Laat banken afkicken van hun schuldverslaving, zegt Anat Admati, de Stanford-econoom die er haar missie van heeft gemaakt om bancaire ‘bullshit’ te bestrijden. ‘Banken zijn speciaal in die zin dat ze met meer kunnen wegkomen dan andere bedrijven.’
De Cincinnati Bengals waren onlangs bezig de Buffalo Bills te verslaan, toen de kijkers van Sunday Night Football een opmerkelijke reclame te zien kregen. De reclame van de Amerikaanse bankenlobby had namelijk een nogal esoterisch thema, vergeleken bij de touchdowns en scrimmages waarvoor Americanfootballfans de tv hadden aangezet: strengere kapitaaleisen. Daarmee hoopt de Federal Reserve (Fed), de Amerikaanse centrale bank, het bancaire stelsel veiliger te maken. Tot onvrede van diezelfde banken.
‘Vooruitkomen in het leven is niet makkelijk, maar miljoenen Amerikanen proberen het nog steeds’, klonk de commentaarstem boven piano-arpeggio’s en violen. ‘Maar nu wil de Fed onnodige kapitaalregels opleggen om de kosten te verhogen van alles wat we kopen.’ Figuranten staarden gepijnigd in de camera: een supermarktklant, een piepers snijdende kok, een stel met een baby op de arm. De regels, waarschuwde de reclame, ‘zullen het moeilijker maken een huis te kopen, een kind te laten studeren of met pensioen te gaan’.
Over de auteur
Jonathan Witteman is economieredacteur voor de Volkskrant en schrijft over de macro-economie en de bankensector.
‘Schandalig’, foetert Anat Admati (1956), terwijl ze een tonic soldaat maakt in het Amsterdamse Café Kuyl. De econoom van Stanford, recentelijk te gast bij De Nederlandsche Bank, heeft al heel wat baarlijke nonsens voorbij zien komen in haar jarenlange kruistocht tegen de schuldverslaving van Amerikaanse en Europese banken. Die schuldverslaving leidde in 2008 nog tot een crisis die vooruitkomen in het leven pas écht moeilijk maakte. Admati heeft er haar missie van gemaakt om de drogredenen en denkfouten te ontmaskeren waarmee banken die schulden rechtvaardigen.
Maar dat moeders straks geen lolly meer kunnen kopen voor hun kinderen, zoals de bankenlobby in hun reclames suggereert? En allemaal omdat ook kleinere banken – van het formaat van het vorig jaar gesneuvelde Silicon Valley Bank – voortaan iets minder schulden mogen maken van de Fed? Waardoor ze nog steeds 97 dollar schuld voor elke 100 dollar aan bezittingen (en dus slechts 3 dollar eigen vermogen) mogen hebben? ‘Absurd’, zegt Admati.
‘De beroemde Fed-voorzitter Paul Volcker (1927-2019, red.) zei ooit dat banken altijd zullen beweren dat nieuwe regels de economie schaden, wat je ook voorstelt. ‘En het is allemaal bullshit’, voegde Volcker daaraan toe. Ik denk alleen niet dat hij had kunnen bevroeden hoever de bullshit zou gaan.’
Het tekent in haar ogen de flauwekul waarmee banken aan beide zijden van de Atlantische Oceaan al jaren verdoezelen dat ze extreem veel schulden hebben, en amper eigen vermogen, in de vorm van aandelenkapitaal of opgespaarde winsten. In de 19de eeuw financierden banken hun investeringen nog met 40 tot 50 procent eigen vermogen, tegenwoordig schrijven de toezichtsregels slechts een leverage ratio oftewel schuldratio van 3 procent voor, al zitten bijvoorbeeld Rabobank (7 procent) en ING (5 procent) daar iets boven.
Veel te weinig, vinden Admati en haar Duitse coauteur Martin Hellwig. Zij vergelijken banken met vrachtwagens vol dynamiet: zoals zij, bij slap toezicht, een woonwijk de lucht in kunnen laten vliegen, zo kunnen banken de economie opblazen. Om het financiële stelsel veiliger te maken, zouden banken zichzelf volgens Admati en Hellwig moeten leren bedruipen met 20 à 30 procent eigen vermogen. Dit eigen vermogen kunnen ze vergroten door meer aandelen uit te geven, of door opgespaarde winsten in te zetten. Voortaan zou dan van elke 100 euro aan bezittingen nog slechts 70 tot 80 euro uit schulden mogen bestaan.
Het pleidooi staat in hun gezaghebbende boek The Bankers’ New Clothes, waarvan net een nieuwe editie is verschenen. De boodschap: banken zijn anno 2024 amper veiliger dan voor 2008.
Stel dat de financiële hervormingen van de laatste jaren al vóór 2008 waren ingevoerd. Was de kredietcrisis dan voorkomen?
‘Nee. Dat zeggen niet alleen Martin en ik, maar ook sommige toezichthouders. De hervormingen zijn veel te marginaal en veel te ingewikkeld geweest. Terwijl er een simpele oplossing is: verplicht banken om veel meer eigen vermogen te hebben en veel minder schulden. Dat is een oplossing waarmee de hele maatschappij erop vooruit zou gaan. Toch gebeurt het niet. Wat extra kwalijk is, omdat de kredietcrisis denk ik een belangrijke voedingsbodem is geweest voor de Brexit, de opkomst van Donald Trump en andere politieke ontwikkelingen.’
Waarom gebeurt het niet?
‘Omdat het huidige systeem goed werkt voor de banken, en hun lobby machtig genoeg is om politici zo gek te krijgen de boel bij het oude te laten. Want voor banken is het verplicht stellen van meer eigen vermogen pijnlijk. Je pakt ze immers hun subsidies af, waardoor ze zo goedkoop kunnen lenen – op kosten van de belastingbetaler, als het misgaat. Grootbanken kunnen namelijk goedkoop lenen, omdat geldschieters weten dat zij in geval van nood toch wel gered worden. Banken genieten dus een impliciete staatssubsidie. En politici hebben dure verkiezingscampagnes te voeren, en willen hun relatie met de banken niet riskeren door die subsidies aan te pakken.’
Om te begrijpen waarom banken zo gehecht zijn aan schulden, volstaat een simpele rekensom, legt Admati uit. Stel: Truus en Guus kopen elk een eigen huis van 300 duizend euro. Guus legt daarvoor 30 duizend euro in en leent de rest van de bank, terwijl Truus 60 duizend euro aanbetaalt. Na een aantal jaar gaan Truus en Guus verhuizen. Hun beider stulpjes zijn inmiddels 330 duizend euro waard. Guus maakt dus verhoudingsgewijs de grootste klapper. Minus zijn hypotheekschuld (rente even buiten beschouwing gelaten) houdt hij 60 duizend euro over, een rendement van 100 procent op zijn eigen inleg. Truus houdt 90 duizend euro over, oftewel 50 procent winst op haar inleg.
Hoe meer geleend geld je dus gebruikt om te investeren, hoe hoger je rendement is. Althans: zolang alles goed gaat. Maar wat als de huizenprijzen juist instorten? Een daling naar 270 duizend euro is genoeg om Guus’ inleg weg te vagen. Terwijl Truus in dit scenario nog steeds 30 duizend euro over heeft. En dan was Guus met een schuldratio van 10 procent – 30 duizend euro eigen vermogen op een totaal van 300 duizend euro – nog voorzichtig, vergeleken bij de schuldratio’s van 3 procent waarmee banken kunnen wegkomen.
Aan welk bancair argument ergert u zich het meest?
‘Aan de drogreden uit het reclamespotje: dat kapitaal iets is wat banken moeten ‘aanhouden’, en opzij moeten zetten. Waardoor ze dat geld dus zogenaamd niet kunnen gebruiken om er leningen mee te verstrekken aan de rest van de economie. Dat is het verhaal dat je keer op keer hoort vanuit de bankenlobby: als we er meer eigen vermogen op na moeten houden, kunnen we minder geld uitlenen, en dat is slecht voor de economie. Een Amerikaanse senator beweerde om die reden laatst zelfs dat hogere kapitaaleisen het einde van de ‘Amerikaanse Droom’ betekenen.
‘Onzin. Eigen vermogen, in de vorm van aandelenkapitaal of ingehouden winsten, is gewoon een manier om jezelf te financieren. Zoals ook schulden een manier zijn om jezelf te financieren. Eigen vermogen is dus geen appeltje voor de dorst dat banken apart moeten zetten, zoals ze zelf beweren. Niets staat banken in de weg om hun aandelenkapitaal of opgespaarde winsten te gebruiken om leningen te verstrekken.
‘Als de Silicon Valley Bank en Credit Suisse 20 tot 30 procent eigen vermogen hadden gehad, in plaats van bijna niets, waren ze vorig jaar nooit ten onder gegaan. Dan hadden ze hun verliezen gewoon kunnen opvangen.’
Een ander argument is dat banken ‘speciaal’ zijn, en zich dus meer schulden kunnen permitteren dan andere grote bedrijven.
‘Banken zijn inderdaad speciaal. Maar niet in goede, maar in slechte zin. Banken zijn speciaal in die zin dat ze met meer kunnen wegkomen dan andere bedrijven.’
Banken beweren dat reddingen door de staat tot het verleden behoren. Ze financieren immers het depositogarantiestelsel, dat in Nederland spaargeld tot 100 duizend euro garandeert.
‘Banken garanderen deposito’s, maar wie garandeert het depositogarantiestelsel? De belastingbetaler. Als één bank in problemen verkeert, kunnen andere banken te hulp schieten. Maar wat als alle banken tegelijk in problemen komen? Tijdens de savings & loan-crisis vanaf eind jaren tachtig (toen meer dan duizend Amerikaanse spaarbanken sneuvelden, red.) moesten belastingbetalers 124 miljard dollar betalen om het depositogarantiestelsel overeind te houden.’
‘Bovendien: de premies die banken betalen aan het depositogarantiestelsel moeten ergens vandaan komen. Dat gebeurt meestal niet door minder bonussen en salarissen uit te keren aan de bestuurders van de bank, maar door de rekening bij de klanten te leggen. Bijvoorbeeld door ze nauwelijks rente over hun geld te geven, zoals momenteel gebeurt.’
Uw boek lijkt niet alleen gericht op linkse critici, maar juist ook op lezers in het rechts-libertaire spectrum.
‘Dat klopt. Als banken zich roekeloos willen gedragen door torenhoge schulden te maken, dan moeten ze zelf voor de verliezen opdraaien als het misgaat, niet belastingbetalers. Dat is een libertair principe. Dankzij hun privileges zijn banken nu geen echte marktpartijen. Het wordt tijd dat we die privileges afpakken, en de subsidies die de banken krijgen voor nuttigere dingen gaan gebruiken.’
Reactie Nederlandse Vereniging van Banken
De NVB is tegen Admati’s voorstel om banken ertoe te verplichten dat minstens 20 procent van hun bezittingen uit eigen vermogen bestaat. De lobbyclub zegt meer te zien in maatwerk via een ‘risicogewogen’ aanpak, waarbij een bank op basis van risicomodellen ‘meer kapitaal aanhoudt voor risicovolle leningen en minder kapitaal voor minder risicovolle leningen’. Een eenzijdige nadruk op de leverage ratio oftewel schuldratio, zoals Admati voorstaat, ‘zegt weinig over het risicoprofiel van een bank. Zo kan een bank met een hoge leverage ratio toch zeer risicovol zijn, en vice versa.’
Admati wijst er echter op dat de risicogewogen aanpak een belangrijke verklaring was voor de kredietcrisis. Banken hadden veelal amper eigen vermogen, omdat hun schulden volgens hun modellen zogenaamd risicoloos waren, totdat ze eraan ten onder gingen. Volgens Admati zijn de bancaire risicomodellen een voorbeeld van de slager die zijn eigen vlees keurt: ‘een mengeling van politiek, traditie, echte en nep-wetenschap, en eigenbelang’.
Reactie De Nederlandsche Bank
‘Hogere kapitaaleisen bevorderen de financiële stabiliteit’, reageert De Nederlandsche Bank. ‘Door meer kapitaal aan te houden kunnen banken beter financiële schokken opvangen en de economie stabiliseren. Dit verkleint de kans op publieke kosten.’
Tegelijkertijd constateert de toezichthouder dat niet alle wetenschappers het met Admati eens zijn dat hogere kapitaaleisen geen nadelen hebben. Zo wijst DNB op onderzoek van het Centraal Planbureau, dat concludeerde dat geld lenen bij de bank door hogere kapitaaleisen mogelijk duurder wordt, wat weer de economische groei kan remmen.
‘Ongelooflijk frustrerend’, noemt Admati de DNB-reactie. In haar ogen is het een drogredenering dat banken meer kapitaal moeten ‘aanhouden’. Ze benadrukt dat banken dit eigen vermogen, namelijk aandelenkapitaal of opgespaarde winsten, juist niet opzij hoeven te zetten, maar kunnen gebruiken om leningen te verstrekken. Admati stelt bovendien dat de CPB-studie waar DNB naar verwijst één cruciaal voordeel van hogere kapitaaleisen buiten beschouwing laat: die zouden een einde maken aan de subsidies, op kosten van de samenleving, die banken krijgen om zich in de schulden te steken.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant