Home

DNB: huizenprijzen blijven stijgen, positie van starters blijft beroerd

De huizenprijzen stijgen de komende jaren nog verder, voorspelt De Nederlandsche Bank (DNB). Dat komt deels doordat starters meer mogen lenen. Aan die extra financiële armslag hebben ze overigens weinig: woningen blijven voor hen even onbetaalbaar.

Dat blijkt uit de zogenoemde voorjaarsraming, waarin DNB vooruitblikt op de economische ontwikkelingen voor de komende jaren. De centrale bank verwacht dat de Nederlandse economie de komende jaren een klein beetje zal groeien. Dit jaar groeit het bruto binnenlands product (bbp) met 0,5 procent, in de twee jaren daarna met 1,3 procent.

Ook de inflatie is aardig getemd: DNB verwacht dat de gemiddelde prijzen dit jaar zullen stijgen met 2,8 procent. Dat is beduidend lager dan de inflatie in 2022, waarbij de inflatie ruim boven de 10 procent uitkwam.

Hoewel de inflatie afneemt, gaan de prijzen van woningen juist verder stijgen. De huizenprijzen liggen op dit moment al op een historisch hoogtepunt; dit jaar zal de stijging uitkomen op 5,9 procent. Ook in de jaren daarna blijven woningen duurder worden, met respectievelijk 4,1 in 2025 en 3,9 procent in 2026.

Verlaging hypotheekrente

Die stijging wordt deels veroorzaakt doordat de hypotheekrente weer langzaam aan het dalen is. Daardoor hebben mensen weer meer te besteden. De verwachting is dat de hypotheekrente de komende tijd verder daalt, nu de ECB de beleidsrente ook weer aan het verlagen is.

Het feit dat starters steeds meer mogen lenen, stuwen de prijzen ook op. Toch hebben ze weinig aan die extra leencapaciteit, concludeert DNB, omdat de huizenprijzen bper saldo verandert er voor starters weinig in de betaalbaarheid van woningen. En dat terwijl hun uitgangspositie toch ‘al ongunstig’ was. Zo kost een gemiddelde woning op dit moment 452 duizend euro, iets waarvoor je een bruto (huishoud)inkomen van 95 duizend euro nodig hebt om te financieren. Slechts 39 procent van de huishoudens heeft een inkomen dat hoger ligt.

Een blik op de toekomst biedt een flinter hoop. Een belangrijke oorzaak voor de hoge huizenprijzen is het gebrek aan nieuwe woningen. Na 2022 zijn de zogenoemde woninginvesteringen niet meer toegenomen. Dat heeft te maken met de hoge rentestand, hogere bouwkosten en problemen met nieuwbouwvergunningen. Vanaf 2025 nemen de investeringen weer heel licht toe.

Aan andere knoppen draaien

Op korte termijn voorziet DNB voor risico’s vanwege geopolitieke spanningen. Zo kunnen problemen in het Midden-Oosten onze energievoorziening onder druk zetten. Wat betreft de toekomst maakt de centrale bank zich, net als het IMF, zorgen over het tekort op de arbeidsmarkt. ‘Op de lange termijn komt de groei van de beroepsbevolking vrijwel tot stilstand.’ Zulke schaarste zorgt ervoor dat de economie in de toekomst minder snel kan groeien.

Om toch voldoende geld te blijven verdienen, moet de productiviteit omhoog. Het IMF adviseerde Nederlanders afgelopen februari meer uren te werken, maar dat zal volgens DNB-bestuurder Olaf Sleijpen niet eenvoudig gaan. ‘Veel mensen willen dat niet. Het zijn bijvoorbeeld tweeverdieners die financieel goed zitten. Die zetten hun welvaart op een andere manier in.’

Wel zijn er andere manieren om de productiviteit te vergroten. ‘Als mensen niet meer uren gaan werken, dan moet je aan andere knoppen draaien. Zoals het goedkoper maken van de kinderopvang.’

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next