GroenLinks-PvdA en Geert Wilders’ PVV zijn de winnaars van de Europese verkiezingen. Met waarschijnlijk respectievelijk 8 en 7 zetels torenen ze hoog uit boven de andere partijen.
De opkomst kwam donderdag uit op 46,8 procent van de kiezers. Vijf jaar geleden was dat 41,8 procent. Dat blijkt althans uit de exitpoll die onderzoeksbureau Ipsos I&O donderdag hield. De definitieve uitslag van de Europese verkiezingen volgt pas zondagavond, als heel Europa heeft kunnen stemmen.
De Nederlandse exitpoll levert een gemengd beeld op. De PVV boekt veruit de spectaculairste groei. De partij beleefde in 2019 dramatische Europese verkiezingen en verdween uit het Europees Parlement (EP). Nu worden het waarschijnlijk zeven zetels.
Over de auteur
Raoul du Pré is chef van de politieke redactie van de Volkskrant. Hij schrijft sinds 1999 over de nationale politiek.
Toch tekent de overwinning zich veel minder af dan bij de landelijke verkiezingen in november, toen Wilders alle andere partijen ver achter zich liet. Dat zal in Brussel worden ontvangen als een meevaller. Vooraf werd de Nederlandse uitslag in veel landen beschouwd als een mogelijke voorbode van de Europese trend: in veel landen zijn radicaal-rechtse partijen bezig aan een flinke opmars. Als die doorzet, kan dat grote gevolgen krijgen voor de sfeer in het Europees Parlement wat betreft thema’s als natuurbeleid en de klimaatmaatregelen.
Dat is echter niet het signaal van de Nederlandse uitslag. De overwinning van de PVV gaat ten koste van Forum voor Democratie, dat in 2019 nog goed scoorde maar nu waarschijnlijk uit het Europees Parlement verdwijnt. Ook een partij als JA21 haalt geen zetel.
Daartegenover staat niet alleen het blok van GroenLinks-PvdA, maar ook de winst van uitgesproken pro-Europese partijen als D66 en Volt. VVD en CDA, partijen die wat betreft Europa een middenkoers varen, lijken stabiel te zijn gebleven. Daarmee is de Nederlandse uitslag niet veel eurosceptischer dan die van 2019.
D66-lijsttrekker Gerben-Jan Gerbrandy incasseerde de exitpoll donderdagavond dan ook als een ‘afstraffing’ van partijen die samenwerken met de PVV, omdat met name de VVD en Pieter Omtzigts NSC lijken af te stevenen op een teleurstellend resultaat. Gerbrandy noemt het een ‘signaal van de liberale kiezer, dat samenwerken met extreem-rechts niet beloond wordt’.
Uit kiezersonderzoeken van Ipsos I&O bleek de afgelopen weken dat veel kiezers zich in hun stemvoorkeur lieten leiden door hun nationale politieke voorkeur voor partijen en politici. Het immigratie- en vluchtelingendebat is voor veel kiezers het belangrijkste onderwerp. Wilders deed er in de campagne ook niets aan om het thema te verbreden of andere PVV’ers dan zichzelf naar voren te schuiven. Europees PVV-lijsttrekker Sebastiaan Stöteler kwam er nauwelijks aan te pas, Wilders zelf voerde vooral campagne via zijn account op berichtenplatform X.
Uit de electorale analyses zal in de komende tijd nog moeten blijken in hoeverre de opkomst – die traditioneel veel lager ligt bij Europese verkiezingen – Wilders parten heeft gespeeld. Zijn triomf in het najaar was mede te danken aan de opkomst van kiezers die bij eerdere verkiezingen nog veelal thuis bleven.
Voor Wilders zal de uitslag voelen als een lichte tegenvaller, na zijn onverwacht grote succes in november. Aan de andere kant is hij ook niet hard afgestraft voor de formatie-onderhandelingen, waarin hij in de afgelopen maanden grote concessies moest doen op het PVV-programma en ook moest afzien van het premierschap. Dat heeft het humeur van veel van zijn kiezers kennelijk niet nadelig beïnvloed.
De PvdA en GroenLinks – die zich opmaken voor felle oppositie tegen het kabinet-in-wording – voerden vooral campagne met het streven om te voorkomen dat een radicaal-rechtse partij opnieuw de boeken in zou gaan als grootste partij. Dat lijkt dus te zijn gelukt.
Dat is wel in hoge mate te danken aan de samenwerking tussen beide partijen. In 2019 werd de PvdA op eigen kracht nog onverwacht de grootste bij de Europese verkiezingen. Zelfs met GroenLinks erbij levert het linkse blok nu waarschijnlijk een zetel in. De linkse zetels zullen over twee fracties in het Europees Parlement worden verdeeld: de Groenen en de sociaal-democratische fractie.
Verder valt op hoe versnipperd het politieke landschap ook bij deze verkiezingen weer blijkt te zijn. Na de twee grote partijen volgen nog VVD, CDA en D66 met allen waarschijnlijk drie of vier zetels. Daarna lijkt alleen de BBB nog zeker te zijn van een entree in Brussel. Alle andere partijen staan op één of nul zetels en zullen het tellen van de stemmen moeten afwachten of zij iemand naar Brussel kunnen sturen.
Forum van Democratie heeft reden om teleurgesteld te zijn. In 2019 leek de partij van Thierry Baudet nog een nieuwe politieke factor van belang, met 11 procent van de stemmen, maar net als in november zijn zijn kiezers massaal overgestoken naar de rechtse concurrentie. FvD lijkt nu te verdwijnen uit het Europees Parlement.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant