaan is verslaggever van de Volkskrant en schrijft over jongerencultuur en onderwijs.
Ze treedt aan in een roerige tijd, waarin een bestuursvoorzitter niet alleen wordt geacht het beleid en de financiën van de universiteit vorm te geven, maar zich ook staande moet kunnen houden als de vlam in de pan slaat. Haar voorganger Ten Dam (65), die na twee termijnen afzwaait, moest zich geregeld publiekelijk verdedigen tegen felle beschuldigingen van studenten. Die verweten haar onder meer een afstandelijke houding en een gebrek aan daadkracht bij het verbreken van de banden met Israëlische instellingen.
Is Hooge wel opgewassen tegen de reuring die haar nieuwe functie mogelijk met zich meebrengt? Personen die haar al langer kennen, vinden van wel. Ze omschrijven haar als vastberaden en nuchter en als iemand die niet bang is om risico’s te nemen.
Hooge laat zich niet zomaar uit het veld slaan. ‘Ze staat stevig’, zegt Mirjam van Leeuwen, secretaris-directeur van de Onderwijsraad, het onafhankelijke adviescollege voor de regering op het terrein van onderwijs, waarvan Hooge tussen 2019 en mei van dit jaar voorzitter was. ‘Ze praat altijd met veel zelfvertrouwen. Haar brede expertise komt haar daarbij van pas. Inhoudelijk is ze heel sterk en ze is altijd goed voorbereid.’
Ondanks haar uitgesproken mening houdt Hooge oog voor andere standpunten, aldus Van Leeuwen. ‘Ze is erop gebrand dat er vanuit verschillende perspectieven naar een onderwerp wordt gekeken.’ Daarbij betrekt ze graag collega’s, zodat iedereen een bijdrage kan leveren. ‘Die kunst verstaat zij goed.’
De UvA haalt met Hooge een bekende binnen. Een ervaren bestuurder die diverse functies heeft bekleed binnen de universiteit. Ze studeerde en promoveerde er en was tussen 2017 en 2019 toezichthouder van de UvA. Ook is ze per 1 juni benoemd als hoogleraar bestuur en beleid van het onderwijs aan de faculteit Maatschappij- en Gedragswetenschappen aan diezelfde universiteit.
Haar promotieonderzoek in 1998 ging over autonomievergroting en deregulering in het onderwijs, een onderwerp dat haar hele loopbaan al kleurt. Ze heeft daarover een uitgesproken mening: leraren genieten volgens haar onvoldoende eigen verantwoordelijkheid en ze krijgen te weinig ruimte om zich te professionaliseren. Ze vindt bovendien dat autonome scholen een sterke overheid nodig hebben – een mening die niet overal in het onderwijsveld wordt gedeeld.
Hooge groeide op in een vrijzinnig katholiek Arnhems gezin, dat geregeld de kerk of een klooster bezocht. Op zondagochtend schalde er gregoriaans gezang door het huis. In een interview op de website van de Sociaal-Economische Raad (SER) zegt ze: ‘De kerk fascineerde mij en ik wilde daar graag de baas worden.’
Toen haar vader uitlegde dat het beroep van paus uitgesloten is voor vrouwen, was dit voor de jonge Hooge ‘een realiteitsschok’. Het maakte haar voor het eerst bewust van de kansenongelijkheid tussen mannen en vrouwen.
Sindsdien koestert ze een fascinatie voor sterke vrouwen, waartoe ze ook haar moeder en oma rekent. Haar moeder bedankte ze in een oratie bij de Universiteit van Tilburg, waar ze tot voor kort werkzaam was als hoogleraar boards and governance in education, voor ‘haar wijsheid en ruimdenkendheid’.
Haar oma, zo zegt ze in het interview met de SER, is een rolmodel. Ze voedde in haar eentje zes kinderen op en hield er ook nog een carrière op na. Een andere inspiratiebron voor Hooge is de Franse designer Charlotte Perriand (1903-1999), een vrouw met – in de woorden van Hooge – ‘een vrije geest, die barstte van de energie en ambitie en doodkalm als enige vrouw tussen de mannelijke ontwerpers werkte’.
Hooge omschrijft zichzelf als harde werker, maar ook als ‘een enorme levensgenieter’. Een beeld dat haar oud-collega Van Leeuwen van de Onderwijsraad herkent. ‘Ze is heel collegiaal en heeft oog voor wat werken onder een hoge lat met zich meebrengt’, zegt ze. ‘Edith vindt het belangrijk om soms rust te pakken, niet alleen voor zichzelf, maar ook voor de mensen om haar heen.’
Haar levensgenietersmentaliteit, zegt Van Leeuwen met een knipoog, komt ook tot uiting in beeldspraak over eten. ‘Ze waarschuwde geregeld dat de adviezen van de Onderwijsraad geen lauwe soep mochten zijn. Elk advies moest helder zijn, met een scherpe boodschap.’
Drie keer Edith Hooge:
Edith Hooge is getrouwd en heeft twee kinderen.
In een interview met Het Financieele Dagblad zegt Hooge in 2018 dat ze ‘ongelooflijk straight is’ en ‘niet van bullshit’ houdt.
Hooge heeft een talenknobbel. Naast Nederlands spreekt ze Engels, Frans, Italiaans en Portugees.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant