Home

Nationalisten streven naar erkenning van het Catalaans als de 25ste officiële EU-taal

Waar zijn de media in het buitenland vol van? Vandaag: Spanje-correspondent Dion Mebius ziet hoe Catalaanse nationalisten voor een haalbaarder doel gaan.

Er is een taal die wordt gesproken door meer dan 9 miljoen Europeanen, maar die niet een van de 24 officiële talen van de Europese Unie is. Een taal die vele malen groter is dan het Ests of Maltees, maar niet, zoals deze talen wel, gehoord kan worden in de vergaderzalen van Brussel.

Die taal is het Catalaans; toevallig (of niet) ook de taal van de meest besproken afscheidingsbeweging van Europa. Nu de droom van een vertrek uit Spanje en een eigen republiek voorlopig ver weg is, kiezen de Catalaanse nationalisten er voor om zich te richten op een doel dat ze als haalbaarder zien: de erkenning van het Catalaans als de 25ste officiële EU-taal.

‘Onze taal is het wezen van de Catalaanse natie’, zei Toni Comín, de Europese lijsttrekker van Junts Per Catalunya (Samen voor Catalonië), vorige week in een interview met de regionale nieuwswebsite El Món. Net als in andere mediaoptredens maakte Comín duidelijk dat het zijn partij menens is: de EU-erkenning wordt voor Junts ‘een centraal doel van onze inzet’ in het nieuwe Europees Parlement.

Plek opeisen

De wens van Comín laat zien dat de Europese arena, naast de nationale en regionale, voor politieke bewegingen zo belangrijk is, en als zodanig ‘eigen’ wordt gezien, dat een minderheid als de Catalanen als vanzelfsprekend ook in Brussel haar plek opeist. Een praktisch probleem is er niet: vrijwel alle Catalaanstaligen spreken vloeiend Spaans. Waar het ze om gaat, is het kunnen spreken van de taal van hun hoofd en hart. (En, bijkomend voordeel, het niet hoeven spreken van die van de ‘onderdrukker’).

De linkse regering in Madrid, die voor haar voortbestaan afhankelijk is van de gedoogsteun van Junts, stuurde in augustus op aandringen van de nationalisten al een brief naar de Europese Raad. Daarin vroeg de regering om erkenning van het Catalaans en meteen ook maar die van het Baskisch en Galicisch, de andere grotere minderheidstalen in Spanje.

Het zou betekenen dat politici in de drie talen mogen debatteren in het Europees Parlement. Ook kunnen burgers zich dan in het Catalaans of Baskisch tot EU-instituties richten, die verplicht in dezelfde taal antwoorden. Brussel, toch al een toren van Babel, zou plaats moeten maken voor een nieuwe stoet tolken en vertalers. Het geld dat voor die operatie nodig is, zo’n 44 miljoen euro per taal per jaar, is Spanje bereid zelf op te hoesten.

Spaans gedoe

Hoe denken de andere 26 lidstaten, die unaniem moeten instemmen, over dat aanbod? De krant El País legde haar oor te luister in de Brusselse achterkamers en hoorde daar bar weinig enthousiasme. De samenvatting: dit is intern Spaans gedoe, de wereld staat in de fik, we hebben wel wat anders aan ons hoofd.

Daarnaast zouden sommige lidstaten zich zorgen maken over de implicaties van het erkennen van een regiotaal. Betekent groen licht voor het Catalaans dat Frankrijk ook geen ‘nee’ meer kan zeggen tegen Corsica? En is het dan een kwestie van tijd voordat het Russisch, gesproken door een deel van de bevolking in de Baltische staten, door het Europees Parlement schalt?

En dus lijkt een officiële EU-status voor het Catalaans al bijna even ver weg als onafhankelijkheid. Zelfs als de Spaanse premier Pedro Sánchez zich er persoonlijk mee bemoeit, zoals de eis luidt van Comín, die waarschuwt dat dit voor zijn partij ‘een rode lijn is’.

De grootste kans lijken de nationalisten nog te maken door hun buren in Andorra aan te moedigen om lid te worden van de EU: in het dwergstaatje tussen Frankrijk en Spanje is het Catalaans de enig erkende taal.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next