Overstromingen en hittegolven tonen de echte gevaren en kosten van klimaatverandering. Wetenschappers en activisten moeten de extremen daarom juist veel meer benadrukken.
De zomer is nog niet eens begonnen of daar zijn ze weer, de verbijsterende beelden van overstroomde steden en dorpen in Duitsland, de flauwvallende passanten in een hels heet India, meer dan 50 graden op sommige plaatsen. En in Nederland was voorjaar 2024 volgens de weerkundigen zowel het warmste als het natste ooit, met op 21 mei ongekende stortbuien in delen van Noord-Holland.
Het lijken bizarre uitschieters in het weer en dat zijn het ook. Het weersysteem is wispelturig en beland soms al wervelend en kolkend nu eenmaal in extreme hitte, heel veel neerslag, storm, langdurige droogte. Dat was zo en zal altijd zo blijven.
Over de auteur
Martijn van Calmthout is natuurkundige, journalist en schrijver van het essay Niet Normaal, over natuurgeweld in een opwarmende wereld, dat op 25 juni verschijnt. Dit is een ingezonden bijdrage, die niet noodzakelijkerwijs het standpunt van de Volkskrant reflecteert. Lees hier meer over ons beleid aangaande opiniestukken.
Eerdere bijdragen in deze discussie vindt u onder aan dit artikel.
Dat zijn de uitschieters die erbij horen. Maar doorgaans is het klimaat op veel plaatsen op aarde eigenlijk best te doen. En als het dan echt een keer erg tekeer is gegaan, komt de vraag op of dat te wijten was aan het klimaat.
Het is nauwelijks nieuws dat datzelfde klimaat op drift is, al anderhalve eeuw aangejaagd door de uitstoot van broeikasgassen door de mensheid. De aarde warmt op, inmiddels al haast de anderhalve graad die ooit in Parijs werd afgesproken als grens aan de veranderingen. Maar zelfs die opwarming blijkt helemaal niet iets dat we gemakkelijk zo ervaren.
Het klimaat is het gemiddelde van weer op een bepaalde plaats. En het dagelijkse weer is zo grillig, dat een trend in het onderliggende klimaat moeilijk te zien is. Wel in statistieken, maar niet in onze alledaagse ervaringen. Daarvoor gaan de veranderingen domweg te geleidelijk en het moet dus ook niemand verbazen dat velen het maar abstracte praatjes vinden, die klimaatverandering. Belangrijk misschien ooit, maar niet heel urgent.
Het andere uiterste in het klimaatspectrum zijn er actiegroepen als Greenpeace, Milieudefensie, Urgenda en Extinction Rebellion, die stelselmatig laten zien hoe de wereld instort en in brand staat en wij onze ondergang tegemoet gaan. Voeg daarbij soms stevige actievormen als wegblokkades en de ergernis is alom haast te ruiken: deze actievoerders gebruiken hysterische claims om politiek druk te zetten. Alarmisme, extremisme misschien wel.
En zelfs klimaatwetenschappers vinden soms dat de activisten met hun paniekverhalen vooral hun eigen glazen ingooien. De klimaatverandering is immers op zich al onmiskenbaar en ernstig genoeg. En is angst niet hoe dan ook een slechte raadgever?
Wetenschappelijk is er inmiddels echter wel degelijk veel te zeggen voor luid klimaatalarmisme zoals op de spandoeken van klimaatmarcheerders en wegbezetters. Extreem weer is van een reeks pure uitschieters veranderd in een grimmige preview van waar klimaatverandering toe leidt: gevaar, hinder, schade, dood en verderf soms.
Weerkundigen hielden zich lange tijd nadrukkelijk verre van de vraag of een bepaalde hittegolf of hoosbui iets met klimaatverandering te maken kon hebben. Dat leek van individuele gebeurtenissen moeilijk te zeggen. Maar de laatste tien jaar heeft de weerkunde daarin belangrijke stappen gezet met nieuwe statistische technieken. Weather attribution wordt dat nieuwe vakgebied genoemd, waarbij Nederlanders een grote rol hebben.
Opwarming maakt dat de weerstatistieken geleidelijk naar warmer en natter schuiven. Wat vroeger ondenkbare extremen waren komen daardoor dichterbij de normale waarden te liggen. Wat extreem was, wordt normaler, van eens in de eeuw naar misschien eens in de paar jaar. En aan de flanken duiken nog heftiger extremen op met een zekere waarschijnlijkheid.
Extreem weer is het gevaarlijkste deel van het heersende klimaat. Dat is nu al zo, maar uit steeds meer wetenschappelijke studies blijkt dat die gevaren onevenredig toenemen als de aarde opwarmt. Elke graad opwarming betekent volgens een simpele natuurkundige wet bijvoorbeeld bijna 10 procent meer waterdamp in de atmosfeer met kans op ongekende hoosbuien, waar rivierlopen en riolen niet van terug hebben.
In de rapporten van het internationale klimaatpanel IPCC waren weersextremen lang een bijzaak in het hoofdverhaal over de geleidelijke veranderingen en vooral iets van de toekomst. Maar niet voor niets bevatte het laatste rapport uit 2023 een apart hoofdstuk over weersextremen, nu en in de toekomst. De vooruitzichten zijn ronduit grimmig, maar de boodschap is wel dat minder uitstoot de risico’s onevenredig verkleint.
Deze nieuwe kijk op weersextremen moet gevolgen hebben voor het debat over klimaatbeleid. Tot nog toe wordt daarbij veel te nadrukkelijk naar de geleidelijke veranderingen gekeken en gaat de discussie over de vraag of er nog een tandje bij moet, of misschien juist wat minder. Op dat niveau lijkt een paar jaar meer of minder vaak niet echt een probleem en vooral een principekwestie voor politici.
In die discussies gaat het zelden rechtstreeks over de gevaren en rampspoed die zich volgens alle serieuze prognoses snel vaker zullen gaan aandienen in een opwarmende wereld. Bij de huidige opwarming zijn meer hittegolven, meer droogte, meer overstromingen, bosbranden al een gegeven. Al dat natuurgeweld is niet alleen beangstigend en hartverscheurend, het is zelfs een grote kostenpost die rechtstreeks aan klimaatverandering is toe te schrijven.
Die kosten zullen alleen nog maar verder stijgen, en alleen dat is al een reden voor een veel harder klimaatbeleid met serieuze reductie van de uitstoot. Het is nog niet te laat om de opwarming een halt toe te roepen, inclusief de meest voorspelbare extremen. Maar zeker al te laat om niets te doen.
Wilt u reageren? Stuur dan een opiniebijdrage (max 700 woorden) naar opinie@volkskrant.nl of een brief (maximaal 200 woorden) naar brieven@volkskrant.nl
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant